Organisatie - 14 februari 2008

Medezeggenschap

Wij zijn verbaasd over de felle reactie van Dhr. Dijkhuizen (Resource 20 van 7 februari) op het voorstel van de centrale medezeggenschap over haar eigen herstructurering. Wageningen UR heeft een complexe structuur die lastig aan binnen- en buitenstaanders is uit te leggen. Omdat de medezeggenschap een afspiegeling is van de organisatiestructuren binnen WUR, is als gevolg daarvan de medezeggenschapstructuur eveneens complex. De huidige medezeggenschap bestaat voor WUR als geheel uit een Centrale Ondernemingsraad (COR) conform de Wet op de Ondernemingsraden, voor de universiteit uit een Gemeenschappelijke Vergadering (GV) en een Studentenraad (SR) conform de Wet Hoger Onderwijs & Onderzoek en voor VHL uit een Gemeenschappelijke MedezeggenschapsRaad (GMR).
Om deze structuur te vereenvoudigen is er door de bestuurder een werkgroep ingesteld met leden van de medezeggenschap (MZ) en staf om tot één centraal medezeggenschapsorgaan te komen. Deze route heeft juni 2007 tot een voorstel geleid, dat uiteindelijk niet haalbaar bleek. De GV en SR waren tegen: er was geen adequaat platform meer voor de universiteit en de studentenvertegenwoordiging was te weinig zichtbaar. Verder had de minister van LNV, Gerda Verburg, haar twijfels over de juridische haalbaarheid van dit voorstel.
Om tot een oplossing te komen heeft de MZ met instemming van de Raad van Bestuur een eigen initiatief genomen, resulterend in de voorgelegde nieuwe MZ-structuur met één centraal medezeggenschapsorgaan (CMO). Binnen een half jaar heeft dit geleid tot een model dat aanvaardbaar is voor álle centrale raden (al moet dat formeel nog bevestigd worden, in elk geval nog door de GMR).
Optisch mag er dan niet veel veranderd lijken, het concrete resultaat is één centrale raad waar alle WUR-brede onderwerpen in worden besproken. In deze raad zijn alle geledingen vertegenwoordigd. Daarnaast worden studenten, universiteit en VHL ieder nog goed gerepresenteerd in een eigen raad. Een kleine stap voor de medezeggenschap, maar een grote sprong voorwaarts voor wat betreft de integratie van de personeels- en studentenvertegenwoordiging én de integratie van VHL binnen WUR.
De grote voordelen van dit model zijn dat er effectiever en efficiënter vergaderd kan worden. Onderwerpen worden niet meer dubbel besproken, mensen hoeven niet meer in drie verschillende raden te functioneren en het totaal aantal personen in de centrale MZ is met tien procent gereduceerd. We hopen dat deze voordelen ook ingezien worden door de Raad van Bestuur. Wellicht kunnen we nog efficiënter werken. Wij gaan dat niet uit de weg.
Jammer vindt de MZ de wijze van reageren van dhr. Dijkhuizen, namelijk eerst publiekelijk in Resource voordat zijn visie met ons besproken is. Verder verwijst dhr. Dijkhuizen naar financiële zaken zoals Focus, de kosten en de begroting van de medezeggenschap etc. De medezeggenschap gaat uit van de afgesproken vergoeding voor zowel de centrale als decentrale medezeggenschap. Graag nodigt de gezamenlijke MZ de Raad van Bestuur uit om polemiek om te zetten in dialoog en in een gezamenlijke visie op wat we beiden willen bereiken met Wageningen UR.

Namens de medezeggenschap, Cees van Dijk (COR), Wiebe Aans (GV), Frederic Linardon (SR) en Hans Bezuyen (GMR) .

Re:ageer