Wetenschap - 14 februari 2013

Matige milieuprestatie Nederlandse rozenkwekers in Afrika

Te veel kunstmest, energieverbruik en bestrijdingsmiddelen. Werklui in de kassen zijn vaak slecht geïnformeerd.

Veel rozenkwekerijen in Ethiopië zijn van Nederlandse eigenaren.
Rozentelers in Ethiopië gebruiken te veel kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Dat geldt ook voor de Nederlandse rozentelers in Ethiopië, brengt een levenscyclusanalyse van Abiy Sahle aan het licht.
De rozenteelt was de afgelopen jaren booming business in Ethiopië. Op dit moment zitten er zo'n honderd rozentelers. De kleinste telen rozen op vijf hectare met plastic kassen, de grootste zijn maar liefst tweehonderd hectare groot. Ongeveer de helft van de bedrijven is in buitenlandse handen. Vooral Nederlandse tuinbouwers hebben de afgelopen jaren in Ethiopië geïnvesteerd. Als onderdeel van zijn masterstudie heeft Sahle, inmiddels afgestudeerd en werkzaam bij de Ethiopische exportorganisatie voor tuinbouwproducten, informatie verzameld van 21 rozentelers.
'Door de internationale concurrentie is duurzame productie een issue geworden', zegt Sahle. 'Daarom moeten de milieuprestaties van de bedrijven verbeteren.' Zijn  levenscyclusanalyse wijst uit dat de rozentelers veel kunstmest gebruiken, waardoor veel meststoffen wegspoelen in de bodem. Bovendien kost de productie van kunstmest veel energie. Verder zorgen vooral pesticiden en insecticiden voor giftige stoffen in het milieu. Deze zijn verantwoordelijk voor het leeuwendeel van de milieu­schade.
Informatiekloof
Het lokale transport van de bloemen naar de luchthaven, voor transport naar de bloemenveiling en afnemers in Europa, belast het milieu veel minder, schrijft Sahle met zijn supervisor José Potting in het wetenschappelijke tijdschrift Science of the Total Environment.
Bij de Nederlandse bedrijven is er een informatiekloof tussen de leiding en de werklui, constateert Sahle, die trainingsinstructeur op tuinbouwbedrijven is. De werklui in de rozenbedrijven hebben te weinig kennis over verantwoord gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Ze kennen het minimale gebruik voor een goede opbrengst niet. Wat de zaak compliceert is dat opgeleide werklui vaak van baan wisselen, zodat bedrijven geen kennis opbouwen en vasthouden.
Volgens Sahle zouden bedrijven het lagere kunstmestgebruik moeten uittesten in proefkassen en geïntegreerde gewasbescherming omarmen, zodat het gebruik van chemicaliën kan afnemen. Een andere optie is dat de Ethiopische telers, net als de Nederlandse, rozen op substraat gaan telen, zegt Sahle. Dan kan de kunstmest worden gerecycled.

Re:ageer