Wetenschap - 1 januari 1970

Marjan Noordhoek, Sectiehoofd Centrum voor Talenonderwijs, Wageningen

Marjan Noordhoek, Sectiehoofd Centrum voor Talenonderwijs, Wageningen

Marjan Noordhoek, Sectiehoofd Centrum voor Talenonderwijs, Wageningen


‘Wageningers hebben heus wel enige vaardigheid in het geven van Engelse
colleges’

Wie zit er niet af en toe met gekromde tenen te luisteren naar het Engels
van onze Nederlandse politici op internationale bijeenkomsten? 'Nou ja, als
ze me maar verstaan’, lijkt de achterliggende gedachte. ‘Dunglish’ noemt
Marjan Noordhoek, sectiehoofd van het Centrum voor Talenonderwijs (Centa)
in Wageningen het Engels dat de gemiddelde Wageningse docent en student van
niet-Angelsaksische afkomst spreekt.

,,In deze internationale organisatie zullen Nederlanders zowel als
buitenlanders er rekening mee moeten houden dat het Engels niet overal
klinkt zoals men het thuis heeft geleerd. Die verschillen ontstaan door het
gebruik van Brits-Engels, Amerikaans- en Australisch-Engels, regionale
dialecten en vakjargon.'' Zo reageert Noordhoek op de klachten van
buitenlandse studenten over het slechte, soms zelfs onverstaanbare Engels
dat docenten bezigen tijdens colleges.
,,Het verschijnsel is niet typisch Nederlands. Zo kennen we behalve
'Dunglish' ook 'Chinglish', dat wordt gesproken door mensen met een Chinese
taalachtergrond, die vanuit hun cultuur weer andere Engelse taalfouten
maken. De achtergrond speelt een hele grote rol voor ieder die een andere
taal leert spreken. Maar in het artikel in Wb (Wb 19, pagina 4, red.)
waarin de klachten over onverstaanbare docenten wordt verwoord, lijkt het
alsof de docenten er helemaal niks van brouwen en ik denk dat dat wel
meevalt. Wageningers zijn dikwijls in de gelegenheid in landen waar Engels
wordt gesproken te studeren of te werken en hebben heus wel enige
vaardigheid in het geven van Engelse colleges.’’
,,Daar staat tegenover, dat ongeveer vier jaar geleden professor Bert
Speelman het initiatief heeft genomen een Engelstalig taaltraject te
ontwikkelen, specifiek afgestemd op de docent van Wageningen UR, dat helaas
nog steeds niet heeft gefunctioneerd’’, aldus Noordhoek.
,,In de praktijk blijkt dat door de hoge werkdruk in verband met
reorganisaties en decentralisatie van budgetten voor taalondewijs het voor
docenten steeds moeilijker wordt tijd en geld vrij te maken voor
talencursussen. Het geld voor talencursussen is nu opgenomen in het totale
bedrag voor opleiding en vorming, dat gebaseerd is op 2% van de
personeelskosten. Het bedrag voor de talencursussen is daardoor min of meer
onzichtbaar geworden. Vroeger werd het bekostigd uit de centrale middelen,
nu bepaalt de hoogleraar/beheerder het bedrag dat hij wil besteden aan
taalonderwijs. Er bereiken ons verhalen waaruit blijkt dat er soms
problemen ontstaan bij het maken van goede keuzes bij de
opleidingstrajecten. Engels is slechts één van de cursussen waaruit de
hoogleraar kan kiezen en er zullen in zijn/haar ogen belangrijker
onderwerpen voor de leerstoelgroepen zijn dan Engels. Hierdoor ontstaat de
situatie dat docenten zich wel degelijk melden voor die Engelse
docentencursus, maar dat het er steeds te weinig zijn om rendabel van start
te kunnen gaan. Acht mensen is het minimum, anders wordt het te duur. Nu
begeleiden wij docenten op individuele basis maar uiteraard wel tegen
hogere kosten.’’
Noordhoek vervolgt: ,,Daar hebben we inmiddels wel wat op gevonden. In de
komende periode september/december start er een nieuwe cursus voor minimaal
zes personenen, onder de titel 'Presenting in English', die bestaat uit een
tijdsinvestering van drie cursusdagen verdeeld over verschillende weken.
Elke cursist geeft de derde cursusdag een presentatie van een deel van
zijn/haar college. Ze ontvangen daarbij een door Centa ontwikkelde lesmap
met voorbeelden van goede presentaties en oefeningen waarmee de valkuil
'Dunglish' kan worden voorkomen. Bovendien kan de map later als naslagwerk
worden gebruikt. Uit onderwijsevaluaties, ook door studenten, blijk dat de
docenten in ieder geval op Engels voldoende scoren en ik denk dat ze dus
snel 'bijgespijkerd' kunnen worden. Ik vind het niet fair dat de docenten
zo afgebrand worden.’’
Wel is het zo dat de docenten in het Engels geen of nauwelijks synoniemen
kennen en daardoor niet in staat zijn buitenlandse studenten, die ook
beperkt Engels spreken, op verschillende manieren een probleem uit te
leggen.
Dat er klachten zijn over onduidelijk Engels tijdens examens vindt
Noordhoek wel zorgelijk.
,,Dan kom je op juridisch terrein. Een student mag verwachten dat de taal
in examenopgaven éénduidig is. Het is misschien onvoldoende bekend, maar
wij kunnen tegen concurrerende prijzen (zonder BTW voor interne klanten)
tolk- en vertaalwerkzaamheden uitvoeren, dus ook examens in vreemde talen
corrigeren of vertalen. Dat zou al een stuk van de moeilijkheden oplossen.
Want als ik die klachten hoor denk ik: 'Nu oppassen universiteit!’ Als de
studenten gelijk hebben, kunnen ze met bewijzen in de hand bezwaar maken.
En dan heb je juridisch echt een probleem!’’

Lydia Wubbenhorst

Marjan Noordhoek: ,,Ik vind het niet fair dat de docenten zo afgebrand
worden.’’ | Foto Guy Ackermans

Re:ageer