Wetenschap - 1 januari 1970

Malaria mogelijk te bestrijden met bacteriën

Malaria mogelijk te bestrijden met bacteriën

Malaria mogelijk te bestrijden met bacteriën




De bestrijding van malaria kan anders en vooral beter, ontdekte een
Wageningse entomoloog. Een vergeten succesverhaal uit het midden van de
vorige eeuw zette hem om het spoor van een methode die zich niet richt op
de volwassen exemplaren, maar de larven van de malariamuskiet.

,,In de malariabestrijding is het al tientallen jaren een dogma dat je de
volwassen muggen moet aanvallen’’, zegt Bart Knols. ,,Dat blijkt uit
modellen die ooit zijn ontwikkeld.’’ Daarom richt
wereldgezondheidsorganisatie WHO zich op de verspreiding van bednets in
Afrika: klamboes die met insecticide zijn geïmpregneerd, en tegelijkertijd
mensen beschermen en muskieten doden. ,,Dat is niet de oplossing, vonden
wij.’’

Knols, die als visiting scientist is verbonden aan de leerstoelgroep
Entomologie, stuitte in de literatuur op een beschrijving van een malaria-
epidemie die op onorthodoxe manier in de kiem werd gesmoord. Dat geval
opende zijn ogen. ,,Vlak voor de tweede wereldoorlog werd Brazilië
getroffen door een malaria-epidemie’’, zegt Knols. ,,Achteraf zijn de
muggen waarschijnlijk via een stoomboot met postpakketten uit Senegal het
continent ingekomen. Daar vonden ze een biotoop waarin ze zich uitstekend
konden handhaven.’’
Eind jaren dertig zorgden de muggen - de Anopheles gambiae - voor een
nationale ramp. Op het hoogtepunt stierven dagelijks gemiddeld tachtig
mensen aan malaria. Toch lukte het de epidemie tot staan te brengen. In een
op militaire leest geschoeide operatie brachten de medewerkers van de in
allerijl opgerichte Malaria Service alle plekken in kaart waar de larven
van de muskiet zich ophielden, en besproeiden die met het aan arsenicum
verwante insecticide Paris Green. Binnen enkele jaren was de Afrikaanse
indringer uitgeroeid.

In een artikel in The Lancet Infectious Diseases beschreef Knols, met zijn
Keniaanse collega’s, wat malariabestrijders kunnen leren van het
Braziliaanse succesverhaal. ,,Kennelijk kun je de malariamug toch
bestrijden via zijn larven’’, zegt Knols. ,,Dat is trouwens wel vaker
gelukt. Ook in het Egyptische Nijldal is de malariamuskiet verdwenen door
de larven aan te pakken. Alleen kan dat tegenwoordig niet meer met giffen
als Paris Green. Daarvoor weten we te veel van de gevaren van
bestrijdingsmiddelen.’’ Tijdens de Braziliaanse operatie zijn mensen
overleden door blootstelling aan Paris Green.

Daarom deden Knols en zijn medewerkers van het Keniaanse International
Centre of Insect Physiology and Ecology proeven met biologische
bestrijdingsmiddelen. Met succes, want twee bacteriën waarmee de Duitse
overheid al vijftien jaar muggen in de overloopgebieden van de Rijn
bestrijdt, bewezen zich ook in Afrika als effectieve larvendoders. In een
studie die deze maand in Tropical Medicine and International Health
verscheen bleek dat tweehonderd gram van een bacteriepreparaat voldoende
was om een hectare van muskietenlarven te ontdoen.
,,De bacteriën scheiden eiwitkristallen uit die gaatjes maken in het
spijsverteringskanaal van de larven’’, legt Knols uit. ,,Maar ze zijn
alleen schadelijk voor tweevleugelige insecten. Voor alle andere organismen
zijn ze ongevaarlijk.’’ Door het ene jaar de ene, en het andere jaar de
andere bacterie te gebruiken kunnen malariabestrijders bovendien voorkomen
dat de larven resistent worden.

De onderzoeksgroep van Knols begint dit jaar een pilotstudy op een door
malaria geteisterd eiland in het Victoriameer. Knols hoopt dat de
resultaten de gemeenschap van malariabestrijders tot andere gedachten
brengen. ,,Ik stoor me eraan hoeveel geld er naar hightech malariaonderzoek
gaat’’, zegt Knols. ,,Ik vind dat het onderzoek naar genetisch
gemanipuleerde muggen beslist moet doorgaan, hoor. Maar of we daar ooit
iets aan zullen hebben moet je nog maar afwachten. Larvale bestrijding kun
je echter bij wijze van spreken morgen al toepassen.’’
Vooral in stedelijke gebieden, waar veel mensen worden blootgesteld aan
muskieten uit een beperkt aantal broedplaatsen, zou Knols’ methode moeten
werken, denkt de entomoloog. ,,Alles wat je nodig hebt zijn een paar mensen
met een spuitfles op hun rug. Die laat je dan om de twee weken de plaatsen
aflopen waar larven zitten. Dat moet toch te doen zijn?’’ |
W.K.

Re:ageer