Organisatie - 22 januari 2009

MOET VHL STOPPEN MET DE COMBIMAJOR?

Bij Van Hall Larenstein Velp hebben studenten deze week hun majorproject gepresenteerd. Voor het eerst werkten studenten van de drie studierichtingen daarbij samen. En daarover is niet iedereen even enthousiast. Een groepje studenten verzamelt handtekeningen tegen de zogeheten combimajor, en op internet is een moppersite actief. Moeten we dit experiment als mislukt beschouwen?

opinie_0_687.jpg
opinie_0_687.jpg

Foto: Karel Hulsteijn

Ad Koolen, docent Tuin- en landschapsinrichting en coördinator van de combimajor
‘Vorig jaar had het al de naam, maar dit jaar werken we voor het eerst echt met een combimajor. Ik ben er erg enthousiast over, het is fantastisch dat al die deuren tussen de instituten nu open gaan. Sommigen zijn bang dat het resultaat dan een eenheidsworst is, maar volgens mij brengt de combimajor juist verdieping. Onze studenten weten een beetje van heel veel zaken. Daardoor kunnen ze goed verbanden leggen, maar ze stappen ook makkelijk over dingen heen. In deze combimajor kan dat niet. Als studenten van Bos- en natuurbeheer bijvoorbeeld ergens een eco-corridor moeten ontwerpen, dan kunnen ze dat prima. Maar nu zeggen de studenten Land- en watermanagement: wacht even, zo’n corridor heeft wel gevolgen voor de landbouw. Het gaat om praktische gerichtheid. Het plan wordt er beter van en de studenten uiteindelijk ook.
Natuurlijk, het is een pilotproject en er zitten wel wat smetjes op. De begeleiders vanuit de studierichtingen waren niet goed voorbereid, dat moet volgend jaar beter. Ik kan me de reactie van de studenten die hun hakken in het zand zetten best voorstellen. Maar ik heb zeker niet het gevoel: dat was eens en nooit weer.’

Mark Meijerink, student Bos- en natuur- beheer
‘Ik vind die combimajor een heel kwalijke zaak. In het begin van de opleiding was ons beloofd dat we met de major verdieping in de studie zouden krijgen. In plaats daarvan snuffelen we nu aan de stof van andere studierichtingen. Dat is zeker geen verdieping en het voegt voor mij niets toe. De landschapsarchitecten bekijken vooral het uiterlijk van een ontwerp, dat zouden wij zelf ook kunnen. En de watermanagers houden zich bezig met water, dat doen wij ook.
Daar komt nog bij dat de hele organisatie een rommeltje was. Ineens bleek dat er buitenlandse studenten meedoen en dat alles in het Engels moet. Ook presentaties, terwijl ons dat helemaal niet van tevoren was verteld.
Als ludieke actie ben ik op internet de hyve combi-major-sucks begonnen. Meer om lekker met elkaar te mopperen dan om er echt iets aan te veranderen. Ik heb ook mijn naam onder de petitie gezet die we als studenten aan willen bieden. Het is zelfs al zover dat studenten van Land- en watermanagement een extra minor hebben afgedwongen, als goedmakertje. Dat geeft toch wel iets aan, als studenten om extra leerstof gaan vragen. Eigenlijk zouden we allemaal ons collegegeld terug moeten krijgen.’

Josine van der Loop, student Tuin- en landschapsinrichting
‘Het is een leuk idee, maar het liep niet altijd soepel en dat ging wel ten koste van de kwaliteit. We kregen een opdracht en verder moesten we het zelf maar uitzoeken. Er was heel weinig begeleiding en daardoor ging het juist weer botsen tussen de verschillende richtingen. In onze groep viel dat gelukkig wel mee. Het was wel lastig om alles te organiseren. Wij konden ons helemaal concentreren op de combimajor, maar de mensen van Land- en watermanagement hadden bijna continu les en ze hadden ook nog een paar andere grote opdrachten naast dit project. Dat is niet handig, dat zou de volgende keer echt beter kunnen.
De combimajor moet wel blijven. Je krijgt niet meer verdieping in je eigen vakgebied, maar het is wel vernieuwend om te zien hoe anderen vanuit hun vakgebied tegen een probleem aan kijken. Ik kijk vooral naar vormgeving, terwijl iemand van Bos- en natuurbeheer veel meer naar de inhoud kijkt. Het is goed om op die manier te leren samenwerken. In de praktijk zul je na je studie ook samen moeten werken met mensen vanuit verschillende vakgebieden.’

Charlotte Rauwenhoff, opdrachtgever en directeur Landgoed Tongeren
‘Het was best lastig om een opdracht te formuleren waar studenten uit alle drie de richtingen zich in vast konden bijten. Uiteindelijk zijn er drie groepjes aan de slag gegaan. Landgoed Tongeren is aangewezen als verdroogd gebied, en tegelijkertijd willen we graag de landbouw behouden als drager van het landschap. Ik heb de studenten gevraagd uit te zoeken bij welk grondwaterniveau landbouw rendabel is, en welke natuurwaarden je daarbij kunt bereiken. Verder hebben ze bekeken wat het voor het landschap, de landbouw en de natuur betekent als je een stuk bos kapt om zo de oorspronkelijke esgronden te herstellen. En tot slot is een groep bezig geweest met een plan om aan de zuidkant van het landgoed, waar we natte natuur willen hebben, recreatieve en educatieve activiteiten te starten.
De resultaten heb ik nog niet, maar ik heb wel hele enthousiaste verhalen van studenten gehoord. Ik heb de indruk dat ze het leuk vinden om eens in de keuken van de ander te kijken, zodat ze beter begrijpen hoe mensen vanuit een ander vakgebied werken.’

Hans van Rooijen, opleidingsdirecteur Bos- en natuurbeheer
‘We hebben de combimajor geïntroduceerd om studenten vanuit verschillende invalshoeken naar een probleem te laten kijken. Natuurlijk levert dat frictie op tussen de verschillende opleidingsculturen, daar kozen we bewust voor. Het hele project is sterk gericht op communicatie, zowel met de opdrachtgever als met elkaar. Als je iets wilt realiseren, zul je moeten communiceren. Ik geef toe dat wij het wat dat betreft niet altijd goed hebben gedaan. Zo hebben we niet van tevoren aangegeven dat er internationale studenten mee zouden doen, zodat de lessen in het Engels waren. Daar leren wij ook weer van. We hebben dit project net als alle andere projecten geëvalueerd en we zullen de resultaten daarvan bespreken met studenten en docenten. Ik trek voor een deel het boetekleed aan, want het kon beter. Het ene jaar gaan de studenten daar wat flexibeler mee om dan het andere jaar.’

Re:ageer