Organisatie - 12 maart 2009

MOET UNIVERSITAIR ERFGOED BEWAARD BLIJVEN?

Wageningen UR gaat De Dreijen verlaten. Samen met de gemeente wil de instelling het achterblijvende terrein op de Wageningse berg ontwikkelen. Wat moet er met het gebied en de gebouwen gebeuren? En vooral: heeft Wageningen UR een morele plicht om zoveel mogelijk van haar eigen culturele erfgoed te behouden?

opinie_0_739.jpg
Johan Feenstra, medewerker Omgevingswetenschappen en stuwende kracht achter het idee voor een ecowijk op De Dreijen
‘Ik vind dat Wageningen UR zeker een verantwoordelijkheid heeft om een deel van het terrein te behouden. Zeker het arboretum en het gebouw met de klok. Het zijn allemaal gebouwen die door rijksgebouwenmeesters in verschillende perioden zijn ontworpen. Dat er nu drie gebouwen zeker al gesloopt worden is een gemiste kans. Zeker van de Dreijenborch is bewezen dat het cultuurhistorisch van groot belang is. WUR heeft intern onderzocht of er mogelijkheden zijn voor behoud. Die kansen zijn niet goed, maar ik vind de inspanning te mager.
In de intentieovereenkomst met de gemeente Wageningen ligt vast dat ‘maximalisatie van de opbrengst’ een doelstelling is. Dat vind ik te kort door de bocht. Er zijn ook andere doelstellingen mogelijk. Onze intentie is om samen met Wageningen UR en de gemeente een ecowijk te ontwikkelen. Met de kennis die Wageningen in huis heeft op gebied van sanitatie en duurzaamheid. Een soort visitekaartje voor zowel Wageningen UR als de gemeente: dit kunnen we op gebied van duurzaamheid.’

Dr. Jan Bieleman, universitair hoofddocent bij de leerstoelgroep Agrarische Geschiedenis.
‘De Dreijen is de bakermat van de landbouwwetenschap, het was de trots van de Nederlandse landbouw. Wageningen heeft er veel roem mee vergaard. Ook de voorbeeldfunctie die de Nederlandse landbouw internationaal heeft gehad is voor een deel daar gemaakt. Zelf ben ik hier in 1970 gekomen en ik heb veel les gehad in het wiskunde- en het scheikundegebouw. Er liggen dus ook persoonlijke herinneringen.
Ik begrijp dat er mooie en vooral dure huizen gebouwd kunnen worden, maar ik vind dat er niet genoeg geprobeerd is een passende nieuwe bestemming aan de gebouwen te geven. Het kapitaal regeert, en men sluit de ogen voor andere waarden. Deze beslissing past in een breder kader. Het opheffen van de Leeuwenborchbibliotheek gebeurt zonder overleg met de leerstoelgroepen. Ik vrees dat daarbij veel verloren zal gaan. Ook is vorig jaar het landbouwmuseum definitief opgeheven. We hadden daar een van de mooiste collecties over landbouwtechniek. Langzaam verdwijnt zo ons agrarisch erfgoed.’

Ir. Harry Harsema, landschapsarchitect, werkzaam bij Grafisch Atelier Wageningen in het Schip van Blaauw. Auteur van ‘Gids voor architectuur, landschapsarchitectuur en stedenbouw van de Wageningse Berg’
‘De universiteit gaat voor winstmaximalisatie, maar dat is kortetermijndenken. Eeuwig zonde. Dit gebied is van internationale allure. Wageningen stond vroeger bekend als arboretumstad. De Dreijen is met het ernaast gelegen Hinkeloord een uniek complex van architectuur en landbouwkundig onderzoek. Op Hinkeloord werden bijvoorbeeld de bloembollen ontwikkeld en daar staan de eerste laboratoria. Het gebied heeft Nederland destijds miljarden opgeleverd.
Dit gebied heeft een bovenlokale betekenis. Je moet het zien als een onderdeel van de strook van landgoederen die op de heuvelrand van Utrecht tot voorbij Arnhem loopt. In recreatief opzicht goud waard.
Ik vind dat het arboretum een kroonjuweel is dat moet worden behouden en ontwikkeld. Dan moet je ook meteen doorpakken. De Dreijenborch is verkozen tot mooiste wederopbouwgebouw van Gelderland. De gemeente zou er haar stadskantoor van kunnen maken, dan kan het rotgebouw op de stadsbrink eindelijk weg. De casco van de Dreijenborch is erg geschikt voor andere doeleinden.
Ik vind dat Wageningen UR zeker de morele plicht heeft om dit erfgoed te behouden. Ze zeggen dat ze met het heden bezig zijn, maar je begrijpt dingen beter als je de ontwikkeling door de tijd heen ziet.’

Ir. Femke Dolstra, bosbouwkundige en werkzaam bij ingenieursbureau voor bos- en natuurbeheer Silve, gevestigd in de voormalige beheerderswoning van de botanische tuin
‘Ik kwam hier voor het eerst in 1996, tijdens de open dag van de universiteit op De Dreijen. Het was nou niet dat je zegt: wat een uitnodigend terrein. Het is eigenlijk een grijze soep. Dat Biotechnion, het Transitorium. Maar van het arboretum moeten ze afblijven. Ik maak er elke dag gebruik van om mijn hond uit te laten. Het park wordt veel gebruikt. Veel mensen, schoolklasjes, Het Groene Wiel dat hier natuurlessen geeft. Het ligt een beetje dichterbij de stad dan Belmonte. En verder heeft Wageningen niet zoveel groen.
De echt historische gebouwen zijn al uit handen gegeven. Hinkeloord, het Schip van Blauw. Van mij zouden het scheikundegebouw, het gebouw met de klok en de botanische tuin moeten blijven. Maar voor de rest is het een vrij leeg terrein. Het kan alleen maar beter worden. Zo’n ecowijk lijkt me wel op zijn plaats hier. Dat vind ik wel passen in de traditie van Wageningen.’

Prof. Anke Niehof, hoogleraar Sociologie van consumenten en huishoudens. Haar leerstoelgroep is verhuisd van de Dreijenborch naar de Leeuwenborch
‘Ik vind het verschrikkelijk dat de Dreijenborch gesloopt wordt. Het heeft onlangs nog de publieksprijs gewonnen voor het beste wederopbouwgebouw van Gelderland. Helaas heeft de gemeente ervoor gekozen om het niet tot monument te benoemen, en daardoor is de weg naar sloop vrij.
Ik heb meer dan tien jaar in de Dreijenborch gewerkt en ik vond het een heel fijn gebouw. Er zijn veel verschillende soorten ruimtes, geen standaard hokjes naast elkaar. Het is erg licht en ik heb altijd met veel plezier lesgegeven in de grote collegezaal. Bovendien ligt het prachtig. Met de sloop gaat fysiek en cultureel kapitaal verloren. Ik vind dat de bestuurders de culturele waarde als criterium moeten meenemen bij dit soort beslissingen. Niet alleen vierkante meters en euro’s zijn belangrijk. Bestuurders hebben nou eenmaal de natuurlijke neiging om nieuwe hardware te maken, om hun eigen voetafdruk na te laten. Het wil er bij mij ook niet in dat opknappen zoveel duurder is dan slopen en opnieuw bouwen. Je moet kijken met een bredere visie dan die van een boekhouder.’

Re:ageer