Wetenschap - 26 februari 2015

Luisteren en samenwerken leidt tot duurzame haven

tekst:
Joris Tielens

De kans op een duurzaam aangelegde haven is groter als de overheid niet te sturend optreedt, internationale bedrijven de kans krijgen te innoveren, én er geluisterd wordt naar lokale belangen.

Door globalisering en privatisering van havenbedrijven  is in veel landen de rol van de overheid  afgenomen bij het aanleggen van havens, en zijn steeds vaker internationale  bedrijven aan zet.  Denk bijvoorbeeld aan de Nederlandse baggeraars Boskalis of Van Oord, of het geprivatiseerde Havenbedrijf  Rotterdam dat investeert in  havens elders in de wereld. 

Milieusocioloog Dorien Korbee  concludeert in haar proefschrift dat die internationale bedrijven vaak  een positieve bijdrage leveren aan  de duurzaamheid van de aanleg van havens. De bedrijven nemen kennis  mee over duurzaamheid die er in veel landen nog niet is. Nederlandse bedrijven kiezen ook voor duurzaamheid  om te kunnen concurreren  met aannemers uit bijvoorbeeld  China. Korbee keek vooral naar het  idee van bouwen met de natuur,  waarbij de omgeving niet aangepast wordt aan het ontwerp, maar waarbij  de ecologie juist uitgangspunt is  bij de aanleg van de haven.  Meeste kans op een duurzame  aanleg van havens, zegt Korbee, is er als verantwoordelijkheden binnen  het project gedeeld worden  door zo veel mogelijk partijen en  verschillende gezichtspunten aan  bod komen in plannen en in uitvoering.  Korbee noemt dit een ‘open  arrangement’.

De aanleg van de  Tweede Maasvlakte in Rotterdam is  zo’n voorbeeld. ‘De overheid heeft  daarbij samengewerkt met veel verschillende  partijen. Vergunningen  werden tegelijkertijd met de plannen  gemaakt, waardoor ze flexibel op elkaar afgestemd werden en er ruimte was voor innovatie vanuit  bedrijven.’ Die opzet van het proces  maakte ook inbreng mogelijk van  milieuorganisaties en omwonenden.  In een meer hiërarchische opzet,  zegt Korbee, stuurt de overheid  meer en worden bedrijven pas betrokken  bij de uitvoering. Een voorbeeld  van zo’n minder open aanpak  was die in Melbourne, Australië. ‘De overheid zag de uitbreiding van  de zeehaven als een technisch ontwerpvraagstuk.  Zorgen over milieu  of sociale gevolgen werden als ondergeschikt  gezien en aanvankelijk  niet meegenomen.’ Uiteindelijk  heeft de bouw een aantal jaren stil  gelegen door protesten van omwonenden  en ngo’s. De les: neem vanaf  het begin alle belangen serieus.  Aanbeveling voor aannemers is om  voordat ze een opdracht aannemen, te onderzoeken of het ontwerp  naast technisch uitvoerbaar, ook  geaccepteerd wordt door omwonenden  en milieuorganisaties.  De studie van Korbee is gefinancierd  door de stichting Ecoshape,  een innovatieprogramma waarin 21 promovendi onderzoek doen naar  bouwen met de natuur. Ecoshape  wordt mede-gefinancierd door Boskalis  en Van Oord.



Re:ageer