Wetenschap - 1 januari 1970

‘Liever een gangbare koe’

3

Zeg ‘dierenwelzijn’ en de meeste mensen denken meteen aan misstanden in de gangbare veehouderij. Maar volgens hoogleraar Dier en maatschappij prof. Elsbeth Stassen is het leven van een biologisch landbouwdier niet per definitie prettiger. En ze ziet ook veel problemen bij gezelschapsdieren. ‘Een hond die overdag altijd alleen thuis zit, is slechter af dan menig varken.’

Prof. Elsbeth Stassen. / foto Guy Ackermans

De manier waarop we in Nederland denken over de omgang met dieren is sterk aan het veranderen. Volgens Stassen, die hierover vorige week haar oratie hield, komt dat mede doordat het aantal gezelschaps- en hobbydieren stijgt en het aantal landbouwhuisdieren daalt. ‘Het aantal mensen met een huisdier is nu al tien keer zo hoog als het aantal mensen met productiedieren. Die tendens zet door. In Nederland worden nu 31 miljoen gezelschapsdieren en 5,5 miljoen hobbydieren gehouden. De helft van de huishoudens heeft een huisdier en in de huishoudens met kinderen is dat zelfs 77 procent’.
Doordat mensen een sterke binding hebben met hun huisdier en deze steeds vaker als een onderdeel van het gezin beschouwen, veranderen de denkbeelden over dierenwelzijn. Ook de gestegen welvaart, toegenomen vrije tijd, verstedelijking, vervreemding van landbouw en natuur en voortschrijdende individualisering dragen hieraan bij.

Klein kommetje
‘Mensen accepteren het niet als ze aangesproken worden op de verzorging van hun huisdier. Maar houden wel een goudvis in een klein rond kommetje of een cavia in een kooitje midden in een kamer. Burgers vragen massaal om vaccinatie tegen veeziekten, terwijl maar slechts 35 procent van de katten en 65 procent van de honden de noodzakelijke inentingen krijgen. Het is ambivalent, maar weerspiegelt ook het verschillend perspectief van waaruit mensen dierenwelzijn bekijken en hun relatie met dieren beleven’, aldus Stassen.
Traditioneel werd in de veehouderij geredeneerd dat zolang een dier een goede productie heeft, het biologisch goed functioneert en het welzijn dus in orde is. Anderen bekijken dieren vanuit een menselijk perspectief, waarbij zij hun eigen gevoelens op het dier projecteren.
‘Een eigenaar die regelmatig roomboterkoekjes aan zijn hond of kat voert, kan redeneren dat het dier het fijn vindt en zich toch lekker voelt’, zegt Stassen. Dat zulke voeding slecht voor de gezondheid van het dier komt niet bij hen op. ‘Nu al blijkt 44 procent van de honden en 35 procent van de katten aan overgewicht te lijden door verkeerde voeding en te weinig beweging.’
Als derde perspectief noemt Stassen het natuurlijkheidsbeginsel, waarbij er vooral belang gehecht wordt aan het natuurlijke gedrag. ‘Dat de grote grazers in de Oostvaardersplassen hun volledige gedragspatroon kunnen uitoefenen is positief voor het dierenwelzijn. Keerzijde is dan wel dat de dieren soms over een langere periode van het jaar door een gebrek aan voedsel honger lijden en doodgaan’, constateert Stassen nuchter.

Klauwproblemen
Behalve dat het welzijn van landbouwhuisdieren vaak door verschillende brillen wordt bekeken, is er volgens de hoogleraar ook sprake van onterechte beeldvorming in de media. ‘Biologische veehouderij zou beter zijn voor dieren dan de gangbare systemen. Ik denk dat die redenering niet in het algemeen opgaat. Negatieve aspecten van de biologische veehouderij lijken niet benoemd te mogen worden, maar die zijn er wel degelijk. Er is meer uitval van dieren en er zijn slechts beperkte mogelijkheden om zieke dieren te behandelen.’

‘Vroeger wist iedereen: een paard dat alleen staat wordt zuur’
‘Als ik mag kiezen dan ben ik liever een gangbare koe’, zegt Stassen. ‘Klauwproblemen zijn het grootste welzijnsprobleem bij koeien. Op een ecologisch bedrijf is de koe dan niet beter af, want ook in deze sector zijn de meeste stalvloeren van beton. Zo’n koe loopt dan wel iets vaker buiten, maar als je de winter meerekent brengt ieder koe nog steeds de meeste tijd in de stal door. Een koe op een ecologisch bedrijf mag jaarlijks maar twee keer een antibioticabehandeling ondergaan. Als je dus een keer uierontsteking hebt gehad en daarna een andere infectie krijgt, dan ben je uitbehandeld en heb je pech.’
Het idee hierachter - minder medicijnengebruik, robuustere veerassen gebruiken - vindt Stassen wel goed, maar voor de individuele koe kunnen zulke regels raar uitpakken. Het zou daarom volgens Stassen goed zijn als er objectievere beoordelingen komen over de gevolgen van verschillende productiesystemen voor dierenwelzijn. Zeer positief is ze over een project waarbij burgers, veehouders, wetenschappers en mensen uit het bedrijfsleven samen een nieuw melkstalconcept ontwikkelden. ‘Zo verbind je kennis van veehouderijsystemen met kennis en denkbeelden over de omgang met dieren.’

Eenzame paarden
Van de meeste dieren is volgens haar eigenlijk wel bekend welk gedrag ze in ieder geval moeten kunnen uiten om niet gefrustreerd te raken, waardoor later geheid welzijnsproblemen optreden. ‘Een kip moet kunnen scharrelen en krabben, een varken moet kunnen wroeten en een paard kan niet tegen eenzaamheid. Je hoeft maar naar een paard te kijken dat ergens alleen in de wei staat en dan zie je het al. Zo’n paard staat er verloren bij, laat het hoofd hangen en lijdt aan langdurige stress. Vroeger wist iedereen dat: een paard alleen wordt zuur. Als twee paarden te duur waren werd er een geit bij gezet. Een paard kan zich ook goed hechten aan een geit. Het kunnen soms heel simpele oplossingen zijn.’
Ook veel gezelschapsdieren lijden volgens Stassen onder eenzaamheid. ‘Mijn advies is dan niet om er meteen twee te nemen, maar om er nog eens extra bij stil te staan of het wel verstandig is een dier te nemen en welk dier echt bij je situatie past. Regelmatig kiezen mensen een hondenras omdat ze het mooi vinden. Een Jack Russell is bijvoorbeeld een heel populaire hond, maar ook een heel pittig hondje. Die honden hebben een heel consequente baas nodig en dat zijn die mensen vaak juist niet.’

Niet zielig
De grote grazers in de Oostvaardersplassen, waar heckrunderen, konikpaarden en edelherten zijn geïntroduceerd om het gebied te beheren, noemt Stassen een specifiek probleem. ‘Het uitgangspunt voor dit gebied is dat het een natuurlijk systeem is, waar de mens dus ook bij ziektes of honger van de dieren niet ingrijpt. De dieren kunnen niet weg, er staat een hek omheen en er zijn geen grote predatoren die zieke of zwakke dieren kunnen opruimen. De beheerder van het gebied grijpt nu in bij onnodig lijden van de dieren. De laatste jaren komt een nieuw probleem naar voren: paarden en ganzen vreten het gras zo kort af, dat er geen eetbaar gras voor de heckrunderen overblijft, doordat die dieren het gras met de tong grijpen omdat ze geen boventanden hebben.’
Het gebied heeft zich volgens haar zo ontwikkeld dat het minder geschikt geworden is voor de runderen. Het is dan te overwegen in te grijpen in plaats van af te wachten tot ze vanzelf uitsterven. ‘Niet omdat het zielig is. In de natuur heb je altijd goede en slechte tijden. Dat is onderdeel van de natuur. Maar als je iets weet, heb je wel de morele verantwoordelijkheid daar iets mee te doen.’

Gert van Maanen

Re:acties 3

  • Martijn

    De leeftijd dat koeien hebben bij verkoop aan de stachterij is geen norm voor om de gezondheid van vee mee te meten.
    Hierin spelen veel economische/markt veranderingen in mee.

    Reageer
  • huibert

    Opnieuw speelt het onderbuik gevoel een grote rol Egberjan biologische koeien worden gem 26 dagen ouder dan gangbaar ( bron crv)en als je in ogenschouw neemt dat de productie een stuk lager ligt hebben gangbare koeien het blijkbaar beter

    Reageer
  • Egbertjan

    Hallo,

    Goed verhaal, echter vind ik het punt, dat vee op een biologisch bedrijf vaak slechter af zijn, erg kortzichtig. Eens dat biologisch vee in dezelfde stallen lopen, alleen worden de dieren (uit eigen ervaring) gemiddeld 2,5 tot 3 jaar ouder, hebben nagenoeg geen klauw problemen, minimale ontstekingen in het uier, en dat in 'dezelfde' huisvesting. Persoonlijk vind ik dat er nagenoeg geen verschil zit in het dierwelzijn tussen gangbaar en biologisch, alleen de benadering ligt genuanceerder. (uitzonderingen op de regel heb je altijd)

    Reageer

Re:ageer