Student - 30 november 2006

Liever bij Ceres dan ‘in een verbouwde kroeg’

Deze zomer verhuisde Nji Sri van Deventer naar Wageningen. De vereniging van hogeschoolstudenten opende een nieuwe sociëteit in voormalig Café Peer. Herendispuut Ardjoena brak echter met de vereniging en sloot zich aan bij het Wageningse corps Ceres. Op visite bij de eigenwijze heren in hun nieuwe dispuutshuis boven de videotheek aan de Bergstraat.

Leden van herendispuut Ardjoena met boven (vlnr) Wiebe, Frank en Stijn. Midden op de bank zit Evert.
Leden van herendispuut Ardjoena met boven (vlnr) Wiebe, Frank en Stijn. Midden op de bank zit Evert.

Foto: Guy Ackermans

Bezoekers van Club Isabelle, zoals het huis van Ardjoena is gedoopt, dienen zich bij binnenkomst in te schrijven in het gastenboek onder aan de trap. Boven verzamelen enkele Ardjoenaleden, gekleed in pak en stropdas, zich in de ruime kamer van Frank. Daar staan een leren bank en twee grote fauteuils. Aan de muur hangt de beeltenis van Ardjoena, een held uit de Oosterse mythologie.
Op de vraag hoeveel dispuutsleden er zijn, antwoordt Frank: ‘We hebben honderdvijftig leden van wie er twaalf studeren. Maar een aantal is in Deventer achtergebleven, die zijn bezig met afstuderen.’ Niet alle negen huisbewoners in Wageningen zijn Ardjoenalid. ‘We zijn hier met vijf leden’, zegt Stijn, die net binnenkomt. ‘De anderen zijn aspirant-leden, die moeten zich nog bewijzen. Noem het maar ontgroening. Dat kan een maand duren, maar ook een half jaar. Je krijgt die mooie das niet zomaar.’
Ardjoena was voor de zomervakantie nog onderdeel van Nji Sri. De verhuizing van Van Hall Larenstein en de vereniging naar Wageningen, zorgde voor onenigheid. ‘Toen we wisten dat we naar Wageningen moesten verhuizen is meteen een commissie opgezet om naar de toekomst van Nji Sri te kijken’, vertelt Evert, voorzitter van het dispuut. ‘Uiteindelijk is ervoor gekozen onderdeel te worden van Ceres. Maar toen is er toch een groep gaan onderhandelen met Café Peer en Bavaria. Vlak voor de vakantie werd het plan gepresenteerd om autonoom verder te gaan. Maar wij hebben als dispuut gekozen om wel onderdeel te worden van Ceres.’
Binnen Nji Sri heerste enkele weken een hevig conflict. De ruzie was ook voor buitenstaanders te volgen. In het gastenboek op de website van Nji Sri werd flink met modder gegooid. ‘Tja, het werd wel wat gedramatiseerd. En in tijden van oorlog is er meer toegestaan’, zegt Stijn. ‘Het geeft denk ik vooral de bevlogenheid weer’, vult Wiebe aan. ‘Het kan ons echt iets schelen.’
Nu is de omgang met hun voormalig verenigingsgenoten wat genormaliseerd. Evert: ‘Er zijn wel wat personen waar ik even geen zin meer in heb, maar met de meeste praat ik gewoon. Er komen hier ook wel eens Nji Sri-leden een biertje drinken, hoor.’
Van de keuze voor Ceres hebben de heren nooit spijt gehad. ‘De mores binnen een corps, die passen bij ons’, zegt Frank. ‘Ik heb geen zin om in een verbouwde kroeg mijn studententijd door te brengen. Ceres heeft ook een heel breed scala aan activiteiten, van toneel tot een jachtgezelschap.’
Om toch voldoende binding te houden binnen het dispuut is naar een gezamenlijk huis gezocht. ‘We zijn er de hele zomer druk mee geweest’, zegt Evert. ‘Afgestudeerde leden van ons dispuut hebben ons geholpen. Er is een speciale stichting opgericht, Stichting Onderdak Ardjoena. Die is nu eigenaar van het huis.’ De dispuutsleden zijn erg blij met hun nieuwe huis, en niet alleen vanwege de woonruimte. ‘Bij Ceres heerst wel een kastencultuur’, zegt Frank. ‘Wil je een beetje overkomen, dan moet je een huis hebben.’
De dispuutsleden hebben nog aardig verbouwd, blijkt bij een rondgang door het huis. ‘Het waren allemaal hele grote ruimtes. We hebben er zelf met gipsplaten kamers in gebouwd’, vertelt Frank. De studenten hebben een ruime keuken en huiskamer, en er is ook nog een groot dakterras. Omdat de jongens graag indruk maken, was daarop een jacuzzi gepland. ‘Maar dat gaat voorlopig niet lukken, zegt Frank. ‘Misschien wilden we iets te veel.’

Re:ageer