Wetenschap - 11 december 2013

Lichaam regelt zelf vetopname

tekst:
Rob Ramaker

Een lichaamseigen eiwit regelt hoeveel vet wordt verteerd en opgenomen uit voedsel. Mogelijk voorkomt het lichaam zo dat overvloedig vet schade aanricht.

Dit ontdekte het onderzoeksteam van Sander Kersten, hoogleraar Moleculaire voeding, met behulp van muizenexperimenten. Dieren waarbij het eiwit Angptl4 ontbrak, hoopten meer vet op dan normale muizen die hetzelfde vette dieet aten. Hij schrijft hierover in het tijdschrift Molecular metabolism.

Kersten denkt dat het mechanisme ontstond om te voorkomen dat ophopend vet de darmwand beschadigt. ‘Dat is voorlopig speculatie,’ zegt hij, ‘maar andere weefsels hebben soortgelijke regelsystemen.’ Cellen van de darmwand hebben namelijk een maximale snelheid waarmee ze vet kunnen doorgeven aan het bloed. Komt er meer vet dan deze limiet dan hoopt het op, met mogelijk schadelijke gevolgen. Kersten: ‘Het is dan gunstig om de vertering stil te leggen.’ Het onverteerd vet kan niet worden opgenomen en verlaat het lichaam.

De ontdekking maakt weer iets verder duidelijk hoe ons lichaam voedsel verwerkt. Hierbij is vooral ‘het concept dat de vetvertering vanuit het lichaam zelf wordt gereguleerd,’ zegt Kersten, ‘volstrekt nieuw.’ Want opvallend genoeg bestond er al wel een medicijn met dezelfde werking. Het afslankmiddel Orlistat, of 'Alli', remt de vetvertering en –opname. Met het middel wordt overigens ook een vetarm dieet aanbevolen. Kersten: ‘Veel vet verliezen via je ontlasting is niet prettig.’

Toekomstig onderzoek moet duidelijk maken in hoeverre inzichten van de muis zijn te vertalen naar de mens. ‘Dat is altijd moeilijk te voorspellen,’ zegt Kersten. Voor dit experiment maakte hij muizen die het Angptl4-eiwit niet konden maken. Deze kregen vervolgens een vetrijk dieet te eten. Hoewel ze net zoveel aten als gewone muizen, kwamen ze veel sneller aan. Vooral de vetmassa nam snel toe. Om dit te testen bij de mens zou Kersten graag een aantal individuen vinden die door een fout in hun erfelijk materiaal geen werkzaam eiwit maken. Kersten: ‘Dat wordt pas makkelijk te doen als bij veel mensen het erfelijk materiaal is opgehelderd.’

Toevallig publiceert Kersten tegelijkertijd nog een onderzoek naar Angptl4. Bij de nierziekte nefrotisch syndroom blijkt het eiwit verantwoordelijk voor een van de nadelige symptomen: een verhoogde vetconcentratie in het bloed. Kersten liet dit samen met enkele Amerikaanse nefrologen zien in het tijdschrift Nature medicine. Hij vindt het zelf ook opmerkelijk dat er nog allerlei nieuwe facetten te ontdekken zijn aan het eiwit: ‘We werken namelijk sinds de ontdekking aan het eiwit Angptl4.’ Toch is het echte enthousiasme over deze nieuwe onthulling al weer even geleden: ‘De echte beloning krijgen onderzoekers wanneer ze in het laboratorium met iets onverwachts komen.’


Re:ageer