Wetenschap - 21 maart 2002

Leger moet luisteren naar hulporganisaties

Leger moet luisteren naar hulporganisaties

Sinds het einde van de koude oorlog vormen humanitaire operaties een hoofdtaak van de Nederlandse krijgsmacht. Het leger ondersteunt daarbij het werk van civiele hulpverleners in gebieden waar oorlog huisgehouden heeft. Maar de samenwerking tussen militairen en hulporganisaties kan beter, denkt promovenda Myriame Bollen.

Myriame Bollen, docent bij de Koninklijke Militaire Academie, onderzocht de samenwerking tussen leger en hulporganisaties en concludeert dat de inzet van het leger afhankelijk moet zijn van de behoefte van hulporganisaties en VN-organisaties. Die zijn vaak eerder op de plek des onheils en hebben betere contacten met bijvoorbeeld de lokale overheid. Het leger is minder flexibel omdat het pas na een formeel politiek akkoord kan beginnen. Bovendien ontbreekt het de krijgsmacht aan ervaring in humanitaire hulpverlening. Hulporganisaties moeten volgens Bollen dan ook de leiding nemen in de samenwerking, liefst op een informele manier. Formele structuren voor samenwerking zijn er genoeg, maar volgens Bollen kan juist informeel contact tussen hulpverleners en militairen vertrouwen bouwen. Bollen adviseert het leger alleen ondersteunend te werken en niet zelf humanitaire expertise op te bouwen. Wel moeten de militairen volgens haar beter leren samenwerken. Dat kan door beter uit te zoeken wie wat doet in het rampgebied.

Dat gebeurde al goed in Albani?, waar Nederland in 1999 550 militairen naartoe stuurde. Daar besloot de legercommandant zijn hulpverlenende soldaten onder te brengen in een kantoor van hulpverleners in de stad Tirana, en niet achter prikkeldraad in het hoofdkwartier. Door de dagelijkse samenwerking met hulpverleners konden die militairen snel doorgeven welke actie nodig was. Een geslaagd experiment, zegt Bollen, dat navolging verdient. | J.T.

Myriame Bollen promoveert op 22 maart bij prof. Georg Frerks, hoogleraar rampenstudies bij WU, en prof. Joseph Soeters, hoogleraar organisatiesociologie bij de KUB en hoogleraar sociologie bij de Koninklijke Militaire Academie.

Re:ageer