Wetenschap - 9 oktober 2009

Leerproces voor ganzen

Het inrichten van opvanggebieden voor ganzen leek het ei van Columbus. De dieren kunnen daar in alle rust bivakkeren en fourageren, zonder problemen voor de boeren. Buiten de opvanggebieden worden de vogels verjaagd. Uit een evaluatie blijkt echter dat veertig procent buiten de opvanggebieden overwintert. Dick Melman van Alterra: ‘De keuze wat wel en wat geen opvanggebied is kan beter.’

'Ganzen overwinteren van oudsher in Nederland, maar zorgen door hun toenemende aantallen ook voor een spanningsveld. Enerzijds willen we de soort beschermen, anderzijds veroorzaken de vogels landbouwschade. Opvanggebieden, met voldoende voedsel en rust, kunnen een oplossing zijn. Buiten die gebieden worden ganzen verjaagd. In totaal is 80 duizend hectare aangewezen als opvanggebied; 65 duizend hectare daarvan is agrarisch gebied, waar de boeren worden gecompenseerd voor de schade; de rest is natuurgebied.'
'Na analyse van dit opvangbeleid blijkt dat zo'n veertig procent van de ganzen zich buiten de opvanggebieden ophoudt met als gevolg: landbouwschade. Dit percentage is in de loop der jaren niet veranderd. Ganzen leren niet, zo lijkt het, maar daar is wel wat op af te dingen. Het opvangbeleid is namelijk aan veranderingen onderhevig geweest. Zo zijn de grenzen van de opvanggebieden in de onderzoeksperiode continu aangepast en het verjagen gebeurde niet overal met dezelfde inspanning. Deze wisselingen komen het leren door ganzen niet ten goede.'
'Ik vind dat het opvangbeleid consequenter moet worden uitgevoerd. De begrenzing van de opvanggebieden kan beter. Zo moet je voorkomen dat een punt boerenland in opvanggebied steekt of dat boerenland omringd is door opvanggebied. Verjagen van ganzen buiten de opvanggebieden is de kurk waar dit concept op drijft. Daarom is het essentieel dat we methoden vinden om de dieren daar effectiever en consequenter te verjagen en om ervoor te zorgen dat ze de opvanggebieden beter benutten.'

Re:ageer