Wetenschap - 13 september 2001

Landschapsonderzoekers scoren slecht, behalve geo-informatie

Landschapsonderzoekers scoren slecht, behalve geo-informatie

Het Wageningse landschapsonderzoek is door de visitatiecommissie voor de geografische wetenschappen van de Vereniging van Universiteiten (VSNU) slecht beoordeeld, met uitzondering van de geo-informatiewetenschappers van prof. dr. ir. Arnold Bregt. Net als bij de Wageningse sociologie ligt de oorzaak vooral in schaalgrootte en de recente reorganisatie.

Bregt scoorde met zijn leerstoelgroep Geo-informatiekunde en remote sensing gemiddeld een 4,5 (het hoogste cijfer is een vijf). De leerstoelgroep Landgebruiksplanning van prof. dr. Arnold van der Valk kreeg gemiddeld een 2,9. Recreatieonderzoeker dr. Jaap Lengkeek kreeg met zijn leerstoelgroep Sociaal-ruimtelijke analyse van het landelijk gebied met bijzondere aandacht voor recreatie en toerisme gemiddeld een 2,2. De leerstoelgroep Landschapsarchitectuur van prof. ir. Klaas Kerkstra kreeg de laagste score in Nederland met gemiddeld een 1,9.

Volgens Bregt ligt de slechte score van Wageningen vooral aan een gebrek aan schaalgrootte. Landschapsarchitect Kerkstra heeft bijvoorbeeld 0,9 fte voor zijn leerstoelgroep. Daarnaast is er de afgelopen jaren veel bestuurlijke onrust geweest, volgens Bregt. "Reorganisaties en samenvoegingen leiden altijd de aandacht af van de primaire zaak: onderwijs en onderzoek."

Van der Valk wordt 'niet erg vrolijk' van de cijfers van de VSNU, maar heeft naar zijn zeggen tijdens de visitatie 'hoopvolle schouderklopjes' gekregen. Hij ziet ook positieve ontwikkelingen. "De afgelopen week heb ik te horen gekregen dat we onderzoek vanuit het stimuleringsprogramma van NWO vrijwel zeker krijgen gefinancierd." En het door Van der Valk geleide Deltaprogramma heeft onlangs voor vier grote projecten externe financiering weten te krijgen van onder meer Habiforum en ICES-gelden. "Habiforum kijkt wel degelijk of een onderzoeksgroep zich duurzaam ontwikkelt."

De toekomstige vorm van visitatie van de VSNU, die meer is gericht op onderzoeksscholen, zal volgens Bregt positief uitpakken voor Wageningen. "De groepen die minder presteren zullen dan vaker vanuit de onderzoeksscholen aangesproken worden." Daardoor zal de druk om samen te werken binnen en buiten Wageningen alleen maar toenemen. En dat is positief, vindt ook Van der Valk. "Mag ik wijzen op het Deltaprogramma, waarin de universiteit samenwerkt met onder andere Alterra?" Projecten die in dat kader gestart zijn, zullen in de toekomst vruchten werpen, aldus Van der Valk. | M.W.

Score van Wageningse leerstoelgroepen vergeleken met het landelijk gemiddelde voor geografische wetenschappen.

Kwaliteit Productiviteit Relevantie Levensvatbaarheid

Landgebruiksplanning 2,7 2,5 3,3 3,0

Recreatie en toerisme 2,5 2,0 2,5 1,6

Landschapsarchitectuur 2,5 1,7 1,9 1,5

Geo-informatiekunde 4,5 4,0 4,5 5,0

Gemiddeld Nederland 3,6 3,3 3,6 3,4

Re:ageer