Wetenschap - 11 april 2018

‘Landbouw kan CO2-uitstoot veel meer beperken dan kabinet wil’

tekst:
Albert Sikkema
1

Moet de Nederlandse veestapel halveren vanwege de ambitieuze klimaatdoelen? Dat is een mager antwoord op de problemen, vindt Martin Scholten. Hij pleit voor gerichte maatregelen en een systeemverandering naar een klimaatvriendelijke landbouw.

Kunnen we zonder kunstmest? © Shutterstock

De Nederlandse landbouw stoot jaarlijks zo’n 26 megaton CO2 uit. Het kabinet wil dat de landbouw die emissie met 3,5 megaton vermindert in 2030 via slim landgebruik, minder methaanuitstoot in de veehouderij en minder gas in de tuinbouw.

Martin Scholten, directeur van de Animal Sciences Group, denkt dat het dubbele – dus een besparing van 7 megaton – mogelijk is. ‘Maar dan ben je er niet met losse maatregelen, dan moet je het totale landbouwsysteem veranderen.’

Scholten is de spreekbuis van een groep Wageningse onderzoekers die het afgelopen jaar de mogelijkheden van een klimaat-slimme landbouw heeft verkend. ‘We willen nu actief kijken hoe we de plannen van het kabinet kunnen invullen’, zegt Scholten.

Wat zijn nuttige concrete maatregelen?
‘In de eerste plaats kijken we naar mitigatie, ofwel vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Die aanpak kent drie bouwstenen. Een: we maken de tuinbouwkassen nog energiezuiniger, en schakelen verder over van gas naar zonne- en aardwarmte. Dat levert op termijn 1 megaton CO2 op. Twee: we reduceren de methaanuitstoot bij de runderen in de veehouderij. Dat kan door runderen te fokken die minder methaan uitstoten en door betere opslag en aanwending van mest. Dat kan 1,5 megaton CO2 opleveren. En drie: klimaatslim landgebruik, waarbij we meer koolstof en stikstof in de bodem vastleggen en het gehalte van dood organisch materiaal in de bodem versterken. Dat levert maximaal 2 megaton CO2 op.’

De systeemopgave is dat we koolstof en stikstof gevangen houden in een circulair voedselsysteem
Martin Scholten, directeur Animal Sciences Group

‘Dat zijn de klassieke mitigatiemaatregelen, maar we willen meer. We moeten het totale landbouwsysteem beoordelen en ook nagaan of een systeemverandering tot klimaatwinst kan leiden. Denk bijvoorbeeld aan kunstmest; kunnen we daar zonder in Nederland, zodat we ook geen broeikasgas-emissies uit kunstmest meer hebben? Akkerbouwers kunnen stoppen met ploegen – een bron van emissies – en veel meer gewasresten hergebruiken als veevoer, zodat een circulaire landbouw ontstaat. De systeemopgave is dat we koolstof en stikstof gevangen houden in een circulair voedselsysteem, waardoor de klimaateffecten minimaliseren.’

Daarbij staat de bodem centraal, zoals in de biologische landbouw?
‘De bodem, ofwel een goed bodembeheer, is het sleutelwoord.’

Betekent dit een grondgebonden landbouw?
‘Niet in klassieke zin, als je bedoelt: boeren mogen zoveel koeien per hectare houden. Ik wil het niet per bedrijf regelen, maar pleit voor een nieuwe aanpak waarbij we akkerbouw en veeteelt integreren en kijken naar de gezonde benutting van meststoffen op de beperkte grond in Nederland. Er zijn nieuwe coalities nodig van akkerbouwers en veetelers die samen verantwoord omgaan met mest en gewasresten.’

Wie moet die coalities organiseren?
‘Dat kunnen de boeren niet alleen, daarin hebben ook de agribusiness en de retailers een rol te spelen. Ik zag afgelopen week een mooi voorbeeld. Suikerproducent Cosun wil het bietenblad geschikt maken als veevoer. Dat zijn de stappen die nodig zijn. Daarmee benut je voedselresten, verminder je import van veevoer en maak je het voedselsysteem circulair.’

We importeren 70 procent van ons voedsel, terwijl we ook 70 procent van onze productie exporteren
Martin Scholten, directeur Animal Sciences Group

We kunnen ook de veestapel verkleinen, zoals de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) vorige week aangaf.
Dat is een mager antwoord op de problemen, want dan blijven we zitten met een kleinere klimaat-ongezonde landbouw in Nederland. En blijven we voedsel importeren en exporteren dat minder duurzaam is. Wist jij dat we 70 procent van ons voedsel importeren, terwijl we 70 procent van de Nederlandse voedselproductie exporteren? Dat moet klimaat-slimmer kunnen. Krimp van de veestapel is geen structurele oplossing. Het kan wel het resultaat zijn van de klimaat-slimme circulaire landbouw.’

Wat moeten boeren nu doen en laten?
‘Nu heb je boeren die met topmateriaal een maximale opbrengst halen, maar daarbij ook resources verspillen en afval produceren. Die moeten hun bedrijfsvoering aanpassen, om hun verliezen te beperken. Ze moeten geen reststromen meer willen, gebruikmaken van compost in plaats van kunstmest, de bodemvruchtbaarheid koesteren, zo min mogelijk ploegen en robuuste koeien met weinig methaanuitstoot aanschaffen. En daarnaast moeten ze, samen met toeleveranciers en afnemers, een circulaire landbouw organiseren. Dat is een systeemverandering. Om straks resultaten te behalen, moeten we daar nu aan beginnen.’

Lees meer:

Re:acties 1

  • R.vd Brug

    Co2 uitstoot in de veengebieden van Friesland bedraagt minstens 930KTon per jaar. De provincie neemt hierin nagenoeg geen maatregelen en geeft vergunningen af voor nog meer schaalvergroting in deze gebieden. Conclusie is dus de burgers laten betalen voor de co2 verantwoordelijkheid en de land en veeteelt bedrijven stimuleren en niets laten betalen. De bedrijven eisen van het waterschap een lage waterstand waardoor de oxidatie versneld. Een oplossing zou zijn de gebruikers van deze gebieden laten betalen (CO2 taks)waar ze verantwoordelijk voor zijn.

    Reageer

Re:ageer