Wetenschap - 11 april 2002

LS: Zwijnenjacht

LS: Zwijnenjacht

In het Wb van 28 maart staat onder de rubriek 'Wetenschap' een artikel over jacht op en stress bij wilde zwijnen. In dit artikel worden Groot Bruinderink en Lammertsma van Alterra aangehaald. Omdat het artikel onjuistheden bevat en zaken suggereert die niet kloppen, wil ik daar hierbij op reageren.

In het artikel wordt gesteld dat de aanzitjacht effectiever is dan drijfjacht. In jaren met veel eikels en beukennoten is dat echter onjuist. De jager kan in zo'n jaar van overdaad aan voedsel wel 'op zijn plateautje in een boom' gaan aanzitten, maar hij zal dan nooit een wild zwijn zien, en dus ook niet effectief jagen. Bij zo'n aanzitplaats moet namelijk gevoerd worden. Ten onrechte wordt beweerd dat afschot door aanzit uitgevoerd kan worden zonder dat de zwijnen 'weten' dat op ze gejaagd wordt. De meeste zwijnen leven in groepsverband: als er ??n uit de groep geschoten wordt, hebben de anderen dat snel door. Het gevolg is dat de zwijnen voer gaan associ?ren met schieten, en dat ze alleen nog in de nacht gaan foerageren. Er moet dan dus in het halfdonker geschoten worden, wat de trefzekerheid bepaald niet vergroot.

Het is een vraag wat als meer stress moet worden beoordeeld: een tijdelijke grote stress tijdens een drijfjacht, of een dagenlang weerkerende stress die verbonden is met het vinden van voedsel. Bij mijn weten is hier geen systematisch onderzoek naar gedaan.

De per 1 april in werking getreden Flora- en Faunawet houdt terecht de mogelijkheid open om in bepaalde omstandigheden (tijdelijke overdaad aan natuurlijk voedsel) het principe van de drijfjacht nog steeds toe te passen. Er zijn daarbij wel nauwkeurige randvoorwaarden gesteld. Zo mag er slechts sprake zijn van ??n drijver die in zijn gezelschap slechts ??n jager heeft. Het in het artikel vermelde vermoeden 'dat meerdere formaties van twee jagers op stap zullen gaan waardoor de groepsgewijze drijfjacht toch in ere wordt gehouden' is suggestief, en bovendien niet in overeenstemming met de letter en geest van de wet.

'Lammertsma vindt in principe dat de wilde zwijnen in Nederland helemaal met rust gelaten moeten worden'. De onderzoekers geven kennelijk hun persoonlijke voorkeur met betrekking tot de jacht weer. Daar is niets op tegen. Het is wel storend dat het plaatsvindt onder een semi-wetenschappelijke dekmantel.

J.H. Kuper

Re:ageer