Wetenschap - 31 augustus 2006

LEI onderzoekt emotie

Het LEI gaat in de toekomst vaker gevoelens en percepties van mensen onderzoeken, naast de vertrouwde rationele verbanden. Bedrijven en de overheid vragen daar om. Het is een gevolg van de ‘belevingseconomie’, vertelt onderzoeker dr. Siet Sijtsema.

Primaire behoeften zijn niet meer zo belangrijk in de economie. Veel belangrijker voor de omzetcijfers is de beleving die mensen van een product hebben. Ook de overheid is steeds vaker geïnteresseerd in de associaties en gevoelens van burgers. Want ken je dat gevoel, dan kan je de befaamde kloof tussen burgers en overheid misschien wel overbruggen.
Dr. Siet Sijtsema, onderzoeker bij het LEI, heeft het over de overvloedsmaatschappij en de belevingseconomie als ze het belang van gevoel en percepties uitlegt. De socioloog deed eerder al onderzoek naar de beleving van hobbydierhouders van hun geiten of kippen, zodat communicatie over beleid gericht op de hobbydierhouderij daar beter rekening mee kan houden. Het aantal onderzoeksopdrachten dat vraagt om inzicht in de beleving, de percepties en het gevoel van mensen neemt toe, zegt Sijtsema.
Onlangs maakte het LEI een stappenplan zodat in de toekomst dergelijke vragen beter en gestructureerder onderzocht kunnen worden. Als mensen direct gevraagd wordt naar hun gevoel blijken ze dat bijvoorbeeld niet altijd te willen of kunnen vertellen. Projectieve onderzoekstechnieken werken dan wel, vertelt Sijtsema. Daarbij worden bijvoorbeeld associaties van mensen gevraagd aan de hand van afbeeldingen, zoals een verzameling ansichtkaarten, van materialen als glas, metaal en plastic, of van woorden als automerk, dier of land. Dat geeft een beter beeld van de belevingswereld van mensen dan directe vragen. / Joris Tielens

Aandacht voor emotie; een stappenplan om affectie in strategievorming te integreren. LEI-rapport 7.06.14, juli 2006.

Re:ageer