Wetenschap - 11 april 2002

LEI en Plant Research International vellen genuanceerd oordeel over terminatorgen

LEI en Plant Research International vellen genuanceerd oordeel over terminatorgen

Deze week is tijdens de internationale conferentie over biodiversiteit een rapport van Wageningen UR gepresenteerd aan de opdrachtgever FAO. Onderwerp is de omstreden toepassing van terminatortechnologie, waardoor arme boeren niet meer hun eigen zaaizaad kunnen kweken.

Genetic Use Restriction Technologies (GURT's) heten ze officieel. Ze maken genetisch veranderde gewassen mogelijk die onvruchtbaar zaad produceren (V-GURT) of die verbeterde eigenschappen hebben die pas na behandeling met chemicali?n tot uitdrukking komen (T-GURT). Gevolg is dat boeren afhankelijk worden van de zaadindustrie voor de aankoop van nieuw zaad of de benodigde chemicali?n. Tegenstanders, die vinden dat anderhalf miljard arme boeren in ontwikkelingslanden niet afhankelijk gemaakt mogen worden van zaadmultinationals, spreken van terminatortechnologie. Recentelijk heeft de industrie patenten verworven op beide technologie?n.

In het onderzoek dat het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland, Plant Research International en het Landbouw Economisch Instituut gezamenlijk uitvoerden in opdracht van de wereldvoedselorganisatie FAO, gaat het om de ecologische en economische gevolgen van de invoering van de technologie, in het bijzonder in ontwikkelingslanden. Een mogelijk voordeel van de GURT's, legt onderzoeker dr Bert Visser uit, is dat ze de verspreiding van transgene eigenschappen onder niet-transgene rassen en verwante soorten kan voorkomen. Tegenstanders voeren echter aan dat er ook andere technische mogelijkheden zijn om de verspreiding van GMO's in te perken.

Een economisch voordeel van de technologie?n voor bedrijven is dat ze op deze manier een biologisch alternatief hebben voor het patentrecht om hun verbeterde gewassen te beschermen tegen gebruik door derden. Boeren kunnen die gewassen immers niet zelf vermeerderen.

De andere kant van de medaille is dat er zo meer winst gaat naar zaadbedrijven, en minder naar boeren. Dat verhoogt de kans op monopolies in de zaadindustrie, vooral omdat het genetische mechanisme van de T-GURT's afhankelijk is van chemische triggers, die geleverd worden door grote agro-chemische concerns.

Een ander punt is dat veel landen hun boeren wettelijk toestaan hun eigen zaaizaad te vermeerderen. Bovendien hebben de meeste boeren in ontwikkelingslanden geen geld voor het verbeterde zaaizaad.

Al deze zaken vragen om overheidsregulering. Overheden moeten een keus maken tussen verbieden, beperken of juist stimuleren van de toepassing van de technologie. Probleem is, blijkt uit het rapport, dat er nog teveel onbekend is over de technologie en de risico's die daaraan verbonden zijn om overheden een goed advies te kunnen geven. | J.T.

Re:ageer