Organisatie - 20 september 2007

Kuyvenhoven: Landbouw is de hoop van Afrika

De ontwikkeling van Afrika heeft decennia stilgestaan door slecht bestuur en een gebrek aan aandacht voor de landbouw. Maar de jongste generatie Afrikaanse intelligentsia en beleidsmakers lijkt voor verandering te gaan zorgen, analyseerde ontwikkelingseconoom prof. Arie Kuyvenhoven in zijn afscheidsrede als hoogleraar aan Wageningen Universiteit. Dat landbouw door de Wereldbank weer op de internationale agenda staat, is mede te danken aan onderzoek en lobbywerk van de Wageningse hoogleraar.

Prof. Arie Kuyvenhoven bij zijn afscheid.
Prof. Arie Kuyvenhoven bij zijn afscheid.

Foto: Guy Ackermans

Droogte, onvruchtbare bodems en ziektes als malaria en aids. Ze hebben vreselijke gevolgen, maar zijn niet de hoofdoorzaak van de achterblijvende ontwikkeling van Afrika. Afrikanen zijn in tegenstelling tot veel Aziaten tegenwoordig nauwelijks beter af dan ten tijde van hun onafhankelijkheid. Dat komt vooral door slecht bestuur van haar elite. Die heeft een smalle machtsbasis die ze in stand houdt met patronage en betaalt met overheidsgeld.
Een belangrijke fout van die bestuurders is dat ze te weinig investeren in de landbouw, stelt Kuyvenhoven in zijn afscheidsrede Africa, Agriculture, Aid, die hij donderdag 13 september hield. Maar slecht bestuur is niet aan Afrika voorbehouden, stelt Kuyvenhoven. Ook westerse landen voeren geen slim beleid. De Afrikaanse landbouw kreeg de laatste twee decennia flink minder hulp. Daarnaast subsidiëren en beschermen westerse landen hun eigen boeren, wat de wereldmarkt verstoort. Terwijl Afrikaanse landen handelskansen ontzegd worden, wat hen twee miljard dollar aan inkomsten scheelt; twee keer zoveel als de buitenlandse steun voor de Afrikaanse landbouw.
Ook het Nederlandse ministerie van ontwikkelingssamenwerking heeft al jaren weinig op met landbouw, zegt Kuyvenhoven. Terwijl onderzoek laat zien dat een procent economische groei in de landbouw leidt tot tweeëneenhalf procent groei in het inkomen van de armsten. In andere sectoren is dat een stuk minder.
Dergelijke argumenten voor landbouw als motor van Afrikaanse ontwikkeling worden ook genoemd in het World Development Report 2008 van de Wereldbank, dat volgende maand uitkomt. Voor het eerst in twintig jaar zet de Wereldbank daarmee de landbouw opnieuw op de agenda. Kuyvenhoven heeft daar als onderzoeker en als lobbyist aan bijgedragen, bevestigt oud-collega prof. Ruerd Ruben, nu hoogleraar in Nijmegen. Onderzoek van Kuyvenhoven en enkele Wageningse collega’s komt terug in het rapport van de Wereldbank. Bovendien pleitte hij als lid van de raad van toezicht van het International Food Policy Research Institute (IFPRI) regelmatig in Washington voor een herwaardering van de landbouw.
Kuyvenhoven noemt het rapport van de Wereldbank, waarin veel aandacht is voor markten en instituties, een aanvulling op het eerder verschenen rapport van de InterAcademy Council, waar universiteitshoogleraar prof. Rudy Rabbinge aan meewerkte, wat meer de nadruk legde op technologie.
Kuyvenhoven vindt, kijkend naar de ontwikkeling van Afrika en de rol van hulp en landbouw daarin, dat het effect van hulp is toegenomen. Dat komt, zo stelt hij in zijn afscheidsrede, doordat hulp beter op de lokale praktijk is afgestemd, mede dankzij de ontwikkelingseconomie. Kuyvenhoven hekelt de ‘grote theorieën’ en door de staat geleide plannen die volgens hem de naoorlogse ontwikkelingseconomie domineerden en maar geleidelijk plaats maakten voor meer ‘analytische nauwkeurigheid’. In plaats van grote verhalen, is er nu ruimte voor twijfel, en aandacht voor de lokale verschillen en bijzonderheden in ontwikkeling. Die zijn vooral in Afrika, met haar grote diversiteit, van belang.
Ter gelegenheid van het afscheid van Kuyvenhoven, die twintig jaar hoogleraar Ontwikkelingseconomie was, werd een symposium gehouden. Hij kreeg daarbij ook een liber amicorum. Het vriendenboek bevat ruim twintig bijdragen over ontwikkelingseconomie van bevriende onderzoekers en beleidsmakers, onder meer van IFPRI- directeur Joachim von Braun en zijn oude vriend Jan Pronk. Joris Tielens

De volledige tekst van prof. Arie Kuyvenhovens afscheidsrede staat op www.mansholt.wur.nl.

Re:ageer