Wetenschap - 6 december 2007

Kunstmest riskant in droge gebieden

Een Ugandese vrouw die meedoet aan een bodemvruchtbaarheidexperiment, noteert haar observaties.
Boeren zijn gebaat bij een analyse van de nutriënten op hun bedrijf. Daarvan leren ze of het efficiënt is om te investeren in bijvoorbeeld kunstmest, of dat ze dat beter kunnen laten. In droge en arme gebieden is dat laatste vaak het geval.
Gedurende de jaren negentig ontwikkelden het LEI, Alterra en Plant Research International een model dat de stroom van nutriënten op de boerderijen van kleine boeren in ontwikkelingslanden in kaart brengt. Het model werd in veel participatieve projecten toegepast om boeren inzicht te geven in de gevolgen van hun aanpak. Op basis van hun eigen gegevens leren boeren vervolgens welke maatregelen helpen om de bodemvruchtbaarheid te verbeteren, zoals kunstmest kopen of compost maken.
Dr. André de Jager is inmiddels hoofd van de divisie Markten en netwerken van het LEI, maar werkte in de jaren negentig aan het model en promoveerde vrijdag 30 november op zijn jarenlange ervaring ermee. De Jager concludeert dat kleine boeren in Oost-Afrika makkelijker investeren in bodemvruchtbaarheid als ze geld kunnen verdienen met marktgewassen die ze kunnen verkopen. Daardoor zijn dat soort investeringen, bijvoorbeeld in kunstmest of maatregelen tegen erosie, kansrijker in gebieden met een hoog landbouwkundig potentieel en een goede toegang tot stedelijke afzetmarkten.
In marginale gebieden, waar het droog is, irrigatie ontbreekt en waar boeren ook geen toegang tot markten hebben, zijn dat soort investeringen financieel niet verstandig, zegt De Jager. Als drie van de vijf oogsten mislukken door droogte, is het niet slim om kunstmest te kopen.
De Jager richt zijn conclusie tot het landbouwonderzoek en ontwikkelingsorganisaties in Oost-Afrika. Wie wil bijdragen aan ontwikkeling in die marginale gebieden, kan beter proberen de markten toegankelijk te maken, technieken ontwikkelen die niet zo duur zijn, of alternatief werk buiten de landbouw stimuleren. / Joris Tielens

André de Jager is op vrijdag 30 november gepromoveerd bij prof. Ken Giller en prof. Herman van Keulen van de leerstoelgroep Plantaardige productiesystemen, en prof. Cees Leeuwis, hoogleraar Communicatie- en innovatiestudies.

Re:ageer