Organisatie - 1 januari 1970

Kunstenaar met Wageningse wortels

Kunstwerken van herman de vries hangen in gerenommeerde musea in New York, Parijs en Berlijn. Vanaf 6 mei wijdt galerie Wit in Wageningen een expositie aan de conceptueel kunstenaar. De verstoorde relatie tussen mens en natuur staat centraal in zijn werk.

Zijn naam schrijft herman de vries opzettelijk – om iedere hiërarchie te vermijden – zonder hoofdletters. Hij haat kunst in de natuur, omdat hij vindt dat de natuur geen menselijke toevoegingen nodig heeft.
‘Hij is een kunstenaar met wereldfaam, die we in Wageningen best iets serieuzer mogen nemen. Zijn natuurperceptie kan ons in ieder geval afhelpen van die vreselijke hang naar natuurdoelen: het afschuwelijke romantische idee dat we moeten proberen de natuur terug te krijgen die we vroeger hadden. Als er iets centraal staat in het werk van de vries dan is dat natuur op zichzelf staat en je bereid moet zijn ook nieuwe natuur in haar waarde te laten’, zegt prof. Cees van Woerkum, hoogleraar Communicatiemanagement. Van Woerkum kent het werk van de vries al langer, maar heeft zich pas de laatste paar maanden extra in de kunstenaar verdiept, omdat hij in mei voor Studium Generale een lezing over de natuurbeleving in het werk van de vries verzorgt. ‘Ik krijg steeds meer bewondering voor hem. Je ziet in zijn werk de Wageningse wortels: de fascinatie voor de natuur en de wetenschappelijke drang tot observatie’, aldus Van Woerkum.
Die Wageningse roots liggen bij de Plantenziektenkundige Dienst en het Instituut voor Toegepast Biologische Onderzoek in de Natuur (ITBON), een voorloper van het huidige Alterra. Van 1952 tot 1968 was de vries verbonden aan deze instituten. Het waren de jaren waarin hij zijn eerste schreden in de kunst zetten en waarbij hij zich sterk liet inspireren door het wetenschappelijk onderzoek. Zo begon hij met het vervaardigen van ‘random objectivations’, beeldwerken waarin de blokjes en kleurvlakken via het toeval hun plek kregen, door bijvoorbeeld getallen uit statistische tabellenboekjes te gebruiken. Zijn witte houtreliëfs zijn hiervan de bekendste voorbeelden. Het grootste houtreliëf, van 0,45 bij 6,5 meter, dateert van 1968 en hing jarenlang verweesd en anoniem bij oud-werkgever Alterra. Pas onlangs werd het ‘herontdekt’ en is het volledig gerestaureerd. Het wordt later dit jaar herplaatst in het Alterragebouw Lumen. Het herontdekte werk vormt dit voorjaar één van de topstukken van de expositie ‘herman de vries 75’ die galerie Wit aan het werk van de kunstenaar besteedt.
Op deze expositie is er ook aandacht voor zijn latere werk, als de vries het onderzoek achter zich heeft gelaten. Vanaf 1970 wijdt hij zich vanuit het Zuid-Duitse dorp Eschenau volledig aan het kunstenaarschap. Steeds vaker schakelt hij daarbij de natuur zelf in voor het maken van ‘objectieve kunst’. Hij plakt herfstbladeren op het papier zoals ze van de boom zijn neergedwarreld, schrijft de namen van uitgestorven planten met de hand uit op grote bladen of wrijft grond- en asmonsters uit op papier. Van Woerkum: ‘Het werk is niet alleen wat je ziet, maar ook het proces van het vergaren zelf. Het maakt zijn kunst makkelijk te imiteren, maar het idee er achter is altijd zeer origineel’.
Bekend zijn ook de zogeheten sanctuaria van de vries: stukjes terrein met een muur of een hek er omheen, waarbinnen de natuur haar gang kan gaan en de mens alleen toeschouwer is.
Dertig hoogleraren en onderzoekers van Wageningen UR hebben de raad van bestuur voorgesteld ook naast de nieuwbouw op de Born een dergelijk kunstwerk van de vries te realiseren. Hiervoor heeft de kunstenaar een plan ontwikkeld voor een veld van ongeveer twaalf bij achttien meter dat wordt afgeperkt door een markant traliewerk. Hierbinnen kan vanuit een braakliggende situatie de natuurlijke successie haar gang gaan. Dit gaat uit van de filosofie van de vries: je kunt er gerust naar kijken, maar je blijft ervan af.
Initiatiefnemer prof. Nico van Breemen, emeritus hoogleraar Bodemkunde en mede-eigenaar van galerie Wit, zou graag zien dat het kunstwerk nog dit jaar wordt gerealiseerd, omdat de vries nu zijn 75ste geboortejaar viert. Dat kan nog net lukken, hoewel Ad van der Have van de afdeling Vastgoed en bouwzaken verwacht dat er pas aan het eind van het jaar een beslissing over de aanleg van het nieuwe kunstwerk wordt genomen. Dit als onderdeel van de instellingsbrede kunstnota waarvoor nu een inventarisatie plaatsvindt en waarin aandacht wordt geschonken aan de mogelijke herplaatsing van kunst uit gebouwen die verlaten zullen worden. Als het veldje er niet komt zou Wageningen UR natuurlijk ook een proefveldje volledig terug kunnen geven aan de natuur, als een waardig eerbetoon aan haar verloren zoon.

Gert van Maanen

Expositie ‘herman de vries 75’, van 6 mei t/m 25 juni in Galerie Wit, www.galeriewit.nl.
Studium Generale verzorgt op 18 mei een excursie naar de expositie. Op 23 mei houdt prof. Cees van Woerkum een lezing over de natuurbeleving van herman de vries, www.wau.nl/sg.

Re:ageer