Wetenschap - 11 januari 2010

Kopenhagen. Wat leverde de top jou op?

De klimaattop in Kopenhagen eindigde met een slap akkoord. De top is dus mislukt, zou je zeggen. Maar is dat zo? Wetenschappers en studenten van Wageningen UR verbleven voor korte of langere tijd in Kopenhagen. Wat leverde de top hun op?

Deelnemers aan The Road to Copenhagen, een elektrische scootertocht naar de klimaattop in Kopenhagen.

Merit van den Berg, masterstudente Climate Studies en medewerker Project Survival:
'Kopenhagen was boven verwachting. Het evenement is zeker geslaagd wat betreft Project Survival. We hebben negen jonge mensen uit Afrika naar de top in Kopenhagen gehaald. Vooraf hadden we geen idee wat voor soort mensen dat waren en wat ze konden betekenen voor de delegaties van hun land. Maar ze hebben belangrijk werk kunnen doen. Een jongen uit Swaziland was zelfs derde lid van zijn delegatie en is bij alle belangrijke meetings geweest. Onze kleine bijdrage is dus succesvol geweest.
'Door ons project is een sterke band ontstaan met die Afrikaanse jongeren. Je krijgt inzicht in andere culturen. En dan merk je dat de verschillen helemaal niet zo groot zijn. Je wilt dezelfde dingen, je hebt allemaal dezelfde drive: iets doen tegen de klimaatverandering.'
Pier Vellinga, hoogleraar Earth System Sciences en initiatiefnemer van het Holland Climate House in Kopenhagen:
'Kopenhagen heeft inzicht opgeleverd in wat wel of niet mogelijk is op dit gebied. Ja, daar klinkt wel een beetje verbittering in door. We hebben met zijn allen ingezet op een top-down-verdrag dat landen bindt. Maar landen als China en de VS laten zich niet leiden door een bindend VN-verdrag. Dat ligt te gevoelig. Het moet dus over een andere boeg. In plaats van een top-down-verdrag moeten we naar een bottom-up-benadering. Landen leggen zelf op tafel wat ze willen en kunnen doen. Dat wordt vastgelegd en de VN controleert dat. De VN is hierbij volgend in plaats van leidend. Voor het klimaat is dat een zwaktebod. Bottom-up is second-best. Dat is de harde conclusie van Kopenhagen.
'Door Kopenhagen staat klimaatverandering nu wel echt zwaar op de agenda. Klimaatverandering is een spel van kansen geworden, niet meer van dreigingen en verplichtingen. We gaan een nieuw tijdperk in, van groene in plaats van fossiele brandstoffen. Kopenhagen heeft ook inzicht opgeleverd hoe we in Wageningen verder moeten. De biobased economy (waarbij de sectoren landbouw en chemie worden verbonden), de 'minder-vlees-agenda' (een gezonde mens voor een gezonde planeet) en de Delta Alliantie (hoe kun je wonen, werken en voedsel produceren in zo'n laag gelegen gebied) zijn drie speerpunten waarin Wageningen leidend kan zijn. De groene trein dendert door'
Christopher Baan, bachelor International Development en delegatieleider van de World Student Community for Sustainable Development:
'Ik wist dat het overweldigend zou zijn en dat was het ook. Mijn persoonlijke hoogtepunt was het overhandigen van ons e-book Re:solutions (http://cop15.wscsd.org) aan Tim Flannery, de voorzitter van de Copenhagen Climate Council. Tijdens twee side-events hebben we dit boek met voorbeelden van duurzame initiatieven tegen klimaatverandering gepresenteerd. Dat was redelijk succesvol. Daarmee hebben we laten zien dat we met serieuze oplossingen bezig zijn. Onze boodschap is: we willen meer dan alleen maar politieke invloed. We kunnen niet  honderd procent op de politiek vertrouwen. We moeten als jongeren zelf ook oplossingen aandragen en de mensen in onze community daarbij betrekken.
'Ik ben zelf heel erg geïnspireerd door de enorme bevlogenheid die er was onder jongeren en NGO's om nieuwe coalities te smeden en samenwerking aan te gaan. Ik heb er vertrouwen in dat dit in de toekomst alleen maar sterker wordt. Kopenhagen heeft duidelijk gemaakt dat de politiek en de VN niet meer de belangrijkste arena's zijn om een complex probleem als klimaatverandering aan te pakken. Hoe zou het zijn als we met zijn allen de volgende top in Mexico boycotten en in plaats daarvan een partnership met het bedrijfsleven aangaan. Daarmee zouden we de politiek ver voorbij zijn. Dat is een uitdagende gedachte.'
Eddy Moors, teamleider Earth System Sciences and Climate Change:
'Het was de eerste keer dat we vanuit Wageningen zoiets organiseren als het
Holland Climate House. Een nieuwe ervaring. Het viel me mee hoeveel beleidsmakers uit Nederland en andere delegaties langs zijn geweest. Vaak laten ze het afweten omdat ze het te druk hebben. De onderhandelingen zijn voor hen natuurlijk de hoofdzaak. Wat de impact is van onze aanwezigheid, is lastig te beantwoorden. Je hoopt altijd dat er iets blijft hangen. Ik heb zelf een side-event georganiseerd over het monitoren van broeikasgassen. Dat monitoren voor verificatie van de gerapporteerde uitstoot is juist uit de verdragstekst geschrapt. Toch verwacht ik dat daar nog iets mee wordt gedaan. Binnen Klimaat voor Ruimte zijn we bezig om een integraal monitoringsysteem te ontwikkelen. We hebben laten zien wat er in ons land op dat vlak gebeurt. Verder is het heel leuk om te zien hoe al die verschillende groepen door elkaar lopen: wetenschappers, onderhandelaars, journalisten, NGO'ers en studenten; je pikt ze er zo uit.'
Anouk van Baalen, masterstudente Climate Studies en in Kopenhagen namens Friends of the Earth Netherlands:
'Ik was als stagiaire van Milieudefensie in Kopenhagen om onze stem te laten horen. We waren daar als waarnemer om te lobbyen en actie te voeren. Maar over de uitkomsten zijn we niet tevreden, dat moge duidelijk zijn. Het had veel ambitieuzer en veel bindender moeten zijn. Dat is teleurstellend als er zoveel leiders van landen aanwezig zijn.  
'Ik vind het heel moeilijk om iets positiefs te zeggen over Kopenhagen. Nou goed, er waren ontzettend veel mensen aanwezig. Dat was heel bijzonder. Het geeft aan dat het heel erg leeft, dat veel mensen vinden dat er iets moet gebeuren. Op side-events werd veel informatie gegeven. Op die manier is dus veel kennis verspreid, dat is positief.
Wat ik persoonlijk geleerd heb, is het politieke proces achter die onderhandelingen. Dan zie je dat er veel verschillen zijn tussen Noord en Zuid. Zo'n VS heeft een delegatie van honderden mensen, tegenover ontwikkelingslanden die maar een paar mensen kunnen sturen. Dat is oneerlijk. Wat dat betreft ben ik wel wat naïviteit kwijtgeraakt in Kopenhagen.'

Re:ageer