Organisatie - 1 januari 1970

Klimaatonderzoek heeft wind mee

Het lijkt of voor de Wageningse klimaatwetenschappers alles tegelijk komt. Het tijdschrift Nature vroeg onlangs om een artikel over de Nederlandse klimaatwetenschap, volgende week presenteren de wetenschappers hun bevindingen aan de premier, er komt een overkoepelend onderzoeksprogramma van vier ministeries, en wellicht kom er ook nog een nieuw topinstituut.

Klimaatonderzoekers van Alterra en de Vrije Universiteit stellen in Nature van 17 november, dat het pure noodzaak is om aandacht te besteden aan het omgaan met de gevolgen van de klimaatverandering, in jargon 'adaptatie' genoemd. Ze noemen de schade die orkaan Katrina veroorzaakte – kosten: 125 miljard dollar - als voorbeeld van wat er kan gebeuren als een land niet is voorbereid op extreme weersomstandigheden. Vroegtijdige aanpassingen in het ruimtegebruik kan volgens de wetenschappers veel schelen.
De klimaatverandering kan ruimtelijk ook grootschalige innovaties opleveren, schrijven de wetenschappers. Als voorbeeld noemen ze de Hydropole, de drijvende stad die in de toekomst een optie kan zijn voor een land als Nederland, dat last krijgt van de stijgende zeespiegel en overstromende rivieren. Ze wijzen hierbij op de eerste drijvende kas die in het Westland is gebouwd.
Prof. Pavel Kabat van Alterra, wetenschappelijk directeur van het Bsik-onderzoeksprogramma Klimaat voor ruimte en medeauteur van het Nature-artikel, zal de bevindingen van de onderzoekers volgende week dinsdag presenteren aan premier Jan Peter Balkenende en staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat Melanie Schultz. Aanleiding is de motie die Eerste-Kamerlid Wolter Lemstra in april dit jaar indiende om meer aandacht te besteden aan het bestrijden van de gevolgen van klimaatverandering in Nederland. Lemstra pleit, net als de klimaatonderzoekers dat al langer doen, voor een integrale aanpak op lange termijn.
Dat het onderwerp adaptatie Den Haag heeft bereikt, blijkt verder uit het feit dat er een nieuw onderzoeksprogramma Adaptatie Ruimte en Klimaat (ARK) komt, met een budget van tweehonderd miljoen euro. Dat komt voornamelijk uit bestaande subsidiepotten, maar de Wageningse onderzoekers hopen dat er ook nog nieuw geld beschikbaar komt. Zij namen het initiatief tot het nieuwe programma, en dat viel in goede aarde bij de ministeries van Verkeer en Waterstaat, VROM, LNV en Economische Zaken. Het onderzoek zal zich onder meer richten op het doorrekenen van de maatschappelijke kosten en baten van investeringen in bijvoorbeeld drijvende steden of drijvende kassen, en de sociaal-economische gevolgen van de klimaatverandering.
Wageningen UR speelt daarnaast een leidende rol in het opzetten van het nieuwe Maatschappelijk Top Instituut voor Klimaat en Ruimte. Dit instituut zal een rol spelen in het begeleiden van ruimtelijke verandering om de gevolgen van opwarming op te vangen. Een definitief besluit over het instituut is nog niet genomen. / MW

Zie ook achtergrond: Klimaatbestendig Nederland

Re:ageer