Wetenschap - 1 januari 1970

Klassieke agrarische technologie voldoet niet meer

Klassieke agrarische technologie voldoet niet meer

Klassieke agrarische technologie voldoet niet meer

Door de groei van de wereldbevolking en nieuwe consumentenbehoeften voldoet de gangbare landbouwproductie, gekenmerkt door milieuvervuiling en verspilling, straks niet meer. Dat stelde prof. dr Eduard Veldkamp, senior vice-president Foods Research van Unilever, aan het begin van het congres Towards an Agenda for Agricultural Research in Europe, op 13 april


Demografische, maatschappelijke en technologische ontwikkelingen zetten de landbouw, en daarmee het agrarisch onderzoek, onder druk. Veldkamp schetste een sombere toekomst. Zo groeit de wereldbevolking explosief. Gedurende deze conferentie zullen grofweg een miljoen mensen aan deze aardbol worden toegevoegd, en dat betekent dat er steeds minder land beschikbaar zal zijn voor landbouw en dat in 2050 de jaarlijkse regenval net voldoende zal zijn voor het benodigde drinkwater

Ook nieuwe consumentenbehoeften stellen volgens Veldkamp andere eisen aan de landbouw. Er is toenemende vraag naar functional foods, voedingsproducten waar additieve vezels of vitamines in worden gestopt. Door de stijging van de welvaart schakelen steeds meer mensen over van basisvoedsel als granen naar het veel arbeids- en milieu-intensievere vlees. De agrarische productie zal dus omhoog moeten, maar het oude adagium meer productie uit minder grond stuit op toenemend maatschappelijk verzet. Bovendien is de milieubelasting van de klassieke agrarische technieken hoog, aldus Veldkamp. Wetenschap en technologie moeten bijdragen aan een efficiënte voedselproductie, gelet op de huidige verspilling in de voedselketen van veertig procent. De voeding moet functioneler, voedzamer en gezonder worden. We zijn nu bezig met een programma om het gebrek aan vitamine A in Azië te bestrijden met rijst waaraan vitamine A is toegevoegd.

Om dit te bereiken zal het agrarische onderzoek zich los moeten maken van disciplinaire en sectorale grenzen. Volgens Veldkamp ligt de toekomst van agrarisch onderzoek op het grensvlak van de biologie, de fysische wetenschappen en de informatietechnologie. Zo levert de combinatie van biologische en fysische kennis biotechnologisch gemodificeerde voeding op, en wordt op de grens van biologie en informatica gerekend aan het DNA-model. De blauwdruk van dit DNA-model zal volgens Veldkamp tussen 2003 en 2005 bekend worden, met alle gevolgen van dien voor de voedingsindustrie

Veldkamp maakt zich zorgen over het achterblijven van de Europese agro-industrie. In 1980 verwierven Europese bedrijven nog evenveel biotechnologische patenten als hun Amerikaanse collega's, maar ondertussen slepen de Amerikanen twee keer zoveel patenten in de wacht. Dat komt volgens Veldkamp niet alleen door gebrek aan financiering in Europa, maar vooral door het ontbreken van een integrale wet- en regelgeving voor zaken als biotechnologie, en door de gebrekkige communicatie tussen wetenschappers, beleidmakers en wetgevers. Veldkamp pleit voor de instelling van een Europees equivalent van de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA), want deze organisatie is volgens Veldkamp van groot belang voor de grote mate van acceptatie van nieuwe agrarische technologieën als biotechnologie. Het publiek vertrouwt de FDA en daarmee de agrarische wetenschap. M.W

Re:ageer