Student - 8 februari 2007

Kijken waar het water blijft

William Coulet, derdejaars student Land en Watermanagement, deed tijdens zijn stage in het Britse Norfolk onderzoek naar de oorzaken van verdroging in het gebied Spixworth Beck Catchment. De boeren krijgen de schuld van de waterproblematiek. Ten onrechte, vindt William.

381_nieuws.jpg
381_nieuws.jpg

Foto: .

‘Spixworth Beck Catchment is het stroomgebied van het riviertje Spixworth Beck. Het gebied heeft te maken met verdroging en door nieuwe wetgeving dreigen boeren gekort te worden op hun licentie om grondwater te ontrekken aan de bodem. Zij worden namelijk gezien als veroorzakers van het watertekort omdat ze grondwater gebruiken voor het besproeien van gewassen,. Ze zouden nu veel minder water mogen gebruiken, wat voor veel boeren funest kan zijn.
Het was mijn taak om te onderzoeken hoe het met de onttrekking gesteld is. Ik heb vooral gekeken naar andere factoren die bij de verdroging een rol kunnen spelen, die niets met de boeren te maken hebben. De waterwinning voor drinkwater voor de stad Norwich is bijvoorbeeld veel groter dan de onttrekking door boeren. Die drinkwaterwinning is wel in een naastgelegen stroomgebied, maar als daar het grondwater enorm daalt, kan dat verandering van grondwaterstromen veroorzaken. Er stroomt dan water weg uit het stroomgebied van Spixworth. Ik heb geen feiten die bewijzen dat het zo is, maar het is wel iets dat onderzocht zou moeten worden.
Een andere oorzaak van constante drainage zijn de opgevulde geulen in de krijtondergrond. Die geulen zijn in de ijstijd gevormd door smeltwater van gletsjers en later opgevuld met sediment. Het water stroomt sneller door dit sediment weg. Ze werken eigenlijk nog steeds als drainerende kanalen richting zee. Er zijn dus meer oorzaken of mogelijke oorzaken van verdroging die misschien wel belangrijker zijn dan onttrekking door boeren.
Door mijn rapport zal de overheid niet snel de licenties intrekken, ze zouden dan eerst meer onderzoek moeten doen om het te onderbouwen. Maar toch heb ik ook met de boeren gepraat over mogelijkheden om water te bergen, zodat ze daaruit in de zomer water kunnen gebruiken. Ik heb ook uitgezocht hoe ze daar subsidies voor kunnen krijgen. Daarnaast heb ik nog veel onderzocht op het gebied van waterkwaliteit, want ook daarbij krijgen boeren te maken met nieuwe richtlijnen vanuit Europa.
De boeren waren allemaal heel enthousiast en ze werkten graag mee. Het was natuurlijk ook voor hen dat ik het onderzoek deed. Het was vaak wel lastig ze te spreken te krijgen. Ze waren in die tijd vrijwel dag en nacht bezig. Het zijn ook niet zulke kleine bedrijven, er was zelfs een boerderij met over de tweehonderd medewerkers. Uiteindelijk heb ik alle boeren wel gesproken en ook veel mensen van de overheden en natuurbescherming. Die waren ook vrijwel allemaal op mijn presentatie aanwezig die ik aan het einde hield. Iedereen reageerde enthousiast, ze hadden wel het idee dat ze hiermee verder kunnen. En ik heb de plaatselijke krant gehaald, dat is natuurlijk ook altijd leuk.’

Re:ageer