Organisatie - 29 november 2007

Kees Zuidberg

Eigenlijk had Kees Zuidberg dierenarts willen worden. Maar het loopt niet altijd zoals je plant, zegt de senior onderzoeker van de afdeling Animal Genetic Resources van het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN-AnGR).

398_opinie_0.jpg
398_opinie_0.jpg

Foto: Guy Ackermans

Een groot deel van zijn tijd werkt Kees achter zijn bureau in het lab van de Animal Sciences Group in Lelystad. Dat werk staat vooral ten dienste van waar het eigenlijk om gaat: het bewaren van het dierlijk genetisch materiaal van de Nederlandse veestapel.
Het kan zomaar gebeuren dat Kees op stel en sprong naar een boer moet om sperma te vangen van bijvoorbeeld een witrikstier, een lakenvelder of een brandrode. Hij prepareert het kostbare zaad vervolgens om het bij een temperatuur van 196 graden Celsius onder nul te bewaren. ‘Dan blijft het eeuwig goed’, verzekert hij.
Samen met zijn collega Henk Sulkers beheert Kees sperma van hengsten, hanen, beren, stieren, bokken en rammen. En sinds kort gaan er ook embryo’s de vrieskist in. ‘Met embryo’s hebben we in geval van calamiteiten nog de beschikking over de genetisch volledige dieren.’
Om de schapensoorten die door blauwtong worden bedreigd voor de ondergang te behoeden, wordt nu ook sperma gewonnen uit de teelballen van geslachte rammen. Dat blijkt een effectieve methode, vertelt Kees.
Hij houdt zijn kennis niet voor zichzelf. Met enige regelmaat legt hij in Bhutan of China – om maar een paar buitenplaatsen te noemen - uit hoe ze er in Lelystad bijvoorbeeld in geslaagd zijn hanensperma te bewaren. Kees: ‘Het ingevroren sperma leverde een bevruchtingspercentage op van 86, terwijl vers sperma 94 procent scoort. Op zo’n resultaat zijn wij best trots.’

Re:ageer