Wetenschap - 1 januari 1970

Kakkerlakken beschermen maïs in Afrika

Kakkerlakken beschermen maïs in Afrika

Kakkerlakken beschermen maïs in Afrika


Jaarlijks gaat ongeveer eenderde van de maïsoogst in Kenia ten onder aan
invasies van de stengelboorder, een insect dat maïsstengels aanvreet. Ook
in omringende landen als Oeganda en Ethiopië vormt de insectenplaag een
probleem. Bij de biologische bestrijding van deze stengelboorders hechten
ecologen tot nu toe vooral waarde aan parasieten zoals de sluipwesp. Maar
de onlangs gepromoveerde dr. Linnet Gohole meent dat Afrikaanse boeren meer
dank zijn verschuldigd aan kakkerlak en oorwurm.

De Keniaanse Gohole onderzocht in een landbouwgebied in het westen van
Kenia de uitwerking van grasstroken rondom maïsvelden. Deze maatregel,
sinds een paar jaar populair, moet de schade door stengelboorders
verminderen. De maatregel is ontsproten uit ecologisch onderzoek: onder
andere de Indiase onderzoeker dr Zeyaur Khan vond aanwijzingen dat de
specifieke grasgeur sluipwespen aantrekt, die vervolgens de eitjes van
stengelboorders parasiteert.
Gohole laat echter met een uitgebreid veldexperiment zien dat de aanleg van
grasstroken niet leidt tot een groter aantal sluipwespen. ,,Wat ik wel vond
is een duidelijke afname van het aantal stengelboorders. Het gras heeft wel
effect, maar dat is niet zo ingewikkeld als tot nu toe altijd werd
aangenomen. Het simpele feit is dat in het gras veel kakkerlakken en
oorwurmen zitten, die de stengelboorders opeten. De larven van
stengelboorders verspreiden zich met de wind mee en proberen zo andere
planten te koloniseren. De grasstroken met de daarin aanwezige roofdiertjes
vormen een aardige barrière.’’ Gohole wijst er ook op dat de grassoort die
de boeren veelal gebruiken, molasse-gras, de opmars van stengelboorders
tegenhoudt vanwege de structuur van de plant: ,,Het gras heeft heel kleine
blaadjes, waarin de larven van de stengelboorder verstrikt raken.’’
Gohole denkt dat meerdere grassoorten effectief zijn om de
stengelboorderplaag te bestrijden. Naast molasse-gras denkt ze aan
desmodium. Dat werkt goed tegen de insecten en het houdt de groei van het
veelvoorkomende onkruid heksenkruid tegen. Volgens Gohole is het aan te
bevelen iedere vijf stroken maïs een strook met gras in te zaaien. Met name
in de droge gebieden heeft dit een extra voordeel; het gras kan worden
aangewend als veevoer. |
H.B.

Gohole promoveerde op 18 maart bij prof. Louise Vet, hoogleraar in de
evolutionaire ecologie.

Re:ageer