Organisatie - 14 februari 2008

Is klimaatcompensatie één grote illusie?

Het is erg in trek om een boompje te laten planten om te mogen vliegen of autorijden. Maar de uitstoot van CO2 afkopen klinkt misschien wel mooier dan het is. Volgens onderzoek van de Volkskrant zijn compensatieprojecten misleidend. Veel ‘klimaatbossen’ zijn helemaal niet aangeplant met het boetegeld van vervuilende bedrijven en particulieren. Sterker nog, de meeste van die bossen stonden er al voor het idee van compensatie ontstond.

466_opinie_0.jpg
Prof. Rik Leemans, hoogleraar Milieusysteemanalyse
‘Een CO2-molecuul blijft zeker honderd jaar in de atmosfeer. Elke molecuul die wordt vastgelegd is er eentje minder. Dus compensatiemaatregelen zijn in principe zinvol. Er liggen wereldwijd ook genoeg stukken grond braak om bomen op te planten. Of ze daar ook daadwerkelijk kunnen groeien, hangt onder andere af van de locatie. Bomen planten in de Sahara heeft niet zoveel zin. Mediterrane en noordelijke gebieden en gebergten bieden echter wel weer veel kansen. Ook omdat deze vaak minder geschikt zijn voor de teelt van voedselgewassen.
We hebben berekend dat als we alle geschikte plekken in de wereld zouden beplanten, de bomen honderd gigaton CO2 kunnen vastleggen. Dit staat gelijk aan vijftien jaar wereldwijde uitstoot van CO2. Klimaatbossen kunnen dus helpen, maar ze lossen het probleem niet op. De oplossing moeten we eerder zoeken in de reductie van brandstofgebruik en fossiele brandstoffen. Tegelijkertijd moeten we ontbossing voorkomen, omdat daardoor juist weer CO2 vrijkomt. Maar dat compensatie het probleem niet oplost, wil niet zeggen dat we het moeten laten. Het geeft een goed gevoel en er kan vandaag mee worden begonnen. Dat is heel belangrijk.’

Prof. Arthur Mol, hoogleraar Milieubeleid[img]
‘Natuurlijk gaat er het nodige mis bij klimaatcompensatie. Ervaringen in het buitenland laten zien dat preventie van CO2-uitstoot beter is dan compensatie omdat de kans dat daarbij wordt gesjoemeld veel minder groot is. Slecht opgezette systemen, waar niet serieus wordt gecontroleerd en frauduleus wordt gerapporteerd, zijn een probleem. Daarnaast zijn er vraagtekens te zetten bij de afvang van CO2 die daadwerkelijk plaatsvindt door in principe goede systemen.
De beoordeling van het effect van maatregelen om de klimaatverandering te compenseren, is lastig. Het hangt af van wat je wel en wat je niet meeneemt. Dat zagen we afgelopen week ook in de discussie over biofuel. Nagenoeg alle op gewassen gebaseerde brandstoffen werden negatief beoordeeld in klimaattermen, omdat nu ook de koolstofschuld mee wordt genomen. Kortom, de klimaatdiscussie wordt steeds complexer.
Het gaat echter niet alleen om cijfers. Alle discussies over klimaatcompensatie of klimaatmaatregelen concentreren zich op emissies, maar als we verder kijken dan de getallen zien we dat compensatieprojecten belangrijk kunnen zijn om het draagvlak voor maatregelen te vergroten. Misschien zijn klimaatbossen niet het ultieme middel om de CO2-uitstoot aan te pakken, maar ze creëren wel handelingsperspectief voor burgers en draagvlak voor klimaatbeleid. Ik denk ook niet dat de mensen via compensatieprojecten slechts hun uitstoot afkopen om vervolgens lekker door te gaan met energieverbruik. Dat is net zoiets als dat mensen spaarlampen zouden kopen om ze langer aan te kunnen houden. Dit is een te beperkt, mechanistisch beeld. Als mensen echt zo onverschillig zijn, dan denken ze er überhaupt niet aan om klimaatneutraal bezig te zijn.’

Denis Slieker, directeur projecten en operations van de Climate Neutral Group[img]
‘Als compensatie van CO2 het enige zou zijn om de klimaatverandering tegen te gaan, heeft het inderdaad weinig zin. Dan zou het een middel van afkopen zijn om vervolgens vrolijk door te gaan met energieverbruik. Maar wij zien dat juist die mensen en organisaties die al bezig zijn met het klimaat investeren in compensatiemaatregelen. Zij merken dat ze met alleen minder energieverbruik en meer duurzame energie de uitstoot nog niet tot nul kunnen terugbrengen. Compensatie is dan een heel goed middel om klimaatneutraal te worden, mits het als onderdeel van een groter pakket wordt ingezet. Investeren in klimaatbossen en projecten voor duurzame energie is als het ware het laatste redmiddel in de keten om klimaatneutraal te worden.
Over 0,8 procent van onze duurzameenergieprojecten zijn vragen gerezen, die we laten uitzoeken door een extern bureau. Maar dat veel van de compensatieprojecten misleidend zijn is erg kort door de bocht beredeneerd en wat ons betreft onjuist. De discussie gaat voorbij aan het feit dat de markt volop in ontwikkeling is. Er zijn in korte tijd veel organisaties en projecten gestart. Sommige projecten waren een half jaar geleden nog goed, maar voldoen nu niet meer aan de eisen. Dat wil niet zeggen dat ze allemaal onterecht zijn opgezet. Vaak hebben ze wel degelijk een toegevoegde waarde in de compensatie van CO2-uitstoot. Ook voor ons is het echt van belang dat het geld wordt geïnvesteerd in goede maatregelen. Al onze projecten zijn voor honderd procent met klimaatgeld gefinancierd. Sommige projecten van ons zijn alleen al in de jaren negentig gestart, nog voordat het Kyoto-protocol was opgeschreven. Deze vallen nu buiten de certificering, omdat de projecten er simpelweg eerder waren dan de standaard. Daar ben ik het niet mee eens.’

Prof. Ekko van Ierland, hoogleraar Milieueconomie en natuurlijke hulpbronnen[img]
‘Compensatieprojecten kunnen werken, maar alleen onder heel strikte voorwaarden. De bossen moeten allereerst echt nieuw zijn. Als mensen geld stoppen in een bestaand bos, betalen ze eigenlijk voor niets. Die bossen houden wel CO2 vast, maar dat deden ze al. Behoud van de bossen is natuurlijk heel belangrijk, maar we schieten er weinig mee op als we daar compensatiegeld voor inzetten. Dan komt in principe iedere boom in aanmerking.
Het is moeilijk om te bepalen of een project nieuw is. Zowel de betalende partij als de ontvangende partij heeft namelijk baat bij goede resultaten. Voor de geldschieters is het fijn dat ze hun CO2-uitstoot kunnen afkopen, terwijl de ontvangende organisaties blij zijn met het extra geld. Het zijn dus de meest betrokken partijen die geprikkeld worden om resultaten te overdrijven. Om deze reden is een goede controle op de projecten heel erg belangrijk. Op projectniveau is nog wel te zien of iets nieuw is of niet. Maar we moeten verder kijken dan het ene gebiedje waar bomen geplant worden. De kans is namelijk reëel dat de nieuwe bossen leiden tot de gedachte dat er nu ergens zoveel bos staat, dat we elders best bomen kunnen kappen. Maar dan levert een compensatieproject natuurlijk helemaal niets op. Het gaat erom dat er op nationaal en uiteindelijk op mondiaal niveau meer bomen bijkomen.
Een goede controle is noodzakelijk. Dit geldt ook voor projecten voor duurzame energie in ontwikkelingslanden. Iemand moet controleren hoeveel projecten tot stand zouden komen zonder de inzet van compensatie. Het is nu nog wel redelijk aan te geven welke projecten extra zijn door klimaatcompensatie, maar het wordt moeilijker, omdat steeds meer projecten voor duurzame energie in ontwikkelingslanden ook zonder CO2-compensatie aantrekkelijk zullen worden.’

Re:ageer