Organisatie - 24 april 2008

Is de publicatie van nevenfuncties zinvol?

De raad van bestuur onderzoekt of het mogelijk is om de nevenfuncties van alle Wageningse hoogleraren openbaar te maken. Het doel daarvan is om iedereen inzicht te geven in de belangen van de wetenschappers en in mogelijke belangenconflicten. Maximale transparantie dus, geen geheimzinnigheid meer. Een zinvol idee?

opinie_0_532.jpg
opinie_0_532.jpg

Foto: .

Prof. Ivonne Rietjens, hoogleraar Toxicologie, is lid van werkgroepen, panels en commissies en werkt als adviseur bij onder meer de EFSA, VWA, Gezondheidsraad, Voedingscentrum, Vitromics BV, Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie, Flavor and Extract Manufacturers Assosiation in de VS, TNO en Nestlé.
'Wie even op mijn naam zoekt op internet, vindt zo mijn nevenfuncties. Als je adviezen geeft zoals ik voor het Europese voedselveiligheidsagentschap EFSA of de Voedsel en Waren Autoriteit, dan moet je je nevenfuncties opgeven. Dit is om duidelijk te maken waar je belangen hebt. Iedereen heeft belangen, als je onderzoek doet heb je ook belangen.
Het is belangrijk om opgave te doen van je nevenfuncties, maar het is ook goed om je te realiseren dat waar een belang is, er niet automatisch ook een belangenconflict is. Zelf heb ik het nog niet meegemaakt dat een nevenfunctie een belangenconflict opleverde. Nevenfuncties waarvan ik denk dat ze wel een probleem op zullen leveren neem ik niet aan.
Ik moest een paar weken geleden al een opgave doen aan de directie over mijn nevenfuncties, die ze ook bij de EFSA, de VWA of in de Staatscourant hadden kunnen lezen. Ik heb nog geen reactie ontvangen en het ingevulde formulier moet ook nog getekend worden, dus kennelijk was de urgentie niet zo groot.’

Prof. Rudy Rabbinge, universiteitshoogleraar Duurzame ontwikkeling en voedselzekerheid en de ongekroonde koning van de nevenfuncties. Vervult functies bij onder meer de Wereldbank, NWO, Stichting Tropenbos International, Vlietlandziekenhuizen Schiedam/Vlaardingen, het Koninklijk Instituut voor de Tropen en de KNAW.[img]
‘Je kunt me alles vragen. Ik zit nu in de trein van de vergadering van de raad van commissarissen van het Koninklijk Instituut voor de Tropen in Amsterdam naar die van het gebiedsbestuur van Aard- en Levenswetenschappen van NWO in Den Haag.
Ik ben er voorstander van dat alle nevenfuncties op internet staan. De meeste van mijn nevenfuncties hangen samen met mijn hoogleraarschap. Voor een aantal krijgt de universiteit een vergoeding. Hoeveel weet ik niet precies, maar ik verdien ongeveer drie keer mijn salaris terug en werk zo’n zeventig uur per week.
In alle jaren dat ik meeloop heb ik nog nooit een belangenconflict meegemaakt. Er zijn ook keurige gedragsregels. Meestal loop je even de zaal uit als er een besluit wordt genomen over je eigen instelling. Ik heb ook geen probleem met functies bij het bedrijfsleven. Zo ben ik adviseur duurzame landbouw bij Unilever. Eigenlijk is het voor Wageningers gewenst nevenfuncties te hebben. Je wordt immers alleen gevraagd als je ook echt iets te bieden hebt.’

Prof. Bernd van der Meulen, hoogleraar Recht en bestuur, heeft nevenfuncties bij onder meer de Consumentenautoriteit en de Nederlandse Mededingingsautoriteit.[img]
‘Ik heb een lijst met bezigheden ingediend zonder dat ik me nu precies heb afgevraagd wat wel en wat geen nevenfuncties zijn, zoals de universiteit dat begrip opvat.
Iets van transparantie is wel goed. Ik heb geen sterke gevoelens ten aanzien van publicatie van dit soort gegevens, al weet ik als jurist wel dat je er uit oogpunt van bescherming van persoonsgegevens kanttekeningen bij kunt zetten. Ik neem aan dat de universiteit het naar behoren heeft afgekaart met het College Bescherming Persoonsgegevens.
Ik heb zelf een aantal nevenfuncties die de vakgroep geld opleveren. Mijn adviseurschappen bij de Consumentenautoriteit en de Nederlandse Mededingingsautoriteit hebben nut vanuit mijn functie als hoogleraar en ik heb er profijt van dat zulke adviseurschappen openbaar zijn, omdat die functies een openlijke erkenning van mijn deskundigheid zijn.’

Prof. Leontine Visser, hoogleraar Rurale ontwikkelingssociologie, doet af en toe consultancyopdrachten in Azië.[img]
‘Ja, ik heb nevenfuncties en die heb ik netjes gerapporteerd aan het departement SSG. Ik juich het toe dat Wageningen Universiteit openbaar gemaakt heeft wie de buitengewoon en bijzonder hoogleraren betaalt.
Zelf doe ik af en toe consultancyopdrachten in Azië. Die opdrachten komen meestal van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken of internationale ontwikkelingsorganisaties, die daarvoor betalen aan de universiteit. Die opdrachten voer ik uit in mijn eigen tijd en in werktijd. Daarover is nog wel eens discussie, omdat het deels gaat om eigen tijd, bijvoorbeeld in het weekend, die geheel ten goede komt aan de universiteit.
Het is me nog nooit overkomen dat ik een nevenfunctie aangeboden kreeg die een belangenconflict kon opleveren met het hoogleraarschap. Maar in mijn vakgebied zal dat ook niet zo snel voorkomen.’

Re:ageer