Organisatie - 6 december 2019

Invloed van bedrijven neemt af, niet toe

tekst:
Albert Sikkema

Met de opening van het R&D-centrum van Unilever op de Wageningse
campus is weer de zorg te horen dat WUR steeds meer verstrengeld raakt met de voedingsindustrie. In praktijk is de trend echter precies omgekeerd: de universiteit doet steeds minder contractonderzoek voor bedrijven.

Telkens als een innovatiecentrum van een bedrijf zijn deuren opent op de Wageningse campus, waarschuwen bezorgde Wageningse studenten en medewerkers voor beïnvloeding van de universiteit. Dat gebeurde bij de opening van FrieslandCampina’s Innovation Centre in 2013 en nu Unilever zijn Global Foods Centre opent op de campus, klinkt opnieuw het geluid dat de Wageningse wetenschap niet onafhankelijk is en te verstrengeld raakt met de belangen van bedrijven.

Follow the money

De cijfers laten een trend zien die precies omgekeerd is. De inkomsten uit contractonderzoek bij de universiteit dalen al jaren. Het academisch contractonderzoek kromp tussen 2013 en 2016 met 24 miljoen euro, blijkt uit de financiële jaarverslagen van WUR. In 2013 haalde de universiteit nog 84 miljoen euro aan contractonderzoek binnen, in 2016 nog 60 miljoen.

Een jaar later was dat 59 miljoen. De meest interessante post binnen dat contractonderzoek is de ‘bilaterale markt’, de een-op-een onderzoekopdrachten van bedrijven en organisaties. Die post daalde navenant. In 2013 staat ‘bilateraal’ nog niet in de boeken, in 2014 bedraagt ie 50 miljoen, in 2015 45 miljoen, in 2017 39 miljoen en in 2018 41 miljoen, op een totaalomzet van 360 miljoen euro.

Opgeheven topinstituten

De financiële jaarverslagen bevatten geen specifieke informatie over Wagenings onderzoek met Unilever, maar vermoedelijk is ook die gedaald. Een belangrijke aanwijzing is dat de universiteit in 2013 nog 35 proefschriften afleverde met onderzoek voor de technologische topinstituten, waarin bedrijven en onderzoekers samen de onderzoekvragen bedachten. Juist hier verstrengelden de belangen van bedrijven en universiteit zich.

Bijvoorbeeld in het Top Institute Food and Nutrition (TIFN), waarin de universiteit onder meer nauw samenwerkte met Unilever. Maar deze topinstituten zijn opgeheven. Mede daardoor daalde de omzet aan contractresearch bij WUR. Waarom blijft de theorie van de invloedrijke bedrijven dan hardnekkig bestaan? Mogelijk komt dat omdat publieke onderzoekfinanciers als NWO en EU steeds vaker co-financiering van een bedrijf eisen. Daar klagen onderzoekers over, maar niemand bekritiseert de afname van het contractonderzoek in Wageningen.