Wetenschap - 16 augustus 2002

Introlopers blijken in vorm op relaxte sportdag

Introlopers blijken in vorm op relaxte sportdag

Ze hebben het einde van de sportdag niet afgewacht. "Zodra het kon zijn we ertussenuit gesneaked", zeggen ze. Jewa Reichart (gaat Biologie doen) en Bette Hardens (heeft gekozen voor Bos- en natuurbeheer) grepen hun kans toen de AID-ers zich verzamelden op het grasveld achter op de Born, zodat een fotograaf de vijfhonderd introlopers vanaf de sterflat kon vastleggen.

"Leuk idee hoor", vindt Jewa. "Maar je kunt jezelf er op die foto toch niet uithalen." Daarom, en omdat ze nog naar een kamer wilde kijken, gingen zij en vriendin Bette eerder weg. "Dan kan ik straks samen met m'n mentorgroep op de vereniging eten. Mijn groepje wil graag alles samendoen", zegt Bette. "Ikzelf vind dat niet zo nodig. Ik ken al mensen in Wageningen en dan zit je niet meer zo vast aan een mentorgroep."

De sportdag was prima, vinden de vriendinnen. "Veel rust tussendoor", zegt Jewa waarderend. "Ik was eigenlijk bang dat we continu bezig zouden zijn. Maar het was erg relaxed. Je speelde even frisbee, dan had je pauze en kon je praten, en daarna deed je weer wat."

Melk en fris

In de zon, voor de ingang van het sportcomplex, zitten Barend van de Har en Dicky Bullinga van de EHBO-Vereniging Sint Jan. Het was rustig vandaag, zegt Barend. "Wespensteken, wat schaafwondjes, een kapot knietje. Dat was het. Nee, geen gescheurde spieren. Zelfs geen verstuikte enkels. Niks."

Dicky: "Dit zijn geen bureaumensen die de hele dag achter de computer zitten. Je kunt zien dat verreweg de meesten uit een sportcultuur komen. Ze zijn flexibel en leven gezond. Je ziet ze ook geen alcohol drinken. Alleen melk en fris. Dan krijg je ook geen rare ongelukken."

Dat de introlopers sportief zijn klopt, zegt dr Casper Vroemen, leunend tegen de stand van Argo. Vroemen, die bij Argo looptrainingen verzorgt, is goed bekend met de sportieve kant van de Wageningse student. Hij verwacht dat de sportverenigingen, die zich vandaag in kraampjes aan de nieuwe studenten hebben gepresenteerd, het gros van de AID-ers zullen terugzien. "Wageningse studenten zijn sportief. Maar het zijn wel recreatieve sporters, voor wie sporten vooral leuk moet zijn. Prestatiesporters vind je hier niet zoveel."

Waarschijnlijk zorgt die sportiviteit ervoor dat de Wageningse sportverenigingen weinig van de teruglopende studentenaantallen merken. "Je leest natuurlijk in het Wb dat er steeds minder studenten komen", zegt Vroemen. "Maar vandaag hebben we het niet gemerkt. Het was gewoon druk."

Dat komt misschien doordat het percentage studenten dat meedoet aan de AID toeneemt. "Maandag hadden we 520 inschrijvingen", zegt Dani?lle Roordink van de CAID. "Als je bedenkt dat de aanmeldingen teruglopen is dat best veel. We gaan ervan uit dat praktisch alle deelnemers op de sportdag waren."

In bad

De meeste studenten hebben het terrein alweer verlaten als Marja de Vos de kratten met broodbeleg aan het opruimen is. Ze behoort tot de crew, maar dat kun je niet aan haar zien. Het blauwe T-shirt ontbreekt. "Ze hebben me in het bad gegooid", zegt ze koel. "Ik moest wat anders aantrekken."

Voor haar is het meewerken aan de AID een soort emotionele tijdreis. "Je ziet jezelf terug. Je zag gisteren hoe iedereen nog verlegen was, en hoe dan langzaam de groepjes ontstaan. En vandaag zie je de mensen al wat opener worden." Tegelijkertijd ziet ze dit als een vingeroefening voor volgend jaar. "Ik zit erover te denken om in de CAID te gaan." | Willem Koert

Kader: Als twee druppels

Casper Vroemen zette in september 2000 een punt achter zijn sportieve carri?re als steeplechaser (voorheen: hordeloper). "Ik was derde, en soms tweede van Nederland. Maar toen ik geen progressie meer zag ben ik ermee gestopt." Caspers tweelingbroer Simon ging door. Nog geen week geleden won hij zilver, op de EK in M?nchen.

Toen Simon zijn medaille won, zat Casper op de tribune. Een cameraploeg van Eurosport hield hem voor zijn broer, en nam een spotje tegen roken met hem op. "Ik bleef zeggen dat ik de tweelingbroer van Simon was. Maar toen ik ze had overtuigd, zeiden ze: Ach, wat maakt het ook uit. Je lijkt zo veel op je broer, niemand merkt het verschil."

Re:ageer