Wetenschap - 1 januari 1970

Internationale kerkdienst ‘echt heel cool’

Ondanks het vroege tijdstip bezochten meer dan honderd studenten de kerkdienst tijdens de introductiedagen. ,,We zijn zaterdag speciaal wat eerder naar bed gegaan, om een uur of half vier’’, aldus eerstejaars Internationale ontwikkelingsstudies Harriet Tienstra.

Er staat zowaar die zondagochtend om halftien al een kleine rij te wachten op de ontbijtservice in de aula, die aan de dienst voorafgaat. Naast de boterhammen en de onvermijdelijke Hollandse ontbijtkoek en hagelslag staan op de tafels ook diverse schalen met internationale gerechten klaar: Chinese rijst met groente en zoete aardappels met kokosnootmelk uit Tanzania. Achter de tafel beveelt Daisy Onyige, PhD-student bij de leerstoelgroep Sociologie van consumenten en huishoudens, gekleed in een traditioneel Nigeriaans gewaad, haar pikante aardappelschotel aan. De entourage is typerend voor de Sunday Service van het studentenpastoraat die tijdens het studiejaar wekelijks gehouden wordt.
Voor vele trouwe deelnemers aan de kerkdienst vormt deze eerste dienst het weerzien na de vakantie. De eerstejaars lijken in de minderheid, de verhouding Nederlands-buitenlands ongeveer in evenwicht. Dickson Malnuda, aankomend MSc-student Management, Economics and Consumer Studies uit Oeganda, is wel net nieuw in Wageningen. Hij wordt op sleeptouw genomen door twee oudgedienden uit Sierra Leone, die Wageningen al beter kennen. Hij is zelf baptist en heeft geen problemen met het oecumenische karakter van de kerkdienst. ,,Dat maakt mij niets uit. Ik ben hier vooral om contacten te leggen met de christelijke gemeenschap.’’
Als de dienst om tien uur begint blijkt het auditorium van de aula, dat als kerkzaal is ingericht, bijna te klein. Stoelen worden bijgesleept om iedereen een zitplaats te bezorgen. Tijdens de preek blijkt dat in ieder geval één typisch Nederlandse traditie in al het internationale geweld overeind is gebleven: in een rij gaat een rol pepermunt rond. De meeste liederen worden gezongen in het Engels, maar voor een aantal coupletten is flink leentjebuur gespeeld over de gehele wereldbol. Het geeft de dienst een speciaal tintje, zeker als een aantal Afrikaanse vrouwen de kenmerkende luide rollende zangriedel laat klinken. Als je geen acht slaat op de strak starende blanke hoofden van de portrettengalerij aan de wand, waan je je even bij een kerkdienst in Afrika.
Eerstejaars Internationale ontwikkelingsstudies Ina de Jong uit Sneek is na afloop zeer onder de indruk van het internationale karakter van de dienst. ,,Ik vond het echt heel cool. Als je al die mensen ziet die van overal van de wereld naar Wageningen komen, dan voel je je bijna bevoorrecht om hier te gaan studeren.’’ In Sneek gaat ze altijd naar de vrijebaptistengemeente. ,,Dat zal ik ook wel blijven doen, als ik in het weekend naar huis ga, maar het lijkt me wel leuk om af en toe hier de internationale dienst te bezoeken.’’ Studie- en AID-groepsgenoot Harriet Tienstra valt haar bij: ,,Ik vond het heel bijzonder en de moeite waard om vroeg voor op te staan.’’ Eerstejaars Biologie Marielle van Berkum is nog wel op zoek naar haar mentor: ,,Hij wilde wel komen, maar ik denk dat hij zich heeft verslapen.’’ Pastor Josine van der Horst, die de dienst leidt, heeft de indruk dat veel studenten juist het internationale en oecumenische karakter waarderen. ,,Omdat Engels de voertaal is, maakt niemand zich druk om de scherpe kantjes, men zoekt vooral naar de dingen die je als christen bindt.’’
Voor Daisy Onyige had de dienst een belangrijke persoonlijke boodschap voor studenten: ,,Als we in Wageningen iets ontdekken moeten we dat niet wegstoppen, maar gebruiken om de wereld te verbeteren. We moeten, net als kinderen, stralen.’’ | G.v.M.

Re:ageer