Wetenschap - 1 januari 1970

India wil geen Nederlandse hulp meer

India wil geen Nederlandse hulp meer

India wil geen Nederlandse hulp meer


De Indiase regering heeft aangegeven geen directe ontwikkelingshulp meer te
willen ontvangen van een 14-tal kleine landen, waaronder Nederland. In het
vervolg mogen alleen de grote landen, zoals Japan, Engeland, de VS, de
Europese Unie en Rusland, nog bilaterale hulp aan India geven. De
Nederlandse minister van ontwikkelingssamenwerking verwelkomt de Indiase
stap en heeft als reactie de Indiase regering verzocht de thans lopende
programma’s over te nemen. Wat is de betekenis van het beëindigen van deze
inmiddels ruim 40 jaar durende hulprelatie?

Prof. Arie Kuyvenhoven, hoogleraar Ontwikkelingseconomie, Wageningen
Universiteit:

,,Het heeft zeker niet alleen maar een symbolische betekenis. Ik denk dat
India hiermee heel duidelijk een signaal wil afgeven dat zij haar
internationale relaties wil stroomlijnen. Kleine landen zijn daarbij toch
minder belangrijk. Dat de omvang van de Nederlandse hulp eigenlijk groter
is dan die van de Verenigde Staten en andere donoren, speelt daarbij
nauwelijks een rol. Hoe je het ook went of keert, het gaat om kleine
bedragen in verhouding tot de Indiase investeringsbehoefte. Als je de
begrote hulp van Nederland aan India voor 2003, 71 miljoen euro, afzet
tegen de bevolkingsomvang en begroting van India dan heb je het toch over
een druppel op de gloeiende plaat. Bovendien hoeft dit volgens mij niet te
betekenen dat ook de projecten van de zogenaamde
medefinancieringsorganisaties, die vaak heel duidelijk gericht zijn op
armoedebestrijding, stil komen te liggen. Die stroom gaat als het ware
buiten de regering om.
Het signaal dat India toch wel duidelijk wil afgeven is dat ze niet meer
met ieder land om de tafel willen gaan zitten over hulpvoorwaarden. Er zit
ook de boodschap in dat men eigenlijk liever met Brussel wil onderhandelen.
In de Nederlandse ontwikkelingswereld is dat wel even slikken. We zijn toch
altijd min of meer gewend geweest in de ontwikkelingshulp een eigen
voortrekkersrol te spelen.
Het verzoek heeft vast ook te maken met trots. India heeft nooit echt te
koop gelopen met het feit dat ze buitenlandse hulp ontvangen. Zelfs voor de
Groene Revolutie, in de jaren zestig toen India nog niet zelfvoorzienend
was op het gebied van voedsel en zelfs te kampen had met hongersnoden, was
er al schroom om voedselhulp te vragen. India kiest nu nog duidelijker voor
dezelfde lijn als China. Ze zijn een groot land, met een grote cultuur, die
hun eigen boontjes wel kunnen doppen. Wat een klein land als Nederland
daarvan vindt, doet dan minder ter zake.
Het is goed voor te stellen dat het verzoek van de Indiase regering
minister Van Ardenne op dit moment eigenlijk wel goed uitkomt. Dankzij het
regeerakkoord zit ze met een enorm gat in haar begroting. Haar aanbod de
programma’s versneld over te dragen in plaats van af te bouwen kun je daar
niet los van zien.
Natuurlijk betekent dit alles niet dat India geen problemen meer heeft. Het
is nog steeds het land met de grootste hoeveelheid ondervoede mensen. India
is op nationaal niveau wel zelfvoorzienend, maar een groot deel van de
bevolking is gewoon te arm om zich voldoende te voeden. Dat het land
hiervoor nu duidelijker zelf de verantwoordelijkheid neemt, valt op zich te
waarderen.’’ | G.v.M.

Re:ageer