Wetenschap - 20 september 2007

Inburgering

‘Ze woont nu zestien jaar in Nederland, is milieuwetenschapper aan de universiteit in Wageningen, heeft een Nederlands boek vertaald en spreekt vlekkeloos Nederlands. Dus of ze maar even wil opdraven voor een inburgeringscursus.’ Zo begint een artikel in dagblad De Pers over de Amerikaanse Anne Scheinberg, deeltijdpromovendus bij de leerstoelgroep Milieubeleid in Wageningen.

322_opinie_0.jpg
322_opinie_0.jpg

Foto: .

‘Ik noem mezelf geen milieuwetenschapper’, corrigeert Scheinberg het artikel in De Pers. ‘Noem me maar afvalloog. Ik hou me bezig met afval in ontwikkelingslanden. Of, als je het breder wilt zien, met het stedelijk milieu.’
Afgelopen dinsdag mocht Scheinberg, die geen vrijstelling krijgt van de inburgeringsplicht, opdraven bij de commissie bezwaar en beroep van de gemeente Den Haag, waar ze woont. Ze vindt het ‘belachelijk dat de vakbekwaamheid, intelligentie en het oordeel van de ambtenarij gepasseerd moet worden om een formeel papiertje te krijgen dat je bent ingeburgerd.’ Kafkaiaans, oordeelt ze.
De wetenschapper krijgt steun van haar leerstoelgroep en andere media geven ook aandacht aan de kwestie. Maar daar koopt ze weinig voor. ‘Het ziet er niet erg kansrijk voor mij uit. Dat komt omdat de wetgeving de ambtenaren weinig ruimte biedt voor een eigen oordeel.’
Scheinberg weet nog niet wat ze doet als haar bezwaar wordt afgewezen. ‘Ik kan dan naar de bestuursrechter. Misschien is er binnen de universiteit een leerstoelgroep die dit verder uitgezocht wil hebben. Want zelfs een ondersteunende brief van een hoogleraar kan mij niet helpen.’ De enige manier waarop ze een vrijstelling kan krijgen is via een verkorte toets van de IB-groep, of een staatsexamen Nederlands. ‘Eigenlijk heeft de IB-groep een soort monopolie op de afgifte van een vrijstelling via een toets.’

Re:ageer