Wetenschap - 22 maart 2016

In luwte van steden valt meer regen

tekst:
Roelof Kleis

Benedenwinds van de steden in de Randstad valt meer regen. Uit welke hoek de wind ook waait. Het verschil kan soms oplopen tot 20 procent.

Het hitte-eilandeffect van steden is inmiddels genoegzaam bekend. Op het platteland is het ’s avonds koeler dan in naburige stad. Naar dat temperatuurseffect is veel onderzoek gedaan. Maar hoe zit het eigenlijk met de regen, vroeg Emma Daniels zich af. Bij promotor Bert Holtslag van de leerstoelgroep Meteorologie en luchtkwaliteit kreeg zij de kans om dat eens
goed uit te zoeken.

Daniels beperkte zich tot het gebied langs de Noordzee, daar waar de meeste grote steden in ons land liggen. Zij deelde zestig meetstations in dit gebied op in landelijke of stedelijke stations, al naar gelang de hoeveelheid stedelijk gebied binnen een straal van twintig kilometer van het station. Zij deed dit voor elk van de acht windstreken rondom een station.
Vervolgens werd de regenval van de afgelopen zestig jaar aan die stations gekoppeld.

De uitkomst is onbetwistbaar: benedenwinds van steden valt gemiddeld zeven procent meer regen. Afhankelijk van de windrichting en het seizoen kan dat verschil oplopen tot twintig procent. Bij extreme buien valt benedenwinds zelfs tien procent meer regen. Wie niet van regen houdt, moet volgens Daniels aan de westkant van een stad gaan wonen. ‘De heersende windrichting in ons land is zuidwest. Bij oostenwind valt de minste regen. Die twee samengenomen, is mijn advies west.’

Stadswarmte zorgt voor extra opstijgende lucht en convectie. Dat vertaalt zich benedenwinds in meer regen.

De oorzaak voor extra regenval in de stadsluwte heeft waarschijnlijk te maken met het hitte-eilandeffect. Stadswarmte zorgt voor extra opstijgende lucht en convectie. Dat vertaalt zich benedenwinds in meer regen. Overigens is over de hele linie de regenval de afgelopen eeuw flink gestegen. In de halve eeuw die Daniels onderzocht is er in de Randstad zestien procent
meer regen gevallen. Die toename wordt voornamelijk toegeschreven aan de opwarming
van het zeewater door klimaatverandering. Het  stadseffect van Daniels is in vergelijking daarmee gering.

In de luwte van steden regent het dus meer. Maar betekent meer steden dan ook meer regen? Nee, laten modelberekeningen van Daniels zien die alleen naar het landgebruik kijken. Veranderend landgebruik leidt op landelijke schaal juist tot minder neerslag. Dat leidt tot verrassende effecten op de lange termijn. Daniels: ‘Door klimaatverandering stijgt de hoeveelheid neerslag, maar verstedelijking dempt dat effect. De toename van extreme
regenval wordt in mijn simulaties zelfs volledig tenietgedaan.’

Emma Daniels verdedigt haar proefschrift op maandag 11 april om 16.00 uur in de Aula.


Re:ageer