Wetenschap - 4 september 1997

Ich bin ein Droevendaler

tekst:
Gastredacteur

Twintig jaar barakleven

De Wageningse burgemeester Jaap Sala bestijgt het podium. Beste mensen spreekt hij zijn gehoor toe. Er is vanavond maar een burgemeester hier. Dat is Patrick. Het is een erkenning van het bijzondere karakter van Droevendaal; een mini-dorpje van noodhuisvesting voor studenten. Op elk ander complex van de Stichting Sociale Huisvesting Wageningen zou Patrick Jansen bewonersvertegenwoordiger heten of woonvoorzitter. In de nederzetting van noodbarakken, aan de grens tussen de gemeenten Wageningen en Ede, is hij burgemeester Jansen is als eerste op het podium geklommen, om de Droevendalers te feliciteren met het twintigjarig bestaan van het complex. Dat de Raad van State bezwaren tegen het voortbestaan van Droevendaal ongegrond verklaart, geeft Droevendalers een extra reden tot feestvieren. Waarschijnlijk begint volgend jaar een ingrijpende renovatie van het complex. De huidige afgeschreven, tochtige en gehorige barakken worden vervangen door nieuwbouw Het is een zonnige dag voor Droevendaal, houdt Jansen zijn gehoor voor, dat net op dat moment gaat schuilen voor de regen. Maar de regen hoort volgens Jansen net zo bij een feest op Droevendaal als de moestuintjes, geiten en varkens horen bij de nederzetting. Vijf jaar geleden, toen was het mooi weer. Maar tegelijk hingen er donkere wolken boven Droevendaal. Toen wees alles erop dat Droevendaal een volgend lustrum niet zou halen. Nu weten we dat er nog veel Droevendaalfeesten gaan volgen. Onder het slaken van de kreet Ich bin ein Droevendaler maakt Jansen plaats voor Pierre Duyx, directeur van de SSHW Hij zet nog bijna een domper op de feestvreugde. Voordat Droevendaal wordt vernieuwd, is er commitment nodig. En ik moet constateren dat dat commitment er bij de bewonersvertegenwoordigers van Droevendaal niet is. Ofwel: als de vertegenwoordigers niet inbinden in de komende onderhandelingen, dan wacht de SSHW met de renovatie van Droevendaal. De stichting heeft een sterke positie. Ze zit niet om kamers te springen, omdat er Wageningen geen kamernood meer bestaat. Toch ziet burgemeester Jansen de komende onderhandelingen met vertrouwen tegemoet, zegt hij later. De vraag is niet wat wil de corporatie verhuren. De vraag is: wat willen de bewoners huren. Wij willen garanties dat de SSHW probeert zoveel mogelijk het vrije karakter van Droevendaal in stand te houden. De dreigende taal van de directeur verbaast hem niet. Duyx is een eerlijk man. Hij zegt waar het op staat. De feestvierders trekken zich weinig aan van Duyx boodschap. Als hij de Droevendalers heeft gefeliciteerd vallen ze aan op het cadeau van de SSHW, tien kratten ecologisch bereid Alpha pils De toespraken zijn voorbij gegaan aan Laura Jonker en Debora Havenaar. In een hoekje van de feesttent verven zij elkaars gezicht. Met een klein sponsje veegt Jonker blauwe strepen op het voorhoofd van Havenaar. Het was bedoeld als een workshop body-painten. Maar ja, met dit weer wil niemand uit de kleren. Voordat ze naar Droevendaal verhuisde, woonde Jonker op studentenflat Rijnsteeg. Maar ik ben vegetarier en eet vaak biologisch. Ik had steeds meer het gevoel dat ik me voor die keuze moest verantwoorden. Op Droef heb je de keuze tussen vegetarisch eten en veganistisch, zo typeert voormalig Droevendaler Eric de Greef zijn oude woonomgeving. De stereotiepe barak heeft kippen, een composthoop en een week schuld bij de melkboer. Op het menu staat courgette of pompoen en niemand weet of ze nu drie of vier katten hebben. De ex-burgemeester staat met zijn opvolger een biertje te drinken in de als bar ingerichte fietsenstalling. Oh ja, er hangt een poster met het programma van filmhuis Movie W. Van een paar maanden oud. In de gang van barak 71, waar de consumptiebonnen worden verkocht, hangt geen kalender van Movie W. Wel hangt aan de linkermuur de zaalindeling voor de examens. Pal ertegenover hangt een schema waarop is af te lezen wanneer in welke wijk van Wageningen het grof vuil wordt opgehaald. Voor als de bewoners een nieuw bankstel nodig hebben Inmiddels is het donker geworden. Het licht van een kampvuur flakkert op de overjas van Pim. Zijn lichtblauwe overhemd, linnen broek en bruine schoenen vallen uit de toon tussen zwarte T-shirts en legerkistjes om hem heen. Pim woont in barak 101. Ze doen niet zo moeilijk als je wat afwijkt, verklaart hij luchtig. Trots laat hij de groentetuin zien. Maïs, prei, boontjes en rabarber. Hoewel in vroeger tijden een geliefd gewas, wordt het verbouwen van Nederwiet steeds minder populair. Het is niet leuk meer. Mensen van buiten Droevendaal schuimen het terrein af om het te stelen. Laatst werd iemand wakker van gestommel. Toen hij in de tuin ging kijken werd hij door de wiet-dieven in elkaar geslagen. Katten hebben de bewoners van 101 wel. Nog één om precies te zijn. Toen Geel een dwarslaesie kreeg, hebben we hem een spuitje laten geven. Blauw leeft nog. Ja, veel mensen vinden Geel en Blauw maar rare namen voor katten. Maar het waren allebei rode katers. Om ze uit elkaar te houden, gaven we de één een geel en de ander een blauw halsbandje. Kijk, dat stukje beton, daar woonde ik. Rolf Post wijst door het kampvuur in de richting van een kale fundering. Met tegenzin heeft hij Droevendaal verruild voor een studentenhuis aan de Van der Waalstraat. Het was een gezellige barak. Het ging goed.
Omdat de SSHW de barak wilde ontruimen kwamen er geen officieel huurders meer bij. Er woonden maar een paar mensen die huur betaalden. Voor de leegstaande kamers zochten wij mensen erbij. Meestal vrienden. Post weet nog niet of hij weer op Droef gaat wonen als er verbouwd is. Op dit moment zou ik het doen, maar ik weet niet wat ik over een paar jaar wil. Een mens verandert. Ik denk wel dat ik dan weer iets zoek dat lijkt op Droevendaal. Een woongroep in een boerderij, of zo. Wonen in de stad is niet echt een optie.

Re:ageer