Organisatie - 13 november 2008

INSTROOM HOGESCHOOL STAGNEERT

Net als de voorgaande jaren is ook dit jaar de instroom bij Van Hall Larenstein niet gestegen. Het aantal eerstejaars loopt zelfs met bijna zes procent terug, maar dat wordt gecompenseerd door de zogeheten zij-instroom van mbo’ers en internationale studenten.

Het aantal eerstejaars in Leeuwarden is toegenomen van 494 in het voorgaande schooljaar naar 525 studenten nu. Vooral de opleidingen Biotechnologie - met de major Forensic sciences - en Dier- en veehouderij zijn gegroeid. Diermanagement blijft met 178 eerstejaars de grootste trekker, maar daalt ten opzichte van vorig jaar. Ook de belangstelling voor Milieukunde is teruggelopen.
In Velp en Wageningen is de eerstejaars¬instroom gedaald van 540 naar 449. Daar staat wel een grotere zij-instroom in het tweede en derde jaar tegenover. In Velp trekt de licht groeiende opleiding Tuin- en landschapsinrichting dit keer de meeste eerstejaars: 105. Maar bij Land- en watermanagement is het aantal studenten met eenderde teruggelopen. De snelstgroeiende opleiding in Wageningen is Tropische landbouw, dat vorig jaar op sterven na dood leek maar met de nieuwe major Fair Trade Management een kleine wederopstanding beleeft. Terugloop is er bij Plattelandsvernieuwing en bij Dier- en veehouderij, dat mede dankzij de major Equine Leisure & Sports met 52 eerstejaars toch de grootste opleiding in Wageningen blijft. De instroom bij de masteropleidingen van VHL in Wageningen blijven ongeveer gelijk.
De instroomcijfers worden normaliter een maand eerder bekendgemaakt, maar kwamen dit jaar later door de invoering van het nieuwe inschrijfsysteem Studielink. Studenten kunnen zich via Studielink aanmelden bij meerdere hogescholen, terwijl afmeldingen niet worden doorgegeven. De aanmeldcijfers lieten een stijging van meer dan twaalf procent zien, maar de opkomst bleek bij de introductieweek een stuk lager.
De hoofdoorzaak van deze tegenvaller ligt volgens directielid Martin Jansen bij de hogeschool zelf. ‘We moeten de binding met potentiële studenten verbeteren. Met mensen die belangstelling hebben getoond, willen we contact houden. Zo willen we hen voortaan vanuit de opleidingen op de hoogte houden van meeloopdagen en activiteiten. Zodat ze niet alleen berichtjes krijgen via Studielink dat ze hun diploma nog op moeten sturen, maar ook vanuit de hogeschool worden betrokken bij de opleiding waar ze interesse in hebben. Ze moeten zich zeer welkom voelen.’
Bij Wageningen Universiteit is het aantal eerstejaars dit schooljaar met dertien procent gegroeid. VHL, dat zich op vergelijkbare actuele maatschappelijke thema’s richt, blijft daar dus bij achter. Jansen heeft daar geen sluitende verklaring voor. ‘Wij trekken natuurlijk meer havisten en minder vwo’ers, daar kan nog een verschil in zitten. Een ander punt is de Keuzegids Hoger Onderwijs, waarin Van Hall Larenstein niet hoog genoteerd staat. Onze eigen studenten moeten onze ambassadeurs worden, net als bij de universiteit. Ik denk dat wij ook nog kunnen groeien. Dat hebben we in eigen hand en vergt veel inzet. Maar er ligt veel potentie.’

Re:ageer