Wetenschap - 1 januari 1970

ICT-project Walhalla blijkt te ambitieus

ICT-project Walhalla blijkt te ambitieus

ICT-project Walhalla blijkt te ambitieus


ICT in het onderwijs is geen doel maar middel

Het ICT-project Walhalla, dat 1.47 miljoen euro kostte, was te ambitieus.
In het project werkten Wageningen Universiteit, het Van Hall Instituut in
Leeuwarden en Hogeschool Larenstein aan de inzet van computers, internet,
en video conferencing bij gezamenlijke opleidingen. De gezamenlijke
opleidingen kwamen echter om verschillende redenen grotendeels niet van de
grond. Ook bleek video conferencing lastig uitvoerbaar en het gebruik van
ICT in het onderwijs in het algemeen tegen te vallen.

De betrokken instellingen beschouwen het project als geslaagd, omdat
ervaring is opgedaan met ICT in het onderwijs. Dit staat in een
evaluatierapport van december 2002. Projectleider Wiebe Nijlunsing denkt
wel dat ICT te veel als doel op zich is gezien, en te weinig als middel.
,,De instrumentele kant van ICT is te veel benadrukt. Er is te weinig
gekeken naar de vraag'', zegt hij.
Walhalla, dat deels gefinancierd werd door stichting SURF en het ministerie
van LNV, bestond aanvankelijk uit twee onderdelen: Wageningen Universiteit
en het Van Hall Instituut werkten samen aan de Friese propedeuse voor een
aantal studierichtingen, en Larenstein en Van Hall wilden samen de
opleiding Tuinbouw en Akkerbouw aanbieden. Een aantal onvoorziene situaties
bemoeilijkte de voortgang van het project. De Friese propedeuse werd wegens
de lage aanmeldingscijfers afgeschoten en de opleiding Tuinbouw en
Akkerbouw kwam door gebrek aan overeenstemming niet van de grond. Een deel
van het projectgeld werd daarom geïnvesteerd in de opleiding Food and
Business, een samenwerking tussen de locaties Velp en Deventer van
hogeschool Larenstein.
,,Binnen de opleiding Tuinbouw en Akkerbouw was te weinig commitment om één
opleiding te verzorgen’’, zegt Nijlunsing. Hij denkt dat de docenten
daardoor ook niet gemotiveerd waren om mee te werken aan de inzet van ICT
in het onderwijs. Ook de leeftijd van de betrokken docenten kan hebben
meegespeeld. Nijlunsing: ,,De docenten zijn al wat ouder en niet zo
digitaal vaardig.’’
Volgens Nijlunsing was de coöperatie van docenten van Food and Business en
de Friese propedeuse beter. Binnen Food and Business wordt gewerkt aan de
ontwikkeling van een aantal cursussen die tegelijk in Deventer en Velp
gevolgd kunnen worden. Nu Wageningen Universiteit gestopt is met de Friese
propedeuse worden ICT-faciliteiten in Wageningen en Leeuwarden nog wel
gebruikt, maar op minder grote schaal.

De deelnemende instellingen wilden met het Walhalla-project ook het gebruik
van ICT op één lijn brengen. Daarbij moesten vakken geheel vernieuwd worden
met behulp van de nieuwe media. Dit kostte de docenten echter meer tijd dan
verwacht, waarvoor geen geld was begroot. Als gevolg hiervan gingen
docenten steeds meer hun eigen weg en werkten ze vooral in kleine stappen
aan de optimalisatie van individuele vakken. ,,De onderwijskundige
vernieuwing heeft daarmee onvoldoende gestalte gekregen'', vindt
Nijlunsing. ,,We hebben van meet af aan breed ingezet, maar docenten hebben
aan elk vak toch een eigen invulling gegeven.'' Om deze reden werd tijdens
het project de ambitie teruggeschroefd, waardoor beter kon worden
ingespeeld op de specifieke vraag van docenten. Het grote geheel verdween
daarbij uit het zicht.
Nijlunsing denkt dat ongeveer de helft van het projectgeld is gebruikt voor
de aanschaf van materiaal voor vakondersteunende websites en video
conferencing waarmee studenten in Leeuwarden op afstand college zouden
kunnen volgen. De andere helft ging naar scholing en ondersteuning van
docenten. Volgens het evaluatierapport bleven verschillende
toepassingsmogelijkheden van de zogenaamde Elektronische leeromgeving
echter onbenut. De toepassing van video conferencing bij grootschalige
hoorcolleges gaf slechts in een beperkt aantal gevallen bevredigend
resultaat. ,,Door de complexiteit van het materiaal bleek het moeilijk om
de zaal in te richten’’, verklaart Chris Blom van Onderwijsondersteuning in
Wageningen. ,,In de loop van de rit hebben we dingen bij moeten stellen.
Het bleek lastig voor de docenten. Er zijn zoveel mogelijkheden waarop je
met zo’n zaal om kan gaan, maar je moet wel één format hebben.’’ Blom vindt
dat het gebruik van video conferencing tegenvalt. ,,Ik denk dat daar al
gauw twee ton in is gaan zitten. Het gebruik staat niet in verhouding met
de investering.’’ Voor video conferencing werden op vier locaties ruimtes
ingericht met camera’s, microfoons, speciale computers en
projectieschermen. In Wageningen werd een collegezaal voor tweehonderd
studenten ingericht. Hier werd echter zeventig procent van de
zaalmicrofoons vernield door studenten.

Blom en Nijlunsing denken beide dat investeren in technologie noodzakelijk
is als instellingen ervaring willen opdoen met ICT. ,,Het is nu eenmaal een
dure hoek’’, zegt Blom. ,,Ik ken een heleboel andere IT-projecten die veel
geld kosten. Ik denk dat we wat dat betreft niet uit de pas lopen.’’
Volgens het evaluatierapport hebben de betrokken instellingen, docenten en
onderwijsondersteuning ervaring opgedaan met ICT in het onderwijs.
Nijlunsing denkt dat Walhalla ook heeft bijgedragen tot een nauwere
samenwerking tussen de instellingen. Deze gaan verder met het ontwikkelen
van gezamenlijke ICT-inzet.
,,Misschien waren we onze tijd te ver vooruit'', zegt Nijlunsing. Hij wist
voor aanvang van Walhalla al dat het project mogelijk te ambitieus zou
zijn. ,,De naam Walhalla geeft ook de ironie van de situatie aan: we gaan
met elkaar naar de hemel, maar weten niet hoe ver we zullen komen.'' |

L.M.

Re:ageer