Student - 31 augustus 2006

Hokken uitmesten en mieren bestuderen

Rik Pluger, vierdejaars Diermanagement in aan de hogeschool Van Hall Larenstein in Leeuwarden, liep stage in de dierentuin van het Duitse Osnabrück. Hij hield zich vooral bezig met de kleinste bewoners: de bladsnijdersmieren.

‘Het is Osnabrück als enige dierentuin gelukt om een kolonie bladsnijdersmieren in gevangenschap volledig tot ontwikkeling te laten komen. Bladsnijdersmieren zijn hele bijzondere insecten. Ze verbouwen hun eigen voedsel. Ze snijden stukken blad af die dienen als voedingsbodem voor schimmels, en eten vervolgens die schimmels op. De mieren kunnen enorm in grootte verschillen. De nestwerkers zijn heel klein, maar de mannen en de koningin zijn drie tot vierenhalve centimeter groot.
Ik heb vier maanden gewerkt op de terrarium- en aquariumafdeling. Ik begon de dag met het bereiden van voedsel voor de dieren, en ik verzorgde de dieren en hun verblijven. ’s Middags kroop ik achter mijn bureau of zat ik bij het verblijf van de bladsnijdersmieren voor mijn opdracht, namelijk het schrijven van een handleiding voor het houden van bladsnijdersmieren.
Het is redelijk eenvoudig om een kolonie een tijd in leven te houden, maar veel moeilijker hem echt te laten ontwikkelen. Daarvoor moeten de condities ideaal zijn: de temperatuur moet redelijk constant rond de 24 graden Celsius zijn, met een luchtvochtigheid van 85 tot 90 procent. Dat was ze dus al aardig gelukt.
Maar ze wilden die succesformule ook gedocumenteerd hebben en een vergelijking maken met de situatie in het wild. Daarvoor heb ik veel literatuurstudie gedaan en nog wat geëxperimenteerd om te kijken of het nog beter kan. Ik heb bijvoorbeeld geprobeerd voortplanting te stimuleren door mannetjes en een koningin te onttrekken aan de kolonie. In het wild zoeken die namelijk vaak een andere kolonie op. Tijdens mijn stage heb ik mannetjes en een koningin zien ontpoppen. Een collega heeft ze uit het verblijf gehaald. Dat bleek geen goed idee, want de twee centimeter grote soldaten beten hem zo door zijn handschoenen heen. En uiteindelijk leidde het ook niet tot bevruchting. Waarschijnlijk weten ze door middel van feromonen toch dat het om een individu van de eigen kolonie gaat.
Het was raar om met zulke kleine dieren te werken. Maar ze zijn wel ontzettend boeiend. Het overige werk in de dierentuin was ook erg leuk, dus ik zie mezelf na mijn studie wel bij een dierentuin werken. Dat hoeft niet meteen een hbo-functie achter een bureau te zijn. Werken met dieren is eigenlijk veel leuker.’ / Koen Moons

Re:ageer