Wetenschap - 1 januari 1970

Hoe lekkerbekken bekvechten

Een Wageningse promovenda heeft het wereldje van internetlekkerbekken bestudeerd. Ze analyseerde de discussies over smaak, en achterhaalde welke tactieken de dames en heren fijnproevers hanteren om die discussies te winnen.

‘Smaak is subjectief’, zegt drs. Petra Sneijder. ‘Proeven is een puur persoonlijke beleving. Maar in discussies over de smaak van gerechten vonden we dat subjectieve niet terug. We zagen juist het tegenovergestelde.’
Sneijder analyseerde een kleine tweeduizend berichten op het in Nederland razend populaire Smulweb. In discussies over de smaak van gerechten viel het de communicatiewetenschapper op dat sommige leden van Smulweb toch doen alsof smaak wel degelijk iets objectiefs is. ‘Daardoor presenteren ze zich als autoriteit’, zegt Sneijder. ‘Ze schrijven niet in hun berichten ‘dit smaakt lekker’, maar ‘dit is lekker’. Als ze reageren op iemand, die zich uitlaat over de smaak van een gerecht, dan zijn ze het niet simpelweg met de ander eens door bijvoorbeeld te schrijven ‘dat vind ik ook’, maar schrijven ‘ja, dat klopt’.
Zijn de culinaire liefhebbers behendig met dat taalspel, dan kunnen ze de reputatie verwerven dat ze daadwerkelijk verstand van eten hebben. De discussies over smaak draaien niet alleen om het houden van lekker eten, maar ook om weten wat lekker eten is. In het streven naar status gebruiken de leden nog andere methoden, ontdekte Sneijder. ‘In discussies laten gebruikers merken dat ze de gerechten daadwerkelijk hebben geproefd. Dat doen ze door bodily expressions te gebruiken. Doordat ze reageren op berichten met uitdrukkingen als ‘hmmm’ of ‘heerlijk’ laten ze zien dat ze ervaringskennis hebben. Ervaringskennis is, net als de suggestie van objectieve kennis, een manier om een identiteit als expert op te bouwen.’
Sneijders artikel over de culinaire groepen op internet is verschenen in Appetite. Het is een onderdeel van haar promotieonderzoek naar discussies op internet onder veganisten, mensen met overgewicht en lekkerbekken. Het onderzoek helpt om die groepen en hun manieren van praten beter te leren kennen, zodat gezondheidsvoorlichters ze beter kunnen bereiken. / WK

Re:ageer