Organisatie - 27 januari 2011

Hoe bevalt de vierweekse periode?

Wageningse studenten hebben voor het eerst een onderwijsperiode van vier weken. In die tijd volgen ze één vak. Dat is een flinke aanpassing voor zowel studenten als docenten.

Simone Herrewijn, Arianne van Leeuwen, Kees van der Ark en Nicolette Meerstadt vroegen: Hoe bevalt het
Terrens Saaki
derdejaars biotechnoloog
'In de ochtend volg ik het vak Research Methods in Organic Chemistry, een erg interessant vak. Vorig jaar werd dit vak uitgespreid over een hele periode, nu is het veel korter en dat is te merken. Ik moet 's ochtends echt niet te laat beginnen en heb meer tijd nodig om mijn proeven af te krijgen. Als ik even niet scherp ben, loop ik vertraging op en heb ik in slechts een ochtendje niet genoeg tijd om het allemaal af te krijgen. Eigenlijk zou het ook iets meer dan drie ECTS moeten zijn, of in een normale, lange periode gegeven moeten worden. Dat geldt voor alle vakken eigenlijk, dan kan ik me beter in de stof verdiepen. '
Marijn de Bruin
docent Communicatie en Technologie
'Door het nieuwe systeem moest het vak van zes ECTS teruggebracht worden naar drie. Dat was veel werk, want zomaar het vak doormidden knippen was niet voldoende. De doelen en werkvormen van het vak moesten bijgesteld en aangepast worden, en er is minder diepgang. Voor dit vak specifiek is dat niet een groot probleem, voor de technologen is het een prima uitstapje naar communicatie. Daar staat tegenover dat het een heel ander vakgebied is met voor de studenten minder bekende werkvormen en literatuur, en tijd om daar aan te wennen is er nauwelijks. Omdat het ook een korte periode is, zorgt dit voor meer druk bij de studenten. Daarnaast, als je een vak grondig herziet, is niet alles wat we achter het bureau verzonnen hebben in de praktijk meteen ideaal. We hebben tijdens het vak al wat aanpassingen gedaan. De eerste keer is deels ook een pilot, logisch dat er dan wat kinderziektes zijn.'
Fiona Fransen
begon na een master Gezondheidswetenschappen in Maastricht in november aan een master in Wageningen
'Afgelopen najaar ben ik met een MSc Biologie in Wageningen begonnen. De overstap van de universiteit van Maastricht naar de WUR is gelukkig niet moeilijk verlopen. Ik was mijn scriptie aan het afronden en kon de overstap goed timen, voor andere overstappers ligt dit misschien moeilijker. Toch ga ik liever weer terug naar het oude systeem. Iedereen leert het  best op zijn eigen manier, maar als je een vak volgt met veel practica en veel leerstof en daarnaast nog een groepsopdracht  moet doen,  is vier weken erg kort om alles te behappen en op tijd af te krijgen. Het betekent harder werken in de weekenden, en minder tijd voor leuke dingen. Aan de andere kant, als je een moeilijk vak hebt, ben je er wel in vier weken van af. Ik heb trouwens wel het idee dat, doordat je de stof in zo'n korte tijd moet leren, het naderhand slechter blijft hangen.'
Marcel Dicke
leerstoelhouder Entomologie
'Om de aansluiting met andere universiteiten te vergroten is het de bedoeling dat alle vakken van één BSc minor in hetzelfde deel van het universitaire jaar vallen. Hierdoor hebben wij ook onze minor moeten aanpassen met als gevolg dat de inhoud wat veranderd is. De nadruk ligt nu namelijk minder op immunologie, en iets meer op de economische impact van infectieziekten. De nieuwe versie van de minor is een goede vervanging van de oude, maar het was niet mijn keuze.
Of Towards Flexibility er ook echt toe leidt dat meer niet-Wageningse studenten hier een minor komen volgen, kunnen we pas over een paar jaar zeggen. Het zou prachtig zijn als dat lukt.'
Merlin Wensink
vierdejaars Food Innovation Management aan VHL, doet minor aan WU
'Voor studenten van VHL komt het nieuwe rooster goed uit, na periode drie zijn ze klaar met hun minor en hebben ze precies genoeg tijd, een half jaar, om hun thesis te doen. Ondanks deze goede aansluiting vond ik mijn overstap naar de universiteit erg pittig. Het niveau ligt sowieso een stuk hoger maar nu moeten alle colleges en practica ook nog eens in vier weken. Ik moet nu vanaf dag één goed zorgen dat ik bijblijf met lezen en het maken van opgaven. Er wordt van je verwacht dat je alles snel oppikt, maar vooral met exacte vakken is het een kwestie van veel oefenen totdat het kwartje valt, dan is vier weken erg kort. Dat ik daarbij ook nog wat wiskunde op moet halen maakt het er niet makkelijker op. Ik denk dat er wat meer rust in de tent zou zijn als de periode gewoon acht weken duurde. Gelukkig heb ik na mijn drukke stage nu meer tijd over voor sociale contacten, maar sporten of veel uitgaan zit er helaas nog steeds niet in.'  
Het collegejaar in tweeën
Voor het eerst heeft dit collegejaar een knip halverwege het jaar (Towards Flexibility). Dat maakt het mogelijk dat Wageningse studenten halverwege naar een andere instelling kunnen en - nog belangrijker! - dat studenten over willen stappen naar Wageningen.
Pim Brascamp, directeur van het Onderwijsinstituut: 'Ik hoop dat Erasmusstudenten nu ook een volledige minor komen volgen in Wageningen, waardoor ze ook eerder geneigd zullen zijn om hun master hier te doen.'
Om het collegejaar in semesters in te kunnen delen, moest de onderwijsperiode van acht weken na de kerstvakantie gesplitst worden in twee maal vier weken. Zo zijn er drie overstapmomenten ontstaan, na de Kerstvakantie, vier weken daarna en acht weken daarna. Die drie momenten zijn nodig omdat andere onderwijsinstellingen het collegejaar op verschillende momenten in tweeën hakken.

Re:ageer