Wetenschap - 1 januari 1970

‘Hij had telkens een andere smoes om terug te willen’

Wat verbouwen ze in jouw land behalve mooie vrouwen? Die vraag kreeg zesdejaars studente Marleen Willemsen vaak te horen tijdens haar stage in Mexico. Eén Mexicaanse boer bleek echter ook serieus geïnteresseerd in Nederlandse landbouwmethodes. Aangestoken door zijn enthousiasme regelde Willemsen dat hij hier vijf weken kon rondkijken bij biologische bedrijven. Het liep anders dan verwacht.

,,Misschien heb ik op bepaalde punten de cultuurshock onderschat’’, vertelt Willemsen, net terug van een tweede bezoek aan Mexico. ,,Ik heb het er van tevoren wel met hem over gehad. Ook heb ik hem gevraagd of hij voor zichzelf kon koken bijvoorbeeld. Maar hij deed er vooraf heel gemakkelijk over en zag het helemaal voor zich dat hij hier een paar weken ging werken. Ook al was hij nog nooit zo lang achter elkaar buiten zijn dorp geweest, laat staan in het buitenland.’’
Willemsen rondde een paar weken geleden een open vak af, waarin ze een bezoek van een Mexicaanse boer aan Nederland beschreef. Vorig jaar zomer regelde ze dat de 35-jarige Freddy uit de regio Chiapas drie Nederlandse biologische bedrijven kon bezoeken om daar meer te leren over biologische landbouw. Ze had de man in Mexico ontmoet tijdens haar stage communicatiewetenschappen.
,,Ik werkte in de eerste helft van vorig jaar voor de non-gouvernementele organisatie RED Ac, die zich bezighield met empowerment. Ze wilden mensen bewust maken van wat ze zelf konden. De trainingsprogramma’s die ze hiervoor hadden opgezet, werden tijdens workshops geëvalueerd. Na afloop raakte ik vaak met mensen aan de praat. Dat was best grappig. De meeste dorpen lagen vrij afgelegen en er kwamen nauwelijks toeristen. Dus iedereen wilde weten waar ik vandaan kwam en wat ik daar kwam doen. Ik kom om iets te leren, vertelde ik dan.’’
Veel mensen zeiden dat ze ook wel eens naar Nederland zouden willen. Zij zagen Nederland volgens Willemsen vooral als een verlengstuk van de Verenigde Staten, waar veel Mexicaanse mannen een paar jaar naar toe gaan om geld te verdienen. ,,Eén man, een stoere leider van een werkgroep, wilde echter meer over mijn cultuur weten en vond het jammer dat het voor hem te duur was om naar Nederland te gaan om dingen te leren. Hij wist ook waar Nederland lag en dat hier de biologische landbouw ontwikkeld was. Dat wilde hij wel eens zien. Zelf experimenteerde hij met biologische bestrijdingsmiddelen bij het telen van watermeloen en hij had ook contacten met de Universidad Autonomo de Chiapas.’’
Willemsen was verrast door zijn interesse voor de Nederlandse praktijk. Gaandeweg raakte ze enthousiast over het idee om een bezoek aan Nederland voor hem te regelen. Haar Mexicaanse collega’s leek dat ook een goed plan. ,,Via internet ben ik toen vanuit Mexico op zoek gegaan naar Nederlandse boeren die een tijdje een Mexicaanse boer op bezoek wilden hebben en hem onderdak wilden bieden in ruil voor werk.’’

Vrijwilliger
Dat bleek moeilijker dan gedacht. Veel Nederlandse boeren wilden niet iemand over de vloer die ze niet kenden. Terwijl je als vreemde in Mexico al snel wordt uitgenodigd een tortilla mee te eten en gemakkelijk kunt blijven logeren. Ook vonden de Nederlandse boeren het vervelend dat Freddy alleen Spaans sprak. Zelf zag hij dat niet als probleem. ,,Ik kom toch gewoon om te werken en ben toch ook boer. Ik kan toch zien hoe ze dingen doen, zei hij’’, aldus Marleen.
Via Biologica, een beleids- en promotieorganisatie voor biologische landbouw en voeding, vond ze uiteindelijk drie bedrijven waar vaker vrijwilligers op het erf liepen. En de ngo en de universiteit waren bereid om samen het ticket voor Freddy te betalen.
Een week nadat Marleen zelf naar Nederland terugkeerde stond hij, begin juli, op Schiphol. De eerste dagen brachten ze bij haar ouders door. Marleen wilde hem wat laten wennen en dacht dat logeren in haar studentenhuis een te grote schok zou worden. Daarna ging hij voor een week naar een schapen- en geitenhouder. ,,Ik was van te voren behoorlijk zenuwachtig. Ze bleken geen tolk geregeld te hebben, maar de boerin sprak een paar woorden Spaans en het leek wel te klikken.’’ Freddy zou met de man samenwerken, maar van werken kwam uiteindelijk weinig. Hij klaagde dat hij moe was, gaf het snel op en begon al gauw over teruggaan naar Mexico.
Bij het tweede bedrijf ging het beter. Het was een leerbedrijf dat zijn producten naar de boerenmarkt in Amsterdam bracht. Freddy woonde net als de andere vrijwilligers in een caravan op het erf. ,,Ze werkten daar in groepen en in de pauze zongen ze liedjes. Ook mocht Freddy er op de trekker rijden. Dit was voor de boer een manier om mensen te laten zien dat hij ze vertrouwde. De boer sprak geen Spaans, maar ze begrepen elkaar wel.’’
Freddy leek het er naar zijn zin te hebben en hard te werken. Toch belde hij Marleen al snel weer op met de mededeling dat hij naar huis wilde. ,,Hij had telkens een andere smoes. Hij voelde zich niet goed, er zou iets mis zijn met zijn watermeloenen en vijf weken was te lang. En hij leek ook wel wat afgevallen. Ik dacht dat het door het harde werken kwam.’’

Kater
Marleen spoorde Freddy steeds aan toch door te gaan en even leek dat succes te hebben. Hij zei op een bepaald moment dat hij toch tot het einde te willen blijven. Achteraf bleek dat hij één van de stagiaires op het bedrijf wel leuk vond en haar had verteld dat hij gescheiden was. Niet lang daarna belde hij echter weer met zijn vrouw en toen wilde hij alsnog weg. ,,Hij vertelde toen dat hij terug moest omdat een ambtenaar de boeken kwam controleren van de groepen die hij leidde. Daarmee zou iets niet helemaal in orde zijn.’’
Uiteindelijk nam Willemsen contact op met Freddy’s sponsors. Die vonden net als zij dat je niet kan doorgaan met iemand die niet wil. Twee dagen later was er plaats in het vliegtuig en ging Freddy, na bijna drie weken in Nederland, terug.
Willemsen bleef achter met een kater. ,,Ik had een dubbel gevoel. Al wist ik ook dat je er geen bergen mee kon verzetten, ik had er toch wel wat van verwacht. Ik had het ook gedaan uit een soort idealisme. Het is leuk als je iemand kunt helpen en via hem misschien ook wel een dorp. En het was spannend om te regelen. Maar aan de andere kant was ik ook opgelucht. Ik ben niet snel gestrest, maar ik had het helemaal gehad. Hij deed ook voor kleinigheden als het kopen van een telefoonkaart steeds weer een beroep op mij’’, verzucht ze.

Weerzien
Een paar maanden geleden zocht Marleen Freddy weer op. Ze was voor haar studie wederom in Mexico, nu voor een afstudeervak. ,,Er was geen vriendschap ontstaan, maar ik was best nieuwsgierig hoe hij nu op zijn bezoek aan Nederland terugkeek. Toen ik daar kwam reageerde hij een beetje verlegen. Hij had ook wel door dat het niet zo netjes was dat hij was weggegaan.’’
Op de vraag wat hij toch nog aan zijn bezoek aan Nederland heeft gehad, kwam een ontwijkend antwoord. Wel vertelde Freddy dat hij nu biologische kippen hield voor de eieren, en dat hij daardoor geen flessen bier meer hoefde te verkopen. ,,Zijn vrouw was blij dat er nu ’s nachts geen mensen meer aan de deur kwamen voor bier’’, zegt Willemsen lachend.
Tijdens haar bezoek werd Marleen zich er van bewust dat Freddy dan wel boer is, maar niet degene die op het land werkt. ,,Eigenlijk reed hij vooral heen en weer tussen zijn landjes in zijn pick-up. Het werk liet hij aan anderen over. Hij bracht ze wel maïspap, want dan hebben mensen minder last van honger en werken ze langer door. Wat hij vooral deed was producten verkopen. Verder was hij thuis, waar hij de nieuwste Disneyfilm op dvd bekeek en bier dronk. ’s Ochtends had hij bijvoorbeeld wel even naar een gammel, lekkend irrigatiesysteem gekeken, maar ’s middags ging hij mooi weer dvd’s kijken. Ik denk dat hij daarom het werk in Nederland zo zwaar vond en het zeker in het begin zo snel op gaf.’’

Vies eten
Na terugkomst in Nederland eind februari kon Willemsen eindelijk het verslag over haar ervaringen afronden. Eén van de conclusies is dat ze het bezoek beter had moeten voorbereiden. ,,Het is allemaal wat snel gegaan. Het was beter geweest als ik de bedrijven zelf van te voren had bezocht. Iemand die hier op bezoek komt moet beter weten waar hij in terecht komt en wat de doelen van de ander zijn. Daar moet je tijdens het verblijf ook op terug komen. Toch blijft enthousiasme het belangrijkste’’, zegt ze.
Hoewel het bezoek van Freddy aan Nederland voortijdig eindigde, vindt Willemsen uitwisseling nog steeds een leuke manier om kennis te verspreiden. ,,Je kunt er geen bergen mee verzetten. Het is meer iets waar iemand persoonlijk iets aan kan hebben. En de tijd is te kort om diepgravende technische kennis overbrengen.’’
Ze concludeert ook dat deze boer waarschijnlijk moeilijk kon aarden. ,,Freddy was een zeer expressieve man. Als hij een verhaal vertelde, ging dat altijd met veel gebaren gepaard. Ik zou zeggen dat hij een natuurlijke leider was. Hij was nieuwsgierig en ondernam altijd nieuwe dingen. Maar hier was hij toch in een andere wereld. Hier ondernam hij weinig, hoewel ik dat wel had verwacht door de rol die hij in zijn dorp had. En hij miste zijn vrouw. En de aandacht van andere vrouwen’’, grapt ze.
Freddy Gomez bleek zich Nederland te herinneren als een schoon, gestructureerd land waar in de landbouw veel machines werden gebruikt. Op de foto’s die hij Marleen tijdens haar recente bezoek liet zien, stonden vooral veel fietsen. ,,En dat hij magerder was geworden, kwam omdat hij het eten hier vreselijk vond.’’

Yvonne de Hilster

Re:ageer