Wetenschap - 1 januari 1970

Het komt nooit meer goed met Afrika

Het komt nooit meer goed met Afrika


Vriendendiensten verlammen verloren continent

Wie nog een greintje optimisme heeft over het Afrikaanse continent, moet de
lezing vorige week bij Studium Generale van drs Roel van der Veen gemist
hebben. Toen onderbouwde deze ambtenaar van het ministerie van Buitenlandse
Zaken waarom het nooit meer goed komt met Afrika. ,,Er zit een logica
achter de ontwrichting van Afrikaanse staten en die is het continent
eigen.’’
Alle windstreken van de aardbol had Van der Veen gezien, maar van Afrika
had hij nog weinig idee toen hij een paar jaar geleden bij het ministerie
aangesteld werd als plaatsvervangend hoofd afdeling West-Afrika. Hij zocht
een standaardwerk over Afrika, maar dat bleek niet te vinden. Toen schreef
hij het zelf maar, ‘Afrika: van de koude oorlog naar de 21ste eeuw’. Maar
het is veel meer geworden dan een inleiding. Van der Veen geeft in zijn
boek een dwarse visie op het falen van ontwikkeling in Afrika.
,,Het gaat goed met de mensheid’’, begint Van der Veen zijn lezing monter.
,,Armoede wordt steeds zeldzamer. In 1800 leefde tachtig procent van de
mensheid onder de armoedegrens, in 2000 is dit twintig procent. Die twintig
procent woont wel bijna in z’n geheel in Afrika.’’ De toon is gezet van
zijn betoog, Van der Veen is niet bang om te generaliseren. Daar valt veel
op af te dingen, maar heeft het voordeel dat het grote verhaal helder is.
De oorzaak van de ellende in Afrika is de falende staat. ,,Ik heb het niet
over luxe diensten als onderwijs en gezondheidszorg, maar over basalere
taken. Afrikaanse staten handhaven de orde en veiligheid in hun land niet.
In sommige gevallen – Liberia, Sierra Leone, Congo – is de staat feitelijk
verdwenen.’’

Noorderzon
Na de dekolonisatie kregen betrekkelijk willekeurig uitgekozen Afrikaanse
leiders de macht. Die elite was gewend zaken te doen met de kolonisator,
maar die vertrok met de noorderzon. Om opstanden te voorkomen moest de
nieuwe elite contact zoeken met de bevolking, contact dat ze voorheen niet
hadden. De enige manier waarop dat kon was volgens Van der Veen via
patronage. Democratie of een andere staatsvorm was er voorheen niet, stelt
hij, en de leiders konden alleen de bevolking achter zich krijgen door die
tot beschermeling te maken. En alles wat ze die beschermelingen te bieden
hadden moest uit de staat zelf komen: een baan bij een overheidsinstelling
of een staatsbedrijf. Staatsapparaten groeiden daardoor, en de inefficiency
navenant. Het effect was een herverdeling van staatsmiddelen, maar geen
groei daarvan. Intussen was de westerse wereld bezig met een globalisering
gericht op efficiency. Daardoor groeide het gat tussen rijke landen en
Afrikaanse landen en verloren Afrika inkomsten. Dat leidde ertoe dat staten
geld tekort kwamen om de lijnen van patronage te vullen. Er was simpelweg
niet genoeg geld meer om iedereen te vriend te houden. Overheden en
partijen kozen voor de eigen etnische groep en daarmee is de kiem van
conflict gezaaid. In plaats van veiligheid en orde te garanderen, zijn
Afrikaanse regeringen er de oorzaak van, stelt Van der Veen. Het enige dat
veel landen nog overeind houdt zijn de hulp en leningen van rijke landen,
zegt hij. En wat er dan overeind gehouden wordt is een representatief ogend
ministerie van buitenlandse zaken, om de contacten met de geldstroom uit
het buitenland warm te houden, en het leger, om de bevolking eronder te
houden.

Broeinest
Wat moeten we eraan doen? Hoewel hij tijdens de lezing in Wageningen bang
is om over beleid te praten – hij wil zijn minister niet voor het hoofd
stoten – is hij in zijn boek toch vrij helder: pappen en nathouden. Hoewel
het volgens Van der Veen geen enkele zin heeft om meer geld te storten in
de bodemloze put van patronage, is er geen alternatief. We kunnen
Afrikaanse niet laten stikken, stelt Van der Veen, want een totale
ineenstorting van alle staten in Afrika is niet alleen een humanitaire
ramp, maar levert ook een broeinest van terrorisme op.
Het enige kleine lichtje in de duisternis dat Van der Veen kan ontwaren is
het aanwakkeren van de democratie. De bevolking moet haar ontevredenheid
bundelen en democratisering eisen. Dat moet uit de bevolking zelf komen,
donoren kunnen daarvoor weinig betekenen. Die kiezen vaak voor weliswaar
niet-democratische, maar tenminste stabiele regeringen. Tegelijk is donor
zijn tegenwoordig geen pretje, stelt Van der Veen. ,,Afrikaanse leiders
maken het slechtste beleid ter wereld, en een goede bestemming van hulp is
lastig te vinden.’’

|
Joris Tielens

Re:ageer