Wetenschap - 27 september 2001

Het Debat: Ethische code voor Wageningen UR

Het Debat: Ethische code voor Wageningen UR

'Openbaarheid van resultaten is een vergaande eis'

Om te bepalen of onderzoek en onderwijs wel ethisch verantwoord zijn, kunnen medewerkers en studenten van Wageningen UR vanaf volgend jaar de offici?le ethische richtlijnen gebruiken. Dierenwelzijn en openbaarheid van onderzoeksresultaten inclusief afstudeerscripties staan hoog in het vaandel. De speciaal opgerichte ethische commissie maakt de komende maanden een rondje lang de departementen en onderzoeksinstellingen om haar werk toe te lichten. Is er te weinig ethisch besef binnen Wageningen UR? En is invoering van een ethische code de juiste aanpak?

Dr. Ad Corten van het Nederlands Instituut voor Visserijonderzoek RIVO: "Ethische richtlijnen vind ik een goede zaak. Dan heb je iets om je aan vast te houden. Eind '95 ben ik van mijn toenmalige functie, haringvisserij-onderzoeker, overgeplaatst naar een beleidsongevoelige onderzoeksfunctie omdat de directie vond dat ik mijn inzichten niet naar buiten kon blijven brengen. In die tijd bracht ik op basis van 25 jaar ervaring de tekortkomingen van het overheidsbeleid ten aanzien van haringvisserij naar buiten. Dit was mijn plicht. Maar de directie wilde dat niet omdat ze bang was de belangrijkste opdrachtgever, het ministerie van LNV, tegen zich in het harnas te jagen. Ik vind echter dat het recht van meningsuiting voor een wetenschapper het grootste goed is. Toentertijd waren hier geen normen of jurisprudentie voor. Ik juich het toe als hier duidelijke richtlijnen voor komen."

Prof. dr. ir. Vinus Zachariasse, directeur van het Landbouw-Economisch Instituut (LEI): "Ethische richtlijnen zijn nuttig om te laten zien aan de buitenwereld en ook intern zijn ze handig. Maar je moet wel beseffen dat ethische aspecten al impliciet in onze werkwijze en verhoudingen zijn meegenomen. Het zijn in feite ongeschreven regels.

We hebben ook niet zoveel behoefte aan vertrouwenspersonen die speciaal zijn aangesteld door Wageningen UR om vragen over ethische aspecten af te handelen. Bij ons kan men veel in eigen kring ter sprake stellen, zoals de relatie met de overheid.

Een knelpunt van de nu voorgestelde richtlijnen is dat er veel nadruk wordt gelegd op het openbaar maken van onderzoeksresultaten. Daar is het laatste woord nog niet over gezegd. Het ministerie van LNV heeft bijvoorbeeld al te maken met een wet van openbaarheid van bestuur en als wij voor LNV onderzoek doen, hoeft daar niet per se over gepubliceerd te worden.

Ook zet ik mijn vraagtekens bij het punt dat alle studentenscripties openbaar moeten zijn. Als studenten een interessant onderzoek willen, is dat dikwijls iets wat niet in de openbaarheid mag komen. Openbaarheid van resultaten is dus een vergaande eis."

Dr. ir. Karel de Greef van ID-Lelystad: "Voor elk dierexperiment worden de ethische aspecten al getoetst door een ethische commissie aangezien de wet dat voorschrijft. Hier zijn dus geen nieuwe richtlijnen voor nodig. Wel zijn ze handig als we de richting van toekomstig onderzoek willen bepalen.

Ikzelf vind dat je in de veehouderij ruim na moet denken over de wijze van het bereiken van je doelen. Zo zouden farmaceutische middelen zoals antidepressiva het welzijn van kippen en andere dieren kunnen verbeteren. Bij het grote publiek is zoiets in eerste instantie non-accepted, maar je zou eigenlijk de voor- en nadelen op een rijtje moeten zetten. Dan kan je tot hele andere conclusies komen.

Je ziet dit ook bij xenotransplantatie. In eerste instantie is het transgeen maken van een varken onacceptabel, maar als je via xenotransplantatie van een hart een mensenleven kan redden, vinden veel mensen het opeens wel goed. Je moet dus van tevoren goed nadenken over de positieve en negatieve aspecten van onderzoek en de toepassing. De invoering van ethische richtlijnen kan mensen aansporen om dit te doen.

Ik denk trouwens dat als je met controversi?le dingen bezig bent, je beter open kaart kan spelen. Het wegmoffelen van politiek incorrecte opties is gevaarlijker.

Wat betreft de openheid over onderzoeksresultaten: ik vind dat wetenschappers in principe hun resultaten naar buiten moeten kunnen brengen, of ze nu positief of negatief uitvallen voor opdrachtgevers. Wij hebben dit bijvoorbeeld afgesproken met bepaalde farmaceutische bedrijven. Een nadeel is natuurlijk wel dat opdrachtgevers daardoor misschien minder snel bij je terugkomen voor nog een onderzoek."

Dr. ir. Henrieke de Ruiter van de afdeling Onderzoekstrategie en secretaris van de ethische commissie: "Als een onderzoeker zich afvraagt of hij een bepaald onderzoek wel moet doen en wat voor ethische bezwaren er aan kleven, in plaats van klakkeloos het onderzoek uit te voeren, zijn we al een heel eind. Als iemand twee ton voor een onderzoek kan krijgen, moet hij niet meteen zeggen: doen, maar het is de bedoeling dat hij de twee ton vergeet en eerst gaat nadenken wat de mogelijke gevolgen zijn van zijn onderzoek, of hij het wel kan verantwoorden. De ethische richtlijnen zullen hem hierbij helpen."

Prof. dr. Daan van der Heide, hoogleraar Fysiologie van mens en dier, tevens adviseur van de ethische commissie: "We weten niet of veel medewerkers met ethische bezwaren zitten, maar ik denk dat het goed is om ethische richtlijnen op papier te zetten. Je moet mensen aanzetten tot denken. Sommige aio's besteden misschien weinig aandacht aan de ethische context van hun onderzoek, terwijl ze hier uitgebreid over moeten nadenken. Ook is het aan te bevelen als studenten nadenken over de maatschappelijke context van hun onderzoek, dat ze kijken of er geen gevaren aan kleven.

De openbaarheid van afstudeerscripties, zoals vermeld in de ethische richtlijnen, kan nog wel tot spanningen leiden. Als je een onderzoek niet openbaar kan maken, ben ik geneigd om te zeggen dat je hier niet op moet afstuderen."

Hugo Bouter

Tekening Henk van Ruitenbeek

'Het recht van meningsuiting is voor een wetenschapper het grootste goed'

'Als je met controversi?le dingen bezig bent, kan je beter open kaart kan'

Re:ageer