Organisatie - 1 januari 1970

Haringstand weer op niveau jaren zestig

De haringstand in de Noordzee zit weer boven de twee miljoen ton en is daarmee terug op het topniveau van de jaren zestig. Visserijbiologen van onder meer het RIVO menen daarom dat de huidige toegestane vangsthoeveelheid van 460 duizend ton consumptieharing volgend jaar verhoogd kan worden tot ongeveer 500 duizend ton.

De visserijbiologen hebben onder de vlag van de Internationale Raad voor Onderzoek der Zee (ICES), de omvang van de haringstand in de Noordzee en de blauwe wijtingstand ten westen van de Britse Eilanden beoordeeld. Ook met Atlanto Scandische haring, die vooral in de Noorse zee leeft, gaat het goed. Het ICES adviseert de vangst van deze haring iets te verhogen, van 825 duizend tot 890 duizend ton in 2005. De visserijdruk op de blauwe wijting beoordelen de visserijbiologen als veel te hoog. Zij adviseren de vangst te halveren tot ongeveer een miljoen. In 2003 werd nog 2,3 miljoen ton van deze vissoort gevangen.
De nieuwe gegevens over de visstanden zijn woensdag gepresenteerd aan het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en het visserijbedrijfsleven. In december van dit jaar zullen de Europese visserijministers een besluit nemen over de hoogte van de vangstquota voor 2005.
De uitgebrachte adviezen zijn met name van belang voor de Nederlandse trawlervloot. Deze vloot vist op haring in de Noordzee en blauwe wijting in westelijke wateren. De adviezen voor schol, tong en kabeljauw zullen in oktober door de ICES worden opgesteld. | G.v.M.

Re:ageer