Organisatie - 26 mei 2011

Hakken in het zand

Het gaat niet lekker met de medezeggenschap. Ze is duur, ingewikkeld en vormt geen goede afspiegeling van Wageningen UR. Bovendien ontbreekt het nogal eens aan vertrouwen tussen bestuurders en ondernemingsraden.

18-Organigram.jpg
Illustratief voor de stroeve relatie tussen bestuurders en medezeggenschap is de gang naar de rechter door ESG-directeur Kees Slingerland. Dat dispuut ging niet over de loopbaankansen van gepromoveerde biologen, niet over de koers van Alterra, en ook niet over de zomertemperatuur in Lumen. Slingerland wilde vorig jaar een rechterlijke uitspraak over de minimale hoeveelheid informatie die hij de medezeggenschap moest geven.
De relatie tussen beiden was tot een nulpunt gedaald na de gedwongen verhuizing van bodeminstituut Isric. Directie en or kibbelden over procedures, cijfers, regeltjes. Van constructief overleg was al lang geen sprake meer.
Ook in Lelystad kwam het vorig jaar tot een rechtszaak, nadat de directie 'vastgeroeste' medewerkers wilde verplichten tot ander werk. En een half jaar geleden nog zegde de medezeggenschap van Van Hall Larenstein het vertrouwen op in directeur Ellen Marks.
Grijze, blanke mannen
Er zijn positieve uitzonderingen (zoals PSG, SSG en Rikilt), maar de band tussen de Wageningse directies en medezeggenschap is vaak doorspekt met wantrouwen. En zeker nu is dat niet handig. Want als het aan de Raad van Bestuur ligt, staat de medezeggenschap veranderingen te wachten.
De Raad van Bestuur en de directeuren van de kenniseenheden willen dat de medezeggenschap simpeler, beter en goedkoper wordt. De ondernemingsraden zelf willen ook dat het simpeler en beter wordt, maar niet op voorhand goedkoper. Bovendien vinden ze dat de directies wat meer vertrouwen moeten tonen.
Deze snelle conclusies komen van een werkgroep onder leiding van SSG-directeur Ruud Huirne. Hij werkt namens de Raad van Bestuur een actiepunt uit van het strategisch plan 2011-2014. Een eerste rondgang leert hem dat er bereidheid is om een en ander aan te pakken.
Zo vindt Cees van Dijk, voorzitter van de centrale ondernemingsraad, dat or-leden voortaan een scholings­traject moeten krijgen, om zich bijvoorbeeld te kunnen verdiepen in financiën of  personeelszaken. En ja, de or heeft een hoog gehalte aan grijze blanke mannen. Ze is geen goede afspiegeling van een organisatie met veel internationale, jonge en tijdelijke medewerkers. Ook zou je voor een korte periode actief moeten kunnen worden. Hoogleraren en UHD-ers willen zich best inzetten op het moment dat er wat speelt, maar willen zich niet voor drie jaar vastleggen.
Sommige ondernemingsraden erkennen dat ze teveel op hun eigen houtje werken. Het overleg met de centrale medezeggenschap verloopt soms stroef. Afstemmen is noodzakelijk: de complexiteit is groot. De medezeggenschap denkt daarom al hardop na over nieuwe structuur. Waarschijnlijk is het organogram hiernaast dan ook na de zomer al verouderd. Zo gaan de medezeggenschapsraden uit Velp en Leeuwarden fuseren. En het centrale mede­zeggenschapsoverleg CMO wordt waarschijnlijk vervangen door een zogeheten WUR-council, waar dan ook de GV (universitaire medezeggenschap) vertegenwoordigd is. Deze WUR-council moet een stevige vuist kunnen maken tegenover Raad van Bestuur. Nu praten Dijkhuizen en consorten regelmatig over hetzelfde onderwerp met zowel studentenraad, GV, cor en gmr.
Harmonicamodel
Ruud Huirne denkt aan een harmonicamodel: terugschakelen in vredestijd en opschalen als er - bijvoorbeeld - een reorganisatie speelt. Hij heeft daar goede ervaringen mee bij de reorganisatie van het LEI in 2009.
De medezeggenschap geeft echter (nog) niets weg; ze wil wel praten over een efficiëntere werkwijze, maar niet als kostenbesparing het uitgangspunt is. De toon in de brieven tussen bestuur en medezeggenschap spreekt boekdelen. De medezeggenschap wil praten over een andere werkwijze als ook 'de directies kritisch naar hun eigen rol' kijken. De directies zijn daartoe bereid, met als randvoorwaarde dat het proces 'resulteert in een meer efficiënte en goedkopere medezeggenschap'. Dat wil de or nu net niet. Desondanks heeft de raad van bestuur eind april voorgesteld om - als ze er op 1 mei 2012 samen niet uit zijn - een commissie van wijzen te benoemen die een bindend voorstel moet doen 'inclusief financieel zichtbare efficiëntieverhoging'. Het bestuur verzocht uiterlijk 18 mei een reactie. En die reactie was: 18 mei is te vroeg - omdat cmo en de ondernemingsraden nog niet met elkaar hebben gesproken.
Zes jaar geleden is ook geprobeerd de medezeggenschap te versimpelen. Dat lukte niet. Nu lijkt de medezeggenschap welwillender. Bestuurders en medezeggenschap moeten echter samen nieuwe tafelmanieren afspreken. Dat is best lastig als je elkaar wantrouwt. 
0,6 of 2,2 miljoen?
Wageningen UR heeft een zware medezeggenschap, die voortvloeit uit het samengaan van universiteit en DLO-instituten in 2000. Dat was een experimentele kennisstructuur. Daarom is gekozen voor een stevige medezeggenschap. Later kwam daar VHL nog bij.
WU, DLO en VHL bleven echter eigenstandige rechtspersonen. Gevolg: studenten, universiteitsmedewerkers, DLO-ers en VHL-ers hebben ieder hun eigen vertegenwoordiging, zowel decentraal als centraal. Iedere medezeggenschap heeft weer andere taken, geregeld in twee afzonderlijke wetten. Voor vertegenwoordiging van DLO-ers geldt alleen de Wet op de ondernemingsraden (die regelt inspraak op onder meer huisvesting, financiën en personeelsbeleid), bij studenten geldt alleen de Wet op hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, bij medewerkers van universiteit en hogeschool gelden beide wetten.
Wageningen UR telt ongeveer 115 or-leden en 12 studentraadsleden. Wie lid wordt van de or, is daar in de regel een halve dag in de week zoet mee. Zijn of haar afdeling wordt daarin gecompenseerd. Die compensatievergoedingen en de kosten voor het inhuren van specifieke expertise (juristen of financiële experts) komen volgens de raad van bestuur uit op 2,2 miljoen euro. De ondernemingsraad komt echter tot een andere somma: 600.000 euro.

Re:ageer