Wetenschap - 12 februari 2009

HOE JE BÈTA’S EN GAMMA’S ECHT SAMENBRENGT

‘Een bacterie is gewoon een klein beestje, toch?’, vraagt dr. Willem Marcelis. ‘Wat betekent managen eigenlijk?’, kaatst dr. Pieternel Luning terug. Al tien jaar gaan de bedrijfskundige en de levensmiddelentechnoloog de strijd met elkaar aan. In een artikel in Trends in Food Science and Technology concluderen ze nu dat echte bèta-gammaintegratie veel verder gaat dan weten dat de ander bestaat.
De twee docenten leiden studenten op tot interdisciplinaire onderzoekers, die zowel bezig zijn met technische aspecten als met management. Luning van de leerstoelgroep Productontwerpen en kwaliteitskunde: ‘Wij houden ons bezig met kwaliteit in de voedselketen. We onderzoeken tegelijkertijd het gedrag van het voedsel en het gedrag van mensen in die keten.’
Marcelis van de leerstoelgroep Bedrijfskunde: ‘Je wil een glutenvrij haverbrood maken. Aanraking met een minimale hoeveelheid tarwe kan al zorgen voor allergische reacties bij een consument. De fabriek, inclusief de mensen die er werken, moet dus brandschoon zijn. Er mogen geen tarwevelden in de buurt liggen. Ook buiten de fabriek kunnen er toch gluten in het product terechtkomen, als het brood in een kantine wordt verkocht en de kantinejuf eet tarwebrood. Er spelen dus technische en menselijke aspecten.’
Luning: ‘Met zo’n probleemschets zet je de eerste stappen van bèta-gammaintegratie. Eerst wordt je je bewust van het bestaan van de andere discipline. Na een inhoudelijke kennismaking zie je de voordelen van de andere invalshoek en ben je bereid die toe te passen. Marcelis: ‘Maar zo’n vraagstuk is erg complex, wat de analyse van problemen ingewikkeld maakt. Mensen hebben hun eigen barrières in het onderzoek, zoals de natuurlijke neiging om complexiteit te negeren. Daardoor maken ze een versimpelde analyse die de eigen perceptie weergeeft in plaats van het probleem zelf.’ Luning: ‘Door pittige discussies krijg je dat gebrek aan perceptie op tafel. Zo ontdek je problemen en oplossingen die je eerst niet kende. Uiteindelijk is het doel om makkelijk tussen de twee werelden heen en weer te bewegen. Pas dan is er sprake van vérgaande integratie.’
Een cruciaal onderdeel is dan ook de discussie met docenten van beide disciplines en de kritische zelfreflectie van de onderzoeker op zijn eigen uitgangspunten. Ook achteraf. Luning: ‘Technologen zijn kritisch ten aanzien van theorievorming, maar er is veel minder discussie over de keuzes die in het onderzoek gemaakt zijn.’
Marcelis: ‘Sociale wetenschappers gaan er te veel vanuit dat problemen in de productielijn op te lossen zijn met het aanscherpen van regels. De voorspelling is dat mensen procedures volgen. Maar dat is net zoiets als dat je met je theorieboek in de hand autorijdt. De veronderstelling is dus te eenvoudig. Wij streven naar een hoger niveau van complexiteit in het doen van analyses in de beoordeling van oplossingen. Ons artikel in Trends in Food Science and Technology gaat over hoe je dat aanpakt. ’
Pittige discussies tussen de docenten zelf zijn dan ook aan de orde van de dag. Luning: ‘Na tien jaar vinden wij het zelf ook nog steeds moeilijk.’
In mei komt er een boek uit van Luning en Marcelis onder de titel Food Quality Management, technological and managerial principles and practices.

Re:ageer