Organisatie - 15 januari 2009

HET ‘GEVAL WESSELING’ PROMOVEERT

Dr. Jan Wesseling (55) is constant in beweging. Hij heeft geen keus, want sinds zijn geboorte is hij spastisch. Deze week promoveert hij op de betrouwbaarheid van gegevens over bodemfysische eigenschappen en beschouwt hij Wageningen UR vanuit zijn rolstoel.

Het plan was dat promovendus Jan Wesseling in de Aula het podium zou worden opgetild. ‘Maar ik weeg 150 kilo. Inclusief stoel dan, hè?’
Het plan was dat promovendus Jan Wesseling in de Aula het podium zou worden opgetild. ‘Maar ik weeg 150 kilo. Inclusief stoel dan, hè?’

Foto: Bart de Gouw

‘Al dertig jaar werk ik voor Alterra en haar voorgangers. Ik ben niet in dienst, maar ik word via Permar ingehuurd, de vroegere sociale werkplaats. Op de normale manier werd ik niet aangenomen. Ik heb vijftien keer gesolliciteerd, waarvan zeven keer binnen Alterra. Al dertig jaar verdien ik mijn salaris terug met opdrachten en dat lukt me ruimschoots.’
De wereld is niet altijd vriendelijk als je spastisch bent. ‘Ik heb eens te horen gekregen: bij een reorganisatie ben je de eerste die eruit vliegt. Ook heb ik een brief van een oud-leidinggevende waarin ik ‘het geval Wesseling’ word genoemd.’
Wie Wesseling ziet, weet dat hij geen veldwerk kan doen. Maar daar zijn oplossingen voor. ‘Ik werk in een geweldig team’, zegt hij. ‘Met een ideeënstimulator, een veldwerkman en een schrijver. Ik ben van de modellering. We vullen elkaar goed aan en zijn productief. Er wordt ook verschrikkelijk geouwehoerd.’
Wesseling is blij dat zijn promotieonderzoek erop zit, maar ziet het niet als een overwinning. Wel vindt hij de resultaten verrassend: ‘Het blijkt dat er in de agrohydrologie en bodemfysica meer moet worden gemeten en minder gemodelleerd. Modeluitkomsten worden vaak als waarheid beschouwd. Jaren heb ik me daar schuldig aan gemaakt, maar mijn vertrouwen in modellen is sterk verminderd. Met mijn conclusie zaag is aan de poten van Alterra en dat wordt me niet altijd in dank afgenomen.’
Door reorganisaties is Wesseling al zes keer van kantoor verhuisd. ‘Er zijn van die stómme dingen. Atlas is foeilelijk en de oprit onpraktisch. Voor ik boven ben, ben ik drijfnat. Bij een beetje regen staat er vijf centimeter water op mijn parkeerplaats, dat in mijn autootje terechtkomt. Er is een speciale zij-ingang, maar die deur gaat niet automatisch open. Sta je daar. En Lumen is helemaal een kreng van een gebouw. Ik kan kiezen: ofwel me gek hobbelen door de binnentuin of een heel eind omrijden en door meerdere niet-automatische deuren moeten.’
Wesseling krijgt veel hulp van ‘lokale’ medewerkers. ‘Voor de promotieplechtigheid moest ik het podium op. Eerst was het plan dat ik zou worden opgetild. Ik zei: heeft u enig idee hoe zwaar ik ben? 150 kilo. Inclusief stoel dan, hè? Nu is er een verrijdbare lift, die later ook weer gebruikt kan worden.’
Erg zenuwachtig lijkt hij niet voor zijn promotieplechtigheid. ‘Het zal op de normale manier gaan. Ik weet vast meer dan mijn opponenten. Zo niet, dan praat ik er wel omheen. Alleen komt de promotor naar mij toe met mijn bul. En ik ga niet in een zwart pak. Dat kruipt omhoog en gaat openstaan.’ / Nicolette Meerstadt

Jan Wesseling promoveerde op maandag 12 januari bij prof. Coen Ritsema, hoogleraar Fysische bodemkwaliteit, op het proefschrift ‘Soil physical data and modeling soil moisture flow’.

Re:ageer