Wetenschap - 28 november 2016

Grote bomen groeien minder hard

tekst:
Roelof Kleis

Grote tropische bomen blijven biomassa vastleggen. Maar de groei vlakt wel af, blijkt uit studie van de groeigeschiedenis van een groot aantal reusachtige tropische bomen.

Van gewone bomen is redelijk bekend hoeveel CO2 ze vastleggen. Wiskundige formules geven netjes het verband weer tussen de omvang van de boom en de groei van de biomassa. Bosecologen kunnen daarmee een redelijke schatting maken van de bijdrage van bomen en bossen aan de koolstofbalans en dus de klimaatverandering. Maar voor grote bomen is het
verhaal lastiger, leggen Pieter Zuidema en (internationale) collega’s uit in Functional Ecology.

tropische boom 2.jpg

De groep bracht op basis van jaarringen de groeigeschiedenis van ruim 700 grote tropische bomen uit Thailand, Kameroen en Bolivia in beeld. ‘Het gaat om de vijftig procent grootste bomen van een databestand dat wij hebben van 1400 bomen verdeeld over veertien verschillende soorten’, licht Zuidema toe. Met hulp van de gebruikelijke formules werd de groei van de biomassa zowel per individuele boom als per soort in kaart gebracht. Dat leverde totaal verschillende resultaten op.

Plateau
De biomassagroei van individuele grote bomen blijft niet almaar toenemen. In tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, neemt de groei ook niet af naarmate de boom ouder wordt. De groei bereikt veelal een plateau. Maar als je op populatieniveau de groei bekijkt van de laatste vijf jaar ziet het beeld er volgens Zuidema heel anders uit. De groeisnelheid van de biomassa van grote bomen neemt volgens de berekeningen dan wel tot het einde toe.   

Je kunt geen conclusies trekken over individuele bomen op basis van observaties aan een hele populatie
Pieter Zuidema, hoogleraar Tropische bosecologie

 Volgens Zuidema en consorten is dat laatste beeld dus fout. Zij bestrijden daarmee conclusies van collega’s een paar jaar terug in Nature. Zuidema: ‘Je kunt geen conclusies trekken over individuele bomen op basis van observaties aan een hele populatie. Dan gaat het mis. Als de grootste bomen in het bos de hardste groeiers zijn, betekent dat nog niet dat bomen aan het eind van hun leven steeds harder gaan groeien. In de sociale wetenschappen heet dat de ecological fallacy. Onze studie van levensgeschiedenissen van bomen op basis van hun groeiringen toont dat mooi aan.’

De studie van Zuidema betekent volgens hem niet dat er nu ineens veel minder koolstof vastligt in bossen. ‘Maar we moeten wel ongelooflijk voorzichtig zijn met beweringen over de groei van grote bomen en de bijdrage daarvan aan de koolstofopslag in bossen. We moeten minder beweren en meer meten aan grote bomen. Het is enorm belangrijk dat we beter kunnen inschatten hoeveel biomassa er in grote bomen zit.’

Journal Club
Het artikel van Zuidema vindt zijn oorsprong in de Journal Club die hij in 2011 in het leven riep. Donderdag om de week buigt een groepje onderzoekers van de leerstoelgroep Forest ecology & management zich over een recent wetenschappelijk artikel. ‘We duiken bijvoorbeeld eens goed in de statistiek van een artikel of bespreken de proefopzet’, licht Zuidema toe. ‘Het is een mooie manier om bij te blijven in je vak’. Voor aio’s is het bovendien goed om kritisch te leren kijken naar publicaties.’ In een van bijeenkomsten stond het Nature-artikel van de Amerikaan N.L. Stephenson uit 2014 centraal, waarin hij beweert dat groei van biomassa van bomen tot het einde toe blijft toenemen. Die bewering riep niet alleen vragen op, maar ook het besef dat ze die vragen op basis van eigen data konden beantwoorden.
   


Re:ageer