Wetenschap - 1 januari 1970

Grootheidswaanzin

Grootheidswaanzin

Grootheidswaanzin


Ik heb niets tegen ondernemers die de gemeenschap door goede werken menen
te moeten dienen. Aan de Rotterdamse havenbaronnen hebben we tenslotte de
Diergaarde, de Kuip, de Hoge Veluwe, de HandelsHogeschool en het museum
Boymans-Van Beuningen te danken. Ondernemers hebben aan de wieg gestaan van
Nyenrode en in onze eigen lichtstad is de bevolking nog steeds dolblij met
de concertzaal of de ontspanningszaal die ze van de oude meneer Philips
toentertijd gekregen hebben. En voor de olifanten, de buffels, de leeuwen
en de neushoorns is het een weldaad dat Fenterer van Vlissingen
tegenwoordig op eigen kosten een wildpark in Zuid-Afrika beheert.
Vreemder wordt het als plaatselijke kruideniers en andere kleine
neringdoenden zich met de stad en ommelanden gaan bemoeien. Zo is
creativiteit niet hun sterkste punt al noemen ze zich ondernemers. Daarom
nemen ze klakkeloos de taal van hun omgeving over. Neem nou Wageningen. Wij
van de universiteit en natuurlijk ook van onze vele researchcentra zijn de
bedenkers van life sciences, van food valley, van boegbeelden, van het
omgevingsbewustzijn, van speerpunten en natuurlijk vooral ook van vivre en
visie. Want als er één instelling met visie in Wageningen is, is het wel
onze eigen universiteit. Wij voelen ons thuis in de arena van het publieke
debat. Wij en de boven ons gestelden halen met gemak de wetenschapsbijlage
van de Volkskrant en de columns van Hans Ree in de NRC. Wij hebben niet te
klagen over gebrek aan belangstelling van de burgerij en de buitenwereld.
Dat willen onze ondernemers ook. Daarom hebben ze het in hun kroeg met onze
plaatselijke notabelen over een science park, over een kennisknooppunt,
over een spoorwegstation en natuurlijk over het driesterrenrestaurant in
oprichting. Maar onze ondernemers komen daar niet mee in de landelijke
ochtendkranten of in het prestigieuze avondblad. Dat zint onze
middenstanders niet, want het steekt dat de universiteit altijd in het
nieuws is. Dat zit niet lekker, dat is niet goed voor het plaatselijke
ondernemersklimaat. Dat streelt het ego van de Wageningse zakenman en de
enkele zakenvrouw niet.
Daarom hebben onze ondernemers een list bedacht om in het nieuws te komen
en de krant te halen. Onze schoenenreuzen en sigarenhandelaren zijn
teruggekeerd naar hun core business, naar het voetbalstadion. Want wat
ondernemers met grootheidswaanzin zoals Scheringa (AZ) en Aalbers (v/h
Vitesse) kunnen, kunnen onze winkeliers natuurlijk ook. Er moest in
Wageningen zo nodig een multifunctioneel voetbalstadion komen. Een stadion
waar ruimte is om hun dozen en kratten op te slaan. Het moest een stadion
worden met skyboxen en met zesduizend zitplaatsen voor het gewone volk en
als klap op de vuurpijl diende in het stadion, en natuurlijk nooit op
zondag, de voetbalclub Bennekom (let wel Bennekom) te gaan spelen. Ze keken
uit naar de openingswedstrijd wedstrijd Bennekom-Manchester United. Er
gingen zelfs geruchten dat manager Ferguson al had toegehapt. Spijtig
genoeg heeft de gemeenteraad het voorstel van ondernemend Wageningen naar
de prullenbak verwezen. Spijtig omdat wij van de WUR het nu nog steeds met
onze eigen toppers moeten doen en het topduel Bennekom-Spakenburg in
Wageningen heel erg zullen missen.

Kees de Hoog

Re:ageer