Wetenschap - 1 januari 1970

Groepshuisvesting beter voor paard

Kleine aanpassingen aan de stallen kunnen het welzijn van paarden aanzienlijk vergroten. Dit bleek tijdens het Equine Delta paardenwinterseminar met het thema 'Paardvriendelijk op stal', op 8 maart bij het Wageningse Departement Dierwetenschappen.

In een volle zaal vertelde dr Machteld van Dierendonck van de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht over de wilde paarden in natuurgebied De Oostvaardersplassen. De paarden hebben hier alle ruimte, eten brandnetelwortels en riet, en lopen een groot deel van de dag. Hoe anders is het leven van het gemiddelde paard in Nederland. Veel paarden moeten genoegen nemen met een box van drie bij drie meter. Van Dierendonck vindt dat te klein. De dieren kunnen duidelijk hun volledige natuurlijke gedragspatroon niet vertonen. 'De tijd dat ze fysiek en sociaal met elkaar bezig zijn, wordt dikwijls vrijwel tot nul gebracht. Ook de tijd dat ze bezig zijn met eten neemt af, met zo'n twintig tot veertig procent.' Daardoor hebben de paarden erg veel tijd 'over'. Verveling en frustratie kunnen dan toeslaan.
Dit alles kan zich uiten in stereotiep gedrag. Dat is een signaal voor de paardenhouder of -fokker dat er iets mis kan zijn met de huisvesting. 'Maar als het paard geen afwijkend gedrag vertoont, hoeft dat nog niet te betekenen dat het paard zich lekker in zijn vel voelt', waarschuwt Van Dierendonck.
'Het is natuurlijk onmogelijk om in Nederland alle paarden te houden in een natuurlijke setting zoals in de Oostvaardersplassen. Maar we kunnen toch een bepaald welzijn waarborgen met vrij eenvoudige maatregelen', zegt dr Kathalijne Visser, werkzaam bij de divisie Veehouderij van de Animal Sciences Group. Als voorbeeld noemt zij de 'loopstal' waarin vier tot twintig paarden worden gehouden zonder individuele hokken, en waarin twee maal per dag stro wordt gebracht. Een andere mogelijkheid is een stal met paardenboxen die voor een deel open zijn, waardoor de paarden elkaar kunnen zien. Sociale interactie is namelijk erg belangrijk voor het paard, stelt Visser.
De stal van de toekomst is er eentje die is ontworpen in Duitsland, denkt de Utrechtse onderzoekster Van Dierendonck. Dit is de 'bewegingsstal' of -weide, waarin paarden in groepen worden gehouden en worden gedwongen om veel te lopen. Dit gebeurt door routes uit te zetten naar voerautomaten waar de dieren – voorzien van band met chip - tot twintig keer per dag een klein maaltje krijgen. Vervolgens kunnen ze slechts één richting op om weer terug te komen in de gezamenlijke bak of weide. Van Dierendonck: 'Zo zag ik in Duitsland paarden die elke keer rondjes renden rond de manege.'
Vanuit de zaal kwam de vraag of het zinvol was om, als paarden door verkeerde huisvesting afwijkend gedrag vertonen, psychotherapie of medicijnen te geven. De onderzoeksters zien daar weinig heil in. Van Dierendonck: 'Dat is symptoombehandeling. Daar kom je er niet mee.' / HB

Re:ageer